Willem-Jan van der Zanden

Willem-Jan van der Zanden is Fractievoorzitter GroenLinks Oosterhout en komt uit Oosterhout


Zij linken naar Willem-Jan van der Zanden

    • Website
    • Feed (actief, valideer)
    • Netwerken:
    • Twittert.
    • Laatste bericht: 26 oktober 2016, 19:03 (394 uur geleden gecheckt)
    • Controle-interval: elke 30 minuten.
    • Twingly blogrank: Twingly BlogRank
    • Blogt over .

    woensdag, 26 oktober 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Najaar Deel 3 (2 oktober 2016)

    In berlijn, dood, duitsland, geschiedenis.

    Tags: 

    Zondag 2 oktober 2016
    Ten westen van Berlijn ligt de Wannsee. In de Wannsee ligt het Pfaueninsel (Nederlands: Pauweneiland). Dit is een eiland van 67 hectare groot en staat sinds 1990 op de Werelderfgoedlijst van de Unesco. Het eiland is alleen te bereiken met behulp van een veerpont.



    Wanneer je met de pond aankomt op het zuidwestelijke deel van het eiland vind je daar een klein gebouwtje waar toegangskaartjes verkocht worden voor het kasteeltje dat zich op dit eiland bevindt. Ook kunnen hier wat souvenirs gekocht worden.



    Op dit gedeelte van het eiland bevindt zich in de buurt van het kasteeltje een rozentuin. Het zuidelijke gedeelte van het eiland is echt ingericht volgens een bepaald ontwerp, terwijl het noordelijke deel uit bomen bestaat en gebruikt wordt en werd voor akkerbouw en veeteelt.



    In de 17de eeuw was op het eiland een konijnenkwekerij gevestigd in opdracht van Frederik Willem I van Brandenburg. Uiteindelijk is het eiland in 1793 gekocht door Frederik Willem II, die er een klein kasteeltje op liet bouwen. Dit kasteeltje is van hout en heeft in totaal zeven kamers.



    Op het kasteeltje is later een gietijzeren brug gebouwd en daardoor helt het geheel nu wat over. Het kasteeltje was bedoeld voor de minnares van Frederik Willem II, Wilhelmine Encke. Hierdoor zou er dan een plek zijn waar hij zijn minnares zou kunnen ontmoeten.



    De kamers in het kasteel, zijn nog in originele toestand met de meubels van destijds. Om de vloeren te beschermen mocht je het kasteel dan ook alleen maar in met speciale sloffen, die je om je schoenen heen moest doen.



    Helaas heeft Frederik Willem II geen gebruik kunnen maken van dit kasteeltje, omdat hij overleed op het moment dat het helemaal af was. De volgende koning is het eiland dan ook gaan gebruiken als zijn zomerverblijf.



    Doordat het kasteel grotendeels van hout is, is het erg onderhoudsgevoelig en op bepaalde plekken was duidelijk te zien dat er flink wat onderhoud nodig was.



    Het kasteeltje bestaat uit twee bouwlagen met nog een tweetal kleine torentjes. Op de eerste verdieping bevindt zich een grotere ruimte, die bijvoorbeeld voor diners gebruikt kon worden.





    Verspreidt over het eiland zijn nog een aantal kleine gebouwen te vinden. Op het noorden van het eiland bevindt zich naast een paardenstal ook een zogenaamde “Meijerij”. Deze werden aan het eind van de 18de eeuw vaak gebouwd door adelijke families om zo als het ware terug naar de natuur te gaan. Ze moesten het eenvoudige leven op het land laten zien.



    Oorspronkelijk was het de bedoeling dat op het middengedeelte van het eiland een menagerie gevestigd zou worden met allerlei dieren. Dit was een idee van Frederik Willem III. In totaal hebben er in deze menagerie rond de 850 dieren gezeten. De troonopvolger van hem, had hier echter weinig behoefte meer aan en al snel werden de aanwezige dieren verplaatst naar de toekomstige dierentuin van Berlijn.



    In de buurt van de “Meijerij” bevinden zich een aantal gebouwen, die op dit moment nog steeds gebruikt worden om dieren te houden.



    In de Meijerij bevindt zich tegenwoordig een museum waar nader ingegaan wordt op de geschiedenis van dit eiland. Het middengedeelte van het eiland was oorspronkelijk vooral bos. Veel van dit bos is gekapt om hier allerlei dieren te kunnen gaan houden.



    In de tijd van Frederik Willem heeft gedurende een aantal jaren de alchemist Johann Kunckel op het eiland gewoond. Hij was vooral actief in het maken van glas. Nadat Frederik Willem overleden was, moest deze alchemist het eiland verlaten en werd zijn werkruimte platgebrand. Bij opgravingen in de jaren ’70 zijn er nog allerlei restanten van dit gebouw en het gemaakte glas teruggevonden.



    Op het westelijke deel van het eiland bevinden zich nog de overblijfselen van een glijbaan waar je met karretjes af kon glijden. Deze glijbaan is gemaakt naar een voorbeeld van een baan in Sint Petersburg. Een replica van een karretje was in de Meijerij te zien.



    Op de bovenste verdieping van de Meijerij bevindt zich verder nog een soort kapelachtige ruimte.



    Nadat Frederik Willem II overleden was, werd het eiland gebruik door zijn opvolger Frederik Willem III. Vooral zijn vrouw Louise kwam graag op dit eiland. Toen zij overleed is er door Frederik Willem III dan ook een speciaal tempeltje gebouwd ter nagedachtenis aan haar.



    Op het oostelijke deel van het eiland is verder nog jachtgebouw te zien. Dit was geen origineel gebouw, maar een gebouw dat vanuit een ander gebied naar het Pfaueninsel verplaatst is.



    Een van de weinige overblijfselen van het feit dat er ook dieren op het eiland geweest zijn, is een voliere, die zich op het midden van het eiland bevindt. Hier worden nu ook nog allerlei vogels gehouden.



    Op het eiland bevindt zich een eenvoudig gebouwtje waar je wat te eten en te drinken kunt halen en dit was ook de enige plek op het eiland waar je daadwerkelijk pauwen kon zien rondlopen.



    Inmiddels was ik weer teruggelopen naar het westelijke deel van het eiland. Rond het middaguur was het helaas wel wat gaan regenen. Op dit westelijke deel van het eiland bevinden zich nog een aantal andere gebouwtjes en ook zijn er nog een aantal fonteinen te zien. Het interessantste deel van het eiland had ik gelukkig wel gezien.



    Rond 1 uur ben ik dan ook weer met de boot teruggegaan naar het vaste land om daar eerst wat te eten en vervolgens weer terug te gaan naar Berlijn.



    In het westen van Berlijn bevindt zich aan de Wannsee de villa waar in 1942 de zogenaamde Wannsee conferentie heeft plaatsgevonden. Tijdens deze conferentie is de beslissing gevallen om de Europese joden naar het oosten te deporteren en te vermoorden.



    De villa is rond 1914-1915 gebouwd voor de zakenman Ernst Marlier. Later is het gebouw in het bezit gekomen van de SS, die er een gastenverblijf van heeft gemaakt. Sinds 1992 is het gebouw in gebruik als herdenkingscentrum en museum. Tot die tijd is het gebouw voor andere zaken gebruikt.



    In het herdenkingscentrum is een tentoonstelling te zien, de laat zien hoe Hitler aan de macht gekomen is in Duitsland en welke antisemitische maatregelen er door de Nazi-regering genomen zijn.



    Bij deze conferentie waren een vijftiental hoge vertegenwoordigers aanwezig van het Duitse Rijk, waaronder Adolf Eichmann, die later door de Israelische geheime dienst gevonden is en in Israël veroordeeld en ter dood gebracht is.



    Pas in 1947 is het verslag van deze conferentie gevonden in het archief van het voormalige ministerie van Buitenlandse Zaken en werd duidelijk dat deze conferentie had plaatsgevonden. Het volledige verslag is te zien in de ruimte waar de conferentie in 1942 ook daadwerkelijk heeft plaatsgevonden.



    Tijdens het proces in 1961 heeft Adolf Eichmann aangegeven dat het verslag van deze conferentie een juiste weergave is van wat er toen gesproken is.



    Het initiatief om van de villa een herdenkingscentrum te maken is gekomen van de historicus Joseph Wulf, die in Auschwitz gevangen heeft gezeten. Joseph Wulf is in 1974 overleden en uiteindelijk is pas in 1988 besloten om van het gebouw een herdenkingscentrum te maken. In een aparte tentoonstelling bij de ingang van de villa wordt op deze geschiedenis ingegaan.



    dinsdag, 25 oktober 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Najaar Deel 2 (1 oktober 2016)

    In berlijn, burgers, ddr, rusland.

    Tags: 

    Zaterdag 1 oktober 2016
    Het terrein is op dit moment eigendom van de deelstaat Brandenbrug. Deze deelstaat heeft een apart bedrijf opgericht om dit terrein te gaan ontwikkelen. Maar meer dan 20 jaar na het vertrek van de Russen staat het overgrote deel van het terrein nog steeds en vervalt steeds verder.



    Gedurende de DDR tijd was dit terrein natuurlijk streng verboden toegang voor normale burgers. Vanuit het “Haus der Offiziere” is het een klein kwartiertje lopen naar een groot aantal andere gebouwen op het terrein.



    Op dit gedeelte van het terrein waren allerlei gebouwen voor de soldaten en hogere officieren. Op dit gedeelte van het terrein waren de gebouwen in een duidelijk slechtere toestand dan bij het “Haus der Offiziere” het geval was.



    Gezien de grootte van het terrein heb ik simpelweg niet alle gebouwen op dit gedeelte (volledig) kunnen bezoeken. Om echt alles goed te kunnen bekijken, heb je gewoon een tweetal dagen nodig.



    Omdat er verder geen bordjes en dergelijke aanwezig zijn, kun je zomaar een gedeelte van een gebouw missen.



    Daarom ben ik aan het eind van de dag nog even terug gegaan naar het “Haus der Offiziere” omdat ik merkte dat ik een deel van het gebouw gewoon over het hoofd gezien had.



    Als je het terrein op komt lopen zie je in eerste instantie een aantal kleinere gebouwen zoals een ruimte voor het plaatsen van auto’s en een paardenstal.



    Ook was er een kelder met bijbehorende sauna waar ik niet naar binnen ben geweest, omdat het slecht toegankelijk was.



    Verder waren hier ook een ruimte voor de opslag van kolen, douches en omkleedkabines en een sauna.



    Zoals aan de foto’s te zien is, zijn bepaalde gedeeltes van de houten zolders gewoon totaal verrot.





    Deze gebouwtjes staan aan de rand van een groot plein. Het plein is nog steeds voor een groot deel geasfalteerd maar tussen het asfalt groeit inmiddels van alles. Van onkruid tot volledige bomen.



    Aan dit plein bevinden zich ook nog een aantal grotere gebouwen, die in een betere toestand zijn. In één van deze gebouwen bevond zich tot 1994 de administratie van het gehele complex.



    Dit gebouw bestaat uit een aantal verdiepingen, die veel op elkaar lijken. Ook de andere gebouwen rondom dit plein vertoonden veel overeenkomsten met elkaar en zagen er vanbinnen niet erg verschillend uit.



    Zoals op de foto’s te zien is, is er al veel kapotgegaan. Verwarmingsbuizen zijn nog te zien, maar de verwarmingen verder zijn weggehaald. Hier en daar waren nog overblijfselen te zien van de Russen.



    Van een oude envelop, tot propagandaplaten, borden met verkeersregels en een kalender uit het jaar (1994) dat de Russen hier vertrokken zijn.





    Aan dit plein staan nog een tweetal andere grote gebouwen, namelijk een kazerne en een gebouw dat dienstdeed als kantine voor de soldaten.



    Het kazernegebouw beschikte in elk geval over voldoende toiletten en badkamers. De toiletten en wasbakken zijn door de Russen niet meegenomen naar Rusland en waren voor een flink deel nog aanwezig. Wel in een zeer slechte toestand natuurlijk.



    Op sommige plekken in het gebouw zat er nog een soort behang op de muren, maar op veel plekken was dat door het vocht van de muur gevallen en lag gewoon op de grond.



    Om het behang vast te maken aan de muren waren vaak oude kranten gebruikt en in een aantal kamers kwamen allerlei oude Pravda’s uit het einde van de jaren ’80 tevoorschijn.





    Aan de andere kant van het kantinegebouw bevond zich ook nog een andere kazerne.



    Ook dit gebouw leek weer erg op de voorgaande gebouwen. Ook hier weer veel achterstallig onderhoud.



    Muren waar het behang van verdwenen was. Allerlei elektrische bedrading hing hier en daar uit de muren.





    Gelukkig stond nergens meer stroom op want anders was het wel erg gevaarlijk geworden.



    Af en toe kwam je ook hier weer een overblijfsel van de Russen tegen zoals een oud logboek of een leeg pakje sigaretten met Russische opschriften.





    Een bijzonder gebouw dat zich op dit gedeelte van het terrein bevond was een theaterzaal. In vergelijking met de theaterzaal in het “Haus der Offiziere” was dit maar een kleine zaal.



    Doordat het erg donker was, zag je eigenlijk vrij weinig en leek dit een van de vele gebouwen die simpelweg vervallen was. Ook hier regende het binnen en bepaalde delen van de bodem waren verrot.



    Bij het maken van foto’s met flitslicht kwam echter een groen beschilderde muur tevoorschijn waarop nog een aantal schilderingen te zien zijn. In de gebouwen waren blijkbaar twee soorten stroom: 220V en 380V.



    Bij allerlei stopcontacten stond nog steeds in het Russisch aangegeven welke spanning hierop stond. Op het theaterpodium van dit gebouw stond nog een bord waaruit bleek dat het theater tot en met 1994 is gebruikt.



    Ondanks dat ik een aantal gebouwen op dit gedeelte van het terrein nog niet vanbinnen had gezien was het inmiddels al kwart voor vier geworden. Het terrein was vandaag open tot vijf uur.



    Omdat ik in het “Haus der Offiziere” nog een aantal dingen wilde zien, ben ik dan ook teruggelopen naar de ingang van het terrein, waar dit gebouw stond. Bepaalde restanten uit het verleden zijn (redelijk) goed bewaard gebleven zoals een relief wat gedeeltelijk nog zichtbaar is, of onderstaande wandschildering.



    In een aantal ruimtes waren wat materialen van de Russen verzameld en bij elkaar gezet.







    Rond half 5 was het tijd om weer terug te lopen naar het station in Wünsdorf zodat ik daar rond vijf uur met de trein weer terug kon naar Berlijn.

    zondag, 23 oktober 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Najaar Deel 1 (1 oktober 2016)

    In berlijn, duitsland, tilburg, tweede wereldoorlog.

    Tags: 

    Vrijdag 30 september 2016
    In april en mei 2016 heb ik op het Sint-Oelbert Gymnasium meegeholpen met het organiseren van een lenteschool. Doordat deze werkzaamheden voor een deel in de vakantie plaatsvonden, had ik nog een aantal compensatiedagen staan. Deze compensatiedagen heb ik gebruikt voor een korte vakantie naar Berlijn. Op vrijdag 30 september ben ik dan ook met de trein naar Berlijn vertrokken.

    Vanuit Breda moet je dan eerst met de trein naar Deventer. Ongeveer een half uur later kun je dan overstappen op de Intercity naar Duitsland. Toevallig had ik in Breda een eerdere trein te pakken. Achteraf heb ik hier veel geluk mee gehad, omdat de trein die ik eigenlijk moest hebben, later in Tilburg ontruimd is vanwege een verdacht pakketje. Uiteindelijk was hier niets mee aan de hand, maar als ik in deze trein gezeten had, was ik waarschijnlijk niet op tijd in Deventer aangekomen om de trein naar Duitsland te halen. Als je met de laatste trein vanuit Nederland via Deventer naar het buitenland gaat, is in Hannover een overstap op de ICE naar Berlijn noodzakelijk om daar rond kwart over 11 aan te komen.

    Zaterdag 1 oktober 2016
    In het dorpje Wünsdorf bevindt zich een groot militair terrein waar tot 1994 de Russische troepen in Duitsland gelegerd waren.



    Wünsdorf ligt op een uurtje reizen met een regionale trein vanaf Berlijn. Vanaf het station Wünsdorf-Waldstadt is het ongeveer een kwartiertje lopen naar de ingang van dit terrein. Het terrein staat 1994 grotendeels leeg. Eén keer per maand is het terrein legaal te bezoeken tegen betaling van een bedrag van € 70.



    Het gaat hier om een enorm terrein met verschillende gebouwen, dat zo groot is, dat het onmogelijk is om in één dag alles te bezoeken. Op deze wat regenachtige zaterdag hadden zich een kleine 40 mensen verzameld om het terrein te bezoeken, waaronder ook enkele Nederlands.



    Na een korte toelichting kreeg iedereen een plattegrond mee en konden we het terrein op. Het bedrijf Go2Know biedt de mogelijkheden om verschillende van dit soort terreinen en gebouwen in Berlijn te bezoeken. Doordat het hele terrein al zo’n 20 jaar leeg staat, zijn de verschillende gebouwen inmiddels behoorlijk vervallen.



    Dit terrein was ook al tijdens het Duitse Keizerrijk en de Tweede Wereldoorlog in gebruik als een militair complex. Als je het terrein oploopt, is het eerste gebouw dat je ziet, het “Haus der Offiziere”. Bij hun vertrek in 1994 hebben de Russen het grootste deel van de spullen meegenomen, maar hebben ze ook een aantal zaken achtergelaten.



    Zo stond ergens in een ruimte ineens een oud apparaat om kleurenfoto’s mee te ontwikkelen.



    Het “Haus der Offiziere” is het grootste gebouw op dit terrein en hierin bevinden zich ook de meeste overblijfselen van de Russen. Zo was er bijvoorbeeld een eigen radiostudio maar ook een groot Diorama, dat zich tegenwoordig in Moskou bevindt.



    Aan de foto’s is te zien dat verlichting in dit gebouw natuurlijk niet meer functioneerde.



    Op allerlei manieren was het verval te zien: verf die afgebladerd was, stukken plafond die naar beneden gekomen waren, kozijnen waarvan het glas kapot of verdwenen was.



    Zo bevindt zich op de begane grond van dit gebouw een grote wandtekening, die ook langzaam aan het verdwijnen is.



    Op de eerste verdieping is een ruimte waar vroeger een gedenkruimte was van het “Museum van Geschiedenis”. Hier werden de gevallen Russische militairen herdacht. De ruimte zelf is bijna volledig verduisterd en foto’s maken kan alleen met flits.



    Dan verschijnen er op de muren verschillende overblijfselen van dit museum.



    Het “Haus der Offiziere” heeft naast het hoofdgebouw nog een tweetal andere gebouwen die vroeger via een verbindingsbrug te bereiken waren. Deze zijn nu niet meer toegankelijk en daardoor moet je buiten langs.



    Eén van deze gebouwen was tot 1945 in gebruik als turnzaal en is sinds 1945 een theaterruimte waar allerlei concerten en voorstellingen gegeven werden voor de Russische soldaten. De theaterzaal is nog volledig intact.



    Je kunt via het podium naar de ruimte achter de theaterzaal lopen. Hier ligt het vol met allerlei rommel die de Russen hebben achtergelaten.



    Voor de theaterzaal is een grote ontvangstruimte te zien. In deze ruimte was wel weer electriciteit aangelegd en ook waren hier werkende toiletten. Dit gedeelte van het gebouw is ook na het vertrek van de Russen nog gebruikt om evenementen te organiseren.



    Hier bevinden zich ook de restanten van de bioscoop voor de Russische soldaten.



    Het andere gebouw dat zich achter het hoofdgebouw bevindt, had een eigen zwembad voor de Russische soldaten. Het zwembad met een diepte tot 3 meter is ook nog goed behouden gebleven.



    Je kunt hier ook doorlopen naar de technische installaties die bij dit zwembad hoorden. Dit gedeelte van het gebouw was behoorlijk vervallen en er waren hier allerlei lekkages in het dak, waardoor de regen naar binnen kwam.



    Je kunt hier ook in de kelders van dit gebouw. Dat heb ik maar overgeslagen omdat het inmiddels al rond de middag was en ik ook de rest van het terrein nog wilde bezoeken. Verder is het daar behoorlijk gevaarlijk omdat er weinig licht is, maar wel allerlei gaten in de vloer zitten.



    vrijdag, 23 september 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Stuttgart 2016 Deel 8 (3 augustus 2016)

    In berlijn, cultuur, duitsland, markt, werk.

    Tags: 

    Tijdens mijn laatste vakantiedag ben ik in Stuttgart gebleven. Eén van de grotere musea is het Kunstmuseum. (http://www.kunstmuseum-stuttgart.de) Dit museum bestaat in de huidige vorm sinds 2005. Voor 2005 was er in Stuttgart een "Galerie van de stad Stuttgart", die als de voorloper van dit museum gezien kan worden. Het Kunstmuseum is gevestigd in een grote glazen kubus, die langs de Königstrasse staat.



    De basis van de verzameling in dit museum is gelegd door Graaf Silvio della Valle, die in 1924 een prive verzameling schilderijen aan het museum schonk. In het museum bevinden zich collecties van schilders zoals Otto Dix (expressionisme, dadaisme, Nieuwe Zakelijkheid en realisme) en Willi Baumeister. Beide personen waren naast schilder of graficus.



    Van Baumeister zijn in dit museum gedurende een half jaar ongeveer 70 werken uitgevoerd op papier te zien. Het museum bezit naast een groot aantal werken van hem ook zijn persoonlijke archief.



    Op de foto hieronder is het werk "Triumph des Todes" van Otto Dix te zien. Dit is een motief dat sinds de middeleeuwen veel voorkomt op schilderijen en door allerlei schilders is uitgebeeld.





    Inclusief de begane grond bestaat het museum uit een viertal verdiepingen. De bovenste drie verdiepingen waren volledig gevuld met het werk van de kunstenares Candice Breitz. De oorspronkelijk uit Zuid-Afrika komende kunstenares leeft nu in Berlijn. Haar kunstwerken bestaan uit foto's en videoinstallaties waarin ingegaan wordt op de rol van de media bij de ontwikkeling van personen en groepen. In veel van haar kunstwerken maakt ze gebruik van de moderne popcultuur. Hieronder is een foto te zien van het " Marilyn Manson Monument". Een soortgelijke foto maar dan als "ABBA Monument" hing hier ook. Ook waren kunstwerken te zien zoals een portret van Bob Marley en een portret van John Lennon (onder de naam Working Class Hero). Veel van deze werken, vooral de videoinstallaties, stonden in donkere ruimtes waardoor het maken van foto's hier niet mogelijk was.



    Een andere videoinstallatie was gewijd aan de inmiddels overleden Amerikaanse zangeres Whitney Houston. Doordat het gebouw van de buitenkant volledig van glas is, heb je een goed uitzicht op dit gedeelte van Stuttgart.



    Nadat ik de ochtend gebruikt heb om het Kunstmuseum van Stuttgart te bezoeken, heb ik in de middag als eerste de "Stauffenberg Erinnerungsstätte". (https://www.hdgbw.de/ausstellungen/stauffenberg/) Dit is een kleine herdenkingsplek voor de gebroeders Stauffenberg. Zij waren betrokken bij de mislukte aanslag op Hitler op 20 juli 1944. Deze aanslag is toen gepleegd door een aantal Duitse officieren. Claus von Stauffenberg was de persoon, die de tas met de bom toen in de buurt van Hitler heeft weggezet. Doordat de tas later verplaatst is, werd Hitler bij het afgaan van de bom slechts licht gewond. Op deze herdenkingsplaats werd ingegaan op het leven van de beide broers en hun rol bij deze aanslag.



    Het laatste museum dat ik deze vakantiedag in Stuttgart heb bezocht is het Lindenmuseum (http://www.lindenmuseum.de). Dit is een groot museum wat volledig gaat over volkerenkunde. Het is een van de grootste musea in Europa op dit gebied en er wordt uitgebreid aandacht besteed aan allerlei soorten volkeren buiten Europa.



    Het museum begint met een grote verzameling voorwerpen uit het Midden-Oosten. Er zijn een aantal kalligrafiën te zien uit de nalatenschap van Annemarie Schimmel. Zij was een Duitse geleerde die veel geschreven heeft over de islam en het soefisme.



    Het museum gaat op het heilige boek van de Islam, de Koran, de feodale stadsculturen en geeft voorbeelden van het leven van boeren en nomaden.



    Ook waren reconstructies gemaakt met behulp van origineel materiaal van betegelingen van muren uit de Middeleeuwse tijd. Verder waren verschillende grafstenen en -zerken te zien.



    Op de foto hieronder is het terras van een huis uit de Pakistaanse plaats, Swat te zien. Het geheel komt uit het einde van de 19de tot het midden van de 20ste eeuw. Er was gebruik gemaakt van originele voorwerpen zoals potten om voedsel in op te slaan, een kooi voor dieren en een houten voorwerp om op te bidden als vervanging van een gebedskleed.



    Met behulp van originele materialen is in dit museum ook een volledige bazaar uit Kholm, dat in het noorden van Afghanistan ligt, nagebouwd. Een bazaar is van oudsher het handelscentrum van een stad. Hier worden goederen verhandeld en kunnen mensen hun inkopen doen. In deze bazaar zijn allerlei verschillende soorten winkels te zien. De bazaar is gebouwd van leem.



    Zoals veel van de musea in Duitsland was alles uitgebreid en goed gedocumenteerd. Musea in Duitsland zijn altijd groot van omvang en je kunt er dus gerust een hele dag ronddwalen als je echt alles wilt zien en lezen. Vaak zijn er ook nog "Audioguides" te krijgen met extra informatie. De foto's die ik hier laat zien, laten dan ook maar een klein gedeelte van dit museum zien.



    In het Afrikaanse gedeelte van het museum was bijvoorbeeld een houtbewerkingsbedrijf uit Kameroen nagebouwd. Er zijn een aantal maskers te zien die in dit bedrijf gemaakt werden. Goede houtsnijders kwamen vaak in dienst van Afrikaanse koningen.



    Wat ook te zien was, was de reconstructie van een Markt uit Noord-Nigeria (Sahel-gebied).



    Op dit soort markten worden goederen zoals textiel, leer, kookspullen, kalebassen, vlechtwerk, keukengerei, papier, schrijfwaren en industrieel gemaakte producten aangeboden.



    In het Indiase gedeelte was een grote collectie van allerlei soorten Boeddhabeelden te zien. Op de foto hieronder staat een grote Boeddha zittend op een troon. De Boeddha is voor boeddhisten het belangrijkste wezen. Om dit te benadrukken wordt hij vaak zittend op een troon afgebeeld.



    In dit museum werden ook een aantal wanddoeken uit allerlei oostelijke landen tentoongesteld.



    Uit Tibet waren een aantal maskers te zien, die gebruikt bij bepaalde religieuze rituelen. In Tibet is er een eigen vorm van boeddhisme. In de klooster van de monniken vinden vaak rituelen plaats die meerdere dagen duren om heiligen te eren en bescherming te vragen voor de plaatselijke gemeenschappen.



    In het laatste deel van het museum kwam de cultuur uit China en Japan aan bod. Er werd een overzicht gegeven van Chinese grafkunst en ook van schilderijen en handwerk. Een Japans theehuis en een traditionele ruimte om in te wonen waren hier ook gereconstrueerd.



    Het Lindenmuseum was het laatste museum dat ik deze dag bezocht heb. Hierna was het tijd om nog wat te gaan eten in Stuttgart. De volgende dag ben ik rond kwart voor tien weer met de trein vertrokken naar Nederland. Waar ik op de heenreis de nodige vertraging had, ging op de terugreis alles gelukkig heel vlotjes.



    donderdag, 22 september 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Heidelberg 2016 Deel 7 (2 augustus 2016)

    In bedrijven, duitsland, geschiedenis, kort, oorlog, tweede wereldoorlog, gemeente.

    Tags: 

    Op dinsdag ben ik een hele dag vanuit Stuttgart op en neer naar Heidelberg gegaan. Heidelberg is een stad met een karakteristieke oude binnenstad. Met de trein ben je vanuit Stuttgart in ongeveer 40 minuten in Heidelberg. Ik ben rond 8 uur vanuit Stuttgart vertrokken en was dan ook rond kwart voor 9 op het Centraal Station van Heidelberg.



    Voor het Centraal Station van Heidelberg staat een gebouwtje van de toeristische dienst van de gemeente Heidelberg. Hier kun je o.a. voor €15 een dagkaart voor het Openbaar Vervoer kopen. Met deze kaart heb je ook toegang tot het Slot van Heidelberg en de "Bergbahn" hier naar toe. (http://www.bergbahn-heidelberg.de)



    Met behulp van de Bergbahn kom je op een soort platform uit, waarmee je een overzicht hebt over de stad Heidelberg. Helaas was het zeker in de ochtend erg regenachtig.



    De Bergbahn bestaat uit een tweetal delen. Een modern eerste deel naar het platform toe en nog een tweede deel met een oudere Bergbahn. Hiervoor is een apart kaartje nodig. Het eerste deel heeft een lengte van ongeveer 500 meter, het tweede deel is iets langer dan 1 kilometer.



    Normaal gesproken heb je vanaf boven een mooi uitzicht over Heidelberg en omgeving, maar vanwege het slechte weer en de bewolking was er nu weinig te zien.



    Boven is er ook nog een klein museum waarin wat verteld wordt over de geschiedenis van de Bergbahn. Vanwege het slechte weer ben ik maar weer snel met de Bergbahn terug gegaan naar beneden.



    Het Slot van Heidelberg was oorspronkelijk de plek waar de keurvorsten van Palts woonden. In de negenjarige oorlog werd dit slot verwoest en sindsdien is het een ruïne. Het paleis is vanuit de stad Heidelberg goed zichtbaar omdat het op een tachtig meter hoge verhoging staat.



    Het regende nog steeds behoorlijk en daardoor was goed te zien dat veel van de bezoekers toeristen waren, die met bussen aangevoerd worden. Grote groepen mensen liepen namelijk met exact dezelfde paraplu's rond. Ik vind het altijd erg prettig om gewoon mijn eigen programma samen te stellen en daarbij die plekken te bezoeken die ik interessant vind en hier ook zo lang of zo kort te kunnen blijven als ik wil.



    Het binnenplein van het slot is bewaard gebleven en ook toegankelijk. Als je hier staat, ziet het slot er nog behoorlijk netjes uit en kun je niet echt goed zien dat er eigenlijk van een ruïne sprake is.



    In een gedeelte van het slot is het Duitse Apotheekmuseum gevestigd (http://www.deutsches-apotheken-museum.de/) Dit museum geeft een overzicht van de geschiedenis van de Duitse apotheken.



    Er wordt gestart bij het allereerste begin toen apothekers nog hun eigen medicijnen maakten tot de huidige tijd waarin de medicijnen door grote bedrijven gemaakt worden en de apothekers ze eigenlijk alleen nog maar verkopen.



    Zo is in het museum een complete Biedermeier apotheek te zien uit de 19de eeuw. De Biedermeier stijl was een vooral huiselijke stijl als reactie op de Empirestijl.



    Op het plaatje hieronder is de materiaalkamer te zien van de stadsapotheek van Mosbach. Hierin werden allerlei kruiden en andere materialen bewaard, die nodig waren om toen medicijnen te maken.



    In een later stadium werd het maken van medicijnen natuurlijk veel meer een machinaal proces waarbij ook allerlei chemische zaken kwamen kijken. De middelen van de apothekers werden toen natuurlijk heel anders, zoals hieronder te zien is.



    In het slot van Heidelberg is tussen 1589 en 1591 een biervat met een inhoud van 127.000 liter aangelegd. Het biervat dat nu te zien is, is het vierde vat dat hier gebouwd is. Dit heeft een inhoud van rond de 220.000 liter en stamt uit 1751.



    Zoals op de onderstaande foto, met uitzicht op Heidelberg te zien is, stond het slot voor een deel in de steigers om gerestaureerd te worden. Bij het slot bevindt zich ook een grote tuin. Omdat het nog steeds regende heb ik besloten deze tuin niet te bezoeken en terug te gaan naar het centrum van Heidelberg zelf.



    De Kornmarkt is één van de pleinen in het oude gedeelte van Heidelberg. In de 13de eeuw stond op deze plek een ziekenhuis. Dit is al lang afgebroken, maar de stenen op het plein geven aan, waar dit gebouw destijds heeft gestaan.



    De Heilige Geestkerk is een protestantse kerk, die zich bevindt aan de Markplatz. Het is de grootste kerk van de stad Heidelberg en gebouwd tussen 1398 en 1515.



    Gedurende meer dan 200 jaar was de kerk door een muur in twee delen verdeeld. Eén deel voor de katholieken en één deel voor de protestanten. Vanaf 1936 is de kerk in zijn geheel protestants. In de kerk bevond zich de beroemde "Bibliotheca Palatina". Het grootste deel hiervan bevindt zich nu in het Vaticaan. Het restant in de bibliotheek van de universiteit van Heidelberg.



    De "Alte Brücke" is een in 1788 gebouwde brug over de rivier de Neckar, die door Heidelberg gaat. Omdat er later nog een andere brug gebouwd is over deze rivier, heet de brug nu de "Alte Brücke".



    Vanaf de brug was duidelijk te zien dat Heidelberg een populaire bestemming is voor busreizen. Allerlei bussen met toeristen reden af en aan.



    Op verschillende plekken langs de brug staan beelden, waaronder een beeld van de bouwer van de brug "Karl Theodor". Toen de brug gebouwd werd, was hij onder andere de keurvorst van dit gebied.



    Dit gedeelte van de stad heeft echt nog het oude karakter en hier zijn dan ook geen moderne gebouwen te vinden, die dit karakter te niet doen.



    De "Karlzplatz" is een ander groot plein in Heidelberg. De plaats is in 1805 ontstaan toen een klooster van de Franciscanen is afgebroken. Midden op het plein staat een vijver uit 1978. Deze is op het plein weggezet nadat hier een ondergrondse parkeergarage is gebouwd.



    In de middag was het weer gelukkig een stuk beter geworden en was het opgehouden met regenen. Hierdoor kon ik toen lekker op mijn gemak wat door het oude gedeelte van Heidelberg rondlopen zonder meteen helemaal nat te worden.



    Een van de grotere musea in Heidelberg is het "Kurpfälzisches Museum" (http://www.museum-heidelberg.de). Fotograferen is hier niet toegestaan. Het museum heeft een uitgebreide collectie archeologische vondsten. Er werd bijvoorbeeld stil gestaan bij de opgegraven op de Karlzplatz in de jaren '70 toen hier de ondergrondse parkeergarage werd aangelegd. Er is een uitgebreide collectie van schilderijen te zien van de Middeleeuwen tot de tegenwoordige tijd. Ook aquarellen en tekeningen worden tentoongesteld. Veel ruimte is ingeruimd voor een uitgebreide geschiedenis van de stad Heidelberg vanaf de 12de eeuw. De textielcollectie van de fabrikant Max Berk is sinds 2002 een onderdeel van dit museum.



    Als je in Heidelberg door de hoofdstraat komt, heb je eigenlijk het grootste deel van de oude stad gezien omdat de meeste bezienswaardigheden en plein aan of vlakbij deze straat liggen. Langs deze straat ligt ook de Providenzkirche. (http://www.providenzkirche.de) Een protestantse kerk, die gebouwd is rond 1660.



    In vergelijking met de rijk versierde katholieke kerken zien deze protestante kerken er altijd vrij sober uit. In de kerk staat onder andere het oudste orgel uit Heidelberg dat behouden is gebleven.



    Vlak in de buurt staat de Peterskirche. Dit is de kerk van de Universiteit van Heidelberg. Het is de oudste kerk van Heidelberg. De kerk is oorspronkelijk als katholieke kerk in de twaalfde eeuw gebouwd en is rond 1690 verwoest tijden de negenjarige oorlog.



    Rond 2004-2005 is de kerk van binnen volledig gerenoveerd.



    In deze buurt bevindt zich ook de Jezuïtenkerk. De kerk is gebouwd in de 18de eeuw en staat aan het Universiteitsplan samen met andere voormalige gebouwen van de Jezuïten.



    Nadat de Jezuïten vertrokken waren is het een katholieke kerk geworden in het protestante Heidelberg.



    Rond half 6 heb ik vervolgens wat gegeten in het centrum van Heidelberg. Vanwege het slechte weer was het overal erg rustig en dan ben je dus snel aan de beurt. Omdat ik pas rond een of negen terug zou gaan richting Stuttgart had ik nog een uur of drie de tijd om in Heidelberg door te brengen. In Heidelberg bevindt zich ook een herdenkingscentrum voor de omgekomen Sinti en Roma tijdens de Tweede Wereldoorlog. (http://www.sintiundroma.de/start.html) Op dinsdagen is dit altijd tot acht uur in de avond open. Dit is de enige plek in Duitsland waar volledig aandacht besteed wordt aan deze groep van vervolgden van de Tweede Wereldoorlog. Dit herdenkingscentrum is gratis te bezoeken en geeft een volledig overzicht van de positie van deze groep tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er wordt ingegaan op de manier waarop Hitler de macht verovert heeft in Duitsland en hoe de vervolging van deze groep heeft plaatsgevonden. In het gebouw bevindt zich onder andere een eeuwig brandende vlam ter nagedachtenis aan de ongeveer 500.000 Sint en Roma die door de nazi's vermoord zijn.



    Daarna was het tijd om weer terug te gaan naar het Centraal Station van Heidelberg om daar rond kwart over negen met de trein terug te gaan naar Stuttgart.



    dinsdag, 20 september 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Innsbruck 2016 Deel 6 (1 augustus 2016)

    In duitsland.

    Tags: 

    Op deze maandag ben ik met de trein vertrokken in de richting van Stuttgart om daar de resterende dagen van mijn vakantie door te brengen. Eén keer per dag vertrekt er rond 9 uur een rechtstreekse trein vanuit Innsbruck naar Stuttgart. Dit is een intercity trein van de Oostenrijkse spoorwegen. Intercity-treinen zijn over het algemeen langzamer en ook minder comfortabel dan de ICE-treinen van de Duitse spoorwegen, maar het is ook wel eens fijn om een treinreis zonder overstappen te hebben.



    Het eerste deel van de route tot aan Feldkirch was hetzelfde zoals ik dat gisteren had afgelegd naar Liechtenstein. Ook nu was de laaghangende bewolking in de bossen weer te zien.



    Vanuit Bregenz rijdt de trein langs de Zwiterse grens in de richting van Duitsland. Een deel van deze route gaat langs de Bodensee, een groot binnenmeer tussen Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland.



    In Friedrichshafen Stadt maakte de trein een wat langere tussenstop. Het spoor tussen Friedrichshafen en Ulm is nog niet geëlektrificeerd. In Friedrichshafen moest de elektrische locomotief dan ook afgekoppeld worden om vervangen te worden door een diesel-locomotief.



    In Ulm vond de omgekeerde procedure plaats en kwam er weer een elektrische motief voor de trein voor de rest van de reis. Dit is een van de weinige grote spoortrajecten die nog niet geëlektrificeerd is in Duitsland.



    Rond een uur of drie kwam de trein op tijd aan in het Centraal Station van Stuttgart. Dit is nog een grote bouwput vanwege het omstreden project Stuttgart 21. Hierbij wordt het Centraal Station van Stuttgart totaal verbouwd en vinden ook allerlei verkeerskundige aanpassingen plaats. Dit bouwplan duurt inmiddels al veel langer dan oorspronkelijk gepland en is natuurlijk ook veel duurder geworden dan gepland.



    Vanwege het mooie weer en het feit dat op maandag in Stuttgart vrijwel alle musea dicht zijn, had ik nog mooi wat tijd om te gaan zwemmen. Stuttgart heeft een groot buitenzwembad in de wijk Untertürkheim met onder andere een 50 meter bad. Hierna heb ik als afsluiting van de dag in het centrum van Stuttgart nog wat gegeten.



    zaterdag, 27 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Liechtenstein 2016 Deel 5 (31 juli 2016)

    In geschiedenis, oorlog, verkiezingen.

    Tags: 

    In Vaduz, de hoofdstad van Liechtenstein, liggen de bezienswaardigheden dicht bij elkaar in een klein stuk van het centrum. Eén van de eerste gebouwen die je dan tegenkomt is het regeringsgebouw van Liechtenstein.



    Meteen hiernaast staat het parlementsgebouw. Hier komt het 25 personen tellende parlement van Liechtenstein regelmatig bij elkaar. De 25 zetels zijn op dit moment verdeeld over een 4-tal partijen, drie conservatieve partijen en 1 liberaal-groene partij.



    Een onderdeel van het "Landesmuseum Liechtenstein" is de Schatzkammer (http://www.landesmuseum.li/default.aspx?TabId=226&language=de-CH). Dit onderdeel is in maart 2015 geopend en laat een klein aantal van de kostbaarheden van de Liechtensteinse koninklijke familie zien. Er zijn een aantal schilderijen te zien van Johann Ludwig Bleuler die de omgeving van de rivier de Rijn op verschillende plaatsen laten zien. De verzameling bestaat verder uit een groot aantal versierde eieren, waaronder een aantal eieren van Fabergé. In dit gedeelte van het museum was het niet toegestaan om foto's te maken.



    Het "Landesmuseum Liechtenstein" is het grootste museum van Liechtenstein en geeft een overzicht van de geschiedenis van het land.(http://www.landesmuseum.li/Home/tabid/38/Default.aspx) Het museum heeft een vaste tentoonstelling en ook een aantal wisseltentoonstellingen.



    Het museum begint met allerlei archeologische vondsten uit het Land Liechtenstein.



    Eén van de wisseltentoonstelling ging over de Duitse Oorlog van 1866. Deze oorlog duurde zeven weken is gevoerd tussen de Duitse Bond aan de ene kant en het koninkrijk Pruisen en Italië aan de andere kant. Liechtenstein was ook betrokken bij deze oorlog. Een onderdeel van de tentoonstelling ging over de militaire veteranenvereniging die naar aanleiding van deze oorlog is opgericht en bestond tot 1939. Toen overleed de laatste veteraan.



    Een andere wisseltentoonstelling bestond uit allerlei foto's maar ook videocollages over hoe buitenstaanders Liechtenstein zien.



    Het museum heeft een uitgebreide collectie van opgezette dieren uit Liechtenstein en omgeving.



    Ook een grote collectie van allerlei soorten opgezette vlinders is te zien.



    In dit museum werd ook duidelijk dat de Liechtenstein ondanks zijn mooie landschappen een natuur heeft die behoorlijk onder druk staat. Doordat er geen goed beleid is op het gebied van ruimtelijke ordening, staat er soms op allerlei plekken lukraak bebouwing wat slecht is voor het eco-systeem van het land.



    Een uitgebreide wisseltentoonstelling ging over de geschiedenis van de Olympische Spelen. Eerst kwamen de Olympische Spelen in het oude Griekenland ter sprake. Daarna werd ingegaan op de moderne Olympische Spelen die vanaf 1896 bestaan en de successen die daarin behaald zijn door sporters uit Liechtenstein.



    Een apart gedeelte van de permanente collectie ging in op de sociale structuur van het land en de volksgebruiken. In Liechtenstein heeft de katholieke kerk altijd een sterke positie gehad en is op dit moment nog steeds de officiële godsdienst. Verder hebben vrouwen in Liechtenstein pas in 1984 stemrecht gekregen. Duidelijk werd gemaakt dat ook in land als Liechtenstein waar iedereen elkaar feitelijk kent, het verenigingsleven onder druk staat.



    Gezien de grote rol van de kerk ontbrak allerlei religieuze kunst natuurlijk niet. Aandacht werd echter ook besteed aan de heksenvervolging na de dertigjarige oorlog. Rond de 300 veroordelingen hebben er tussen 1648 en 1680 plaatsgevonden in Vaduz en Schellenberg, terwijl de bevolking op dat moment bestond uit 3000 a 4000 personen.



    In de onderstaande vitrine is verkiezingsmateriaal te vinden van de vier politieke partijen die aan de laatste verkiezingen van 2013 hebben deelgenomen. In Liechtenstein is er een kiesdrempel van 8% die overwonnen moet worden om in het parlement te komen. De twee grote politieke partijen (Fortschrittliche Bürgerpartei en Vaterländische Union) zijn conservatief. Sinds de jaren '80 bestaat er een groen-liberale partij (Freie Liste) en sinds 2013 ook een rechts-populistische partij (Die Unabhängingen). Alle vier de partijen zijn in het parlement vertegenwoordigd.



    Hieronder in bijvoorbeeld een oude telefooncentrale te vinden waarmee bellers doorverbonden konden worden met het juiste nummer. Dit museum is erg uitgebreid en geeft een goed beeld van de geschiedenis van Liechtenstein. Zo zijn er bijvoorbeeld ook allerlei onderscheidingen te zien die door het vorstenhuis worden uitgereikt en een ouderwets klaslokaal.



    Liechtenstein is in het verleden vooral bekend geworden om zijn absolute bankgeheim, dat inmiddels is opgeheven. Liechtenstein heeft ook behoorlijk wat industrie, die zorgt voor 45% van alle arbeidsplaatsen. In de foto hieronder zijn een aantal producten te zien, die in Liechtenstein gemaakt worden.



    Als een van de laatste dingen in dit museum was een nagebouwde woning van een boer te zien uit het begin van de 19de eeuw.



    In een apart gebouw bevindt zich het Postmuseum van Liechtenstein. (http://landesmuseum.10.advanced.li/Postmuseum/tabid/79/Default.aspx) Dit is ook onderdeel van het "Landesmuseum" maar gratis toegankelijk. Het Postmuseum is een klein museum waar de o.a. volledige postzegelcollectie van Liechtenstein te zien is.



    Naast postzegel, zijn ook brieven met speciale poststempels te zien. Aandacht is er ook voor het gebruik van Oostenrijkse en Zwitserse postzegels in Liechtenstein toen het land nog geen eigen postzegels uitgaf.



    Van verschillende postzegels zijn ontwerpen te zien. Hierbij werden ook ontwerpen getoond van postzegels die niet in circulatie zijn gebracht.



    Op andere onderdelen van de posterijen in Liechtenstein werd ook nog ingegaan. Verder was er nog een winkel waar allerlei soorten postzegels te vinden waren. In het toeristisch informatiepunt van Liechtenstein lagen ook allerlei soorten Liechtensteinse zegels. Een behoorlijke aandacht is er in Liechtenstein voor toeristen uit China. Sommige opschriften in het toeristische informatiepunt waren in het Chinees en postzegels met Chinese motieven waren uitgebreid aanwezig.



    Als laatste heb ik deze middag nog een bezoek gebracht aan de kathedraal van Vaduz. In de buurt van deze kerk staat een standbeeld van Frans Jozef II en zijn vrouw. Hij was vorst van Liechtenstein van 1938 tot 1989. Hij was ook de eerste vorst, die daadwerkelijk in Liechtenstein verbleef. Tot 1938 woonden de Liechtensteinse vorsten in Oostenrijk.



    De kathedraal van Vaduz is gebouwd in 1874. Oorspronkelijk gebouwd als kerk, is het sinds 1997 een kathedraal. Vanaf dit jaar is Vaduz een apart aartsbisdom geworden. Tot dan was Liechtenstein onderdeel van een bisdom in Zwitserland.



    Er zijn in het centrum van Liechtenstein een aantal winkels gericht op toeristen. Ook daar is duidelijk te merken dat Chinezen een belangrijke toeristische doelgroep zijn. In één van de winkels werd zelfs babymelkpoeder verkocht. Onder Chinezen is dit zeer populair omdat een aantal jaar geleden in China een groot schandaal met vervuild babymelkpoeder is geweest.



    Hierna was het tijd om weer terug te gaan met de bus naar Feldkirch. Vanuit Vaduz gaat er een rechtstreekse bus naar het station van Feldkirch. Je bent dan in ongeveer een uur weer terug in Oostenrijk.



    Hier was het wachten op de trein van kwart over zes, die uiteindelijk met ongeveer 20 minuten vertraging aan kwam om weer terug te gaan naar Innsbruck.

    vrijdag, 26 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Liechtenstein 2016 Deel 4 (31 juli 2016)

    In gemeente, geschiedenis, oorlog.

    Tags: 

    Liechtenstein is een klein vorstendom dat ingeklemd ligt tussen Oostenrijk en Zwitersland. Het land heeft een kleine 38.000 inwoners, die verdeeld over 11 gemeenten wonen. Op doordeweekse dagen is Liechtenstein met de trein te bereiken. In het weekend kun je vanuit Innsbruck met de trein naar Feldkirch, een stad in het westen van Oostenrijk.



    Het was nog vrij vroeg in de ochtend en ook behoorlijk vochtig. De treinreis richting Feldkirch ging voor een deel door bergachtig gebied en je kon de laaghangende bewolking dan ook mooi zien vanuit de trein.



    Na een treinreis van ongeveer twee uur kon ik op het station van Feldkirch over stappen op een bus naar Liechtenstein. Liechtenstein heeft een uitgebreid busnetwerk met moderne bussen en verbindingen naar Oostenrijk en Zwitserland. Een bezoek aan Liechtenstein met het openbaar vervoer is dus erg makkelijk te doen.



    Het was de bedoeling om in de ochtend een aantal musea te bezoeken en in de middag een wandeling te maken. Gezien de weersvoorspellingen, het bleek achteraf niet nodig te zijn, heb ik dit maar omgedraaid. Kaartjes kun je in de bus overigens gewoon kopen bij de chauffeur en contant afrekenen. Met een overstap in de gemeente Mauren kwam ik uiteindelijk uit in de gemeente Schellenberg. Liechtenstein heeft nog gewoon een postkantoor in elk dorp met bijbehorende bushalte.



    Liechtenstein heeft een uitgebreid en goed aangegeven netwerk van wandelpaden. Eén van deze wandelpaden is de "Historischer Höhenweg". Dit is een wandelpad in het noorden van Liechtenstein, dat langs een aantal historische plekken gaat. Ik heb een gedeelte van dit wandelpad gelopen.



    Een van de eerste bezienswaardigheden, die ik tegen kwam, zijn de overblijfselen van "Neu Schellenberg". Dit is het restant van een oude burcht, die vanaf het jaar 1200 op deze plek heeft gestaan en in de loop der tijd is uitgebreid. Vanaf het eind van de 17de eeuw is er enkel nog maar een ruine over.



    De ruine is gewoon openbaar toegankelijk en op enkele borden wordt wat nadere informatie gegeven over de geschiedenis ervan.



    Vanuit "Neu Schellenberg" gaat de route verder door een stukje van het dorp Schellenberg. In het noorden van Liechtenstein liggen enkel een aantal kleine dorpen. Op sommige plekken zie je ook een kleine kapel staan.



    Het eerste deel van de route tot "Neu Schellenberg" is een bosgebied, daarna loopt de route voor een gedeelte door het dorp en een open landschap.



    Vanuit het dorp Schellenberg gaat de route nu verder over de Ganteinstein. Dit is een pad dat eerst een stuk door de open ruimte gaat. Op deze manier heb je een mooi uitzicht over de bergachtige omgeving van dit gebied.



    Langs het pad stond ook een monument ter nagedachtenis aan iemand die in 2004 was overleden.



    De wandelroute gaat vervolgens verder het bos in. Dit gedeelte van de route loopt vlak langs de grens met Oostenrijk.

    Op een aantal plaatsen kun je kijken naar het dal waarin onder andere de Oostenrijkse stad Feldkirch ligt. Dit dal was oorspronkelijk een meer dat ontstaan was ten gevolge van het smelten van de laatste gletsjer uit de ijstijd. Ongeveer 200 jaar geleden is het dal drooggelegd om het te kunnen gaan bebouwen.



    Door deze gletsjer is dit dal uiteindelijk ontstaan. Alles was keurig netjes met hekken afgeschermd omdat de helling bijna loodrecht naar beneden gaat.



    Langs het pad stond een monument uit 2006 ter nagedachtenis aan het 200 jaar onafhankelijk zijn van Liechtenstein. In 1806 maakte Liechtenstein zich door middel van de Rijnbondakte los uit het Heilige Roomse Rijk.



    Een overblijfsel uit de tijd van de gletsjer is de onderstaande steen met een gewicht van 15 ton. De steen is van een soort die in Liechtenstein van oorsprong niet voorkomt en moet door de gletsjer vanuit Zwitserland zijn aangevoerd.



    In dit gebied heeft in 1799 de Slag van Feldkirch plaatsgevonden. Dit was het jaar waarin de oorlog, waarbij vooral Frankrijk betrokken was, ook in Liechtenstein terecht kwam. Uiteindelijk is het de Fransen niet gelukt om Feldkirch te bezetten en moesten ze weer terug naar Zwitserland met hun troepen.



    De wandelroute gaat verder langs de grens van Oostenrijk naar het noordelijkste punt van Liechtenstein.



    De route gaat vervolgens verder door het bos en weer terug richting de bewoonde wereld van Liechtenstein.



    Vanuit het bos kom je terecht op een groot stuk vlak land met uitzicht op de bergen en de dorpen, die beneden in het dal liggen. Dit gebied moet jaarlijks gemaaid worden om er voor te zorgen dat het niet vol komt te staan met bomen. Het is nu onderdeel van een natuurbeschermingsgebied.



    Via het pad ben ik teruggelopen naar het dorpje Schellenberg. Het was deze ochtend ongeveer een graad of 17/18 en erg rustig. Tijdens mijn wandeling ben ik maar enkele mensen tegen gekomen. Een erg rustige omgeving om te wonen dus, maar je moet er wel van houden.



    Schellenberg is een klein dorpje met vooral vrijstaande huizen. Er is ook nog een kleine kapel, maar deze was helaas niet geopend.



    Na dit gedeelte ging de route weer verder door een bosgebied om uiteindelijk weer in de buurt van het startpunt uit te komen.



    Naast "Neu Schellenberg" bestaat er ook nog de "Untere Burg Schellenberg. Ten opzichte van de andere burcht is dit de kleinste. Ook deze burcht is sinds de 16de eeuw niet meer bewoond en vervallen en er resteren alleen nog maar restanten.



    Na deze wandeltocht ben ik terug gegaan naar het dorp Schellenberg en ben daar bij de bushalte bij het postkantoor op de bus gestapt in de richting van Vaduz.



    Na één overstap in de gemeente Bendern kwam ik rond 1 uur met de bus aan in de hoofdstad Vaduz.



    donderdag, 25 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Innsbruck 2016 Deel 3 (30 juli 2016)

    In geschiedenis, oorlog, politiek, tweede wereldoorlog.

    Tags: 

    Op de zaterdag ben ik in de stad Innsbruck zelf gebleven. In de buurt van het Centraal Station zijn er een aantal interessante musea en gebouwen, die je kunt bezoeken. Het Ferdinandeum (http://www.tiroler-landesmuseen.at/page.cfm?vpath=haeuser/ferdinandeum/haus), onderdeel van de Tiroler Landesmuseen. Dit museum biedt een overzicht van de geschiedenis van deze streek van 30.000 jaar geleden tot de tegenwoordige tijd.



    In het eerste deel van het museum waren allerlei archeologische vondsten tentoon gesteld. Hier waren voorwerpen uit de steentijd, de bronstijd, de ijzertijd, de Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen te zien.



    Zoals ook in één van de musea in Verona bleek, geven grafstenen vaak belangrijke informatie over een bepaalde tijdsperiode. Hierop staat vaak het beroep van de overleden persoon en ook kan zo informatie verkregen worden over de leeftijdsopbouw van de bevolking en in bepaalde gevallen de doodsoorzaak.



    Op de begane grond van het museum was een wisseltentoonstelling te zien van allerlei portretten uit de tijd van de Renaissance. Een groot aantal schilderijen uit verschillende musea was hier tentoon gesteld.



    Een andere wisseltentoonstelling had als onderwerp "Raus mit der Kunst". Omdat de depots van dit museum vol zitten, wordt er een groot nieuw depot gebouwd. Bij deze wisseltentoonstelling was te zien op welke manier de objecten geconserveerd, geordend en verpakt worden om ze klaar te maken voor het transport.



    Het museum gaat over een zeer grote tijdsperiode. Op de hogere verdiepingen van het gebouw kwamen deze aan bod. Zo is er bijvoorbeeld een groot aantal collectie muziekinstrumenten te zien en allerlei andere voorwerpen uit de tijd van de Middeleeuwen en de barok.



    De bovenste verdiepingen van het gebouw waren ingericht voor kunst uit de tegenwoordige tijd. Op het plaatje hieronder is bijvoorbeeld een collectie van allerlei soorten kunstzinnige lampen te zien.



    In het centrum van Innsbruck is ook de Hofburg te vinden. (http://www.hofburg-innsbruck.at/623/php/index.php) Dit is een voormalig paleis van de Habsburgers. Het paleis is gebouwd in 1460 en in de 18de eeuw volledig verbouwd in de stijl van de rococo. Sinds de val van het keizerrijk in 1918 is het in bezit van de Oostenrijkse staat. Een gedeelte van het gebouw is ingericht als museum.



    Vlak in de buurt van de Hofburg, ligt de Hofkirche. (http://www.tiroler-landesmuseen.at/page.cfm?vpath=haeuser/hofkirche/haus) Deze kerk is in 1553 gebouwd door keizer Ferdinand I. Aangrenzend aan de kerk is een franciscaner klooster.



    In de kerk staat een grote lege tombe van keizer Maximiliaan. Om deze tombe staat een 28-tal grote bronzen beelden. De keizer zelf is bijgezet in de hofkapel van Wiener Neustadt. In deze kerk ligt onder andere Andreas Hofer begraven. Hij heeft in het begin van de 19de eeuw tot driemaal toe een overwinning bepaald op het Franse leger van Napoleon.



    In deze kerk is verder Koningin Christina van Zweden op 3 november 1655 openlijk overgegaan op het katholieke geloof.



    Het gedeelte van de Hofburg dat toegankelijk is bestaat uit de appartementen van de keizer. Via enkele grote trappen kom je uiteindelijk terecht in de kapel van de Hofburg.



    In opdracht van Maria Theresia is de kamer waar Keizer Franz Stephan gestorven is omgebouwd tot een kapel. Bij de kapel behoort een aparte voorkamer en een sacristie.



    Een van de dingen die hier te zien was, was een compleet zilveren huisaltaar uit de 17de eeuw.



    Op de foto hieronder is de "Gardesaal" te zien. In de praktijk diende deze zaal als een wachtruimte voor gasten. In deze zaal zorgden een aantal lijfwachten voor de bewaking. Helaas kon niet overal gefotografeerd worden. De grootste en mooiste zal, is de "Riesensaal". Hiervan is het plafond volledig beschilderd en onder andere de kinderen en kleinkinderen van Maria Theresia zijn hier te zien.



    In de Hofburg was onder andere ook een reconstructie te zien, met originele materialen, van het appartement van Keizerin Elizabeth. Ook konden de voorkamer, de salon en de poederkamer van de keizerin bezichtigd worden. Van de poederkamer is hieronder een foto te zien. Ook was er een apart kamertje voor het hofpersoneel en een grote eetzaal waar de diners gehouden werden. Bepaalde delen van de Hofburg waren vanwege verbouwingswerkzaamheden helaas niet te bezoeken.



    De Jezuitenkerk (http://www.jesuitenkirche-innsbruck.at/?home) uit de 17de eeuw bevindt zich ook in het centrum van Innsbruck. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is de kerk zwaar beschadigd. Na de oorlog is alles weer hersteld en in 1959 heeft de kerk ook een nieuw orgel gekregen.





    Aan de rand van Tirol ligt het "Tirol Panorama". Dit museum bestaat uit een drietal delen. Een onderdeel waarin allerlei zaken te zien zijn met betrekking tot de religie, natuur en politiek van de provincie Tirol. Een tweede deel dat bestaat uit een groot panorama en een derde deel wat ingaat op de geschiedenis van de infanterie van de keizer.



    Zoals op de foto hierboven te zien is, heb je vanuit het museum een mooi overzicht op de stad Innsbruck. Het museum ligt namelijk al enigszins in de bergen waar de stad Innsbruck door omringt wordt.

    Ook in dit museum neemt religieuze kunst weer een behoorlijk deel van de tentoonstelling in beslag.



    Het museum van de keizerlijke infanterietroepen is sinds enkele jaren onderdeel van het Tirol Panorama. Dit onderdeel van het keizerlijke leger is in 1816 opgericht. De keizer stond zelf aan het hoofd van de infanterietroepen. Uiteindelijk was dit onderdeel verdeeld in een viertal regimenten.



    Nadat Oostenrijk-Hongarije de eerste wereldoorlog had verloren, zijn de troepen in 1918 opgeheven omdat ze niet meer nodig waren. Er zijn toen wel verenigingen opgericht om de gedachten aan deze troepen levendig te houden.



    In eerste instantie bestonden deze verenigingen natuurlijk uit soldaten, die in de oorlog een onderdeel waren van dit deel van het leger. Dit soort verenigingen bestaan nu nog steeds om de geschiedenis van deze troepen levend te houden, maar hebben enkel nog maar een ceremonieel nut.



    Het centrale gedeelte van het museum is een groot 360 graden panorama te zien. Dit panorama geeft een scene weer van 13 augustus 1809 uit de oorlog die toen in Tirol woedde. Dit museum dat uit een drietal onderdelen bestaat, geeft op deze manier een goed beeld van de militaire geschiedenis van Tirol.



    Op loopafstand van het museum ligt op de Bergisel een grote skischans. (http://www.bergisel.info/at/index.php) Deze schans is tijdens de Olympische Spelen van 1964 en 1976 gebruikt. Jaarlijks wordt de schans gebruikt als derde wedstrijd van het zogenaamde "Vierschansentoernooi". De tweede wedstrijd (Garmisch-Partenkirchen) is hiervan het in Nederland bekendste toernooi.



    Het stadion bij deze skischans heeft een capaciteit van ongeveer 26.000 personen. Naast een onderdeel van het "Vierschansentoernooi" worden er op deze plek ook nog allerlei andere wedstrijden op skigebied gehouden.



    Met behulp van een soort monorail kun je omhoog naar het platform waarop de skischans zelf staat.



    Zowel vanaf het platform waarop de schans staat als vanaf de schans zelf heb je een mooi uitzicht op de stad Innsbruck en de bergen in de omgeving ervan.



    Met behulp van een lift kun je vervolgens nog verder omhoog naar de schans zelf. De schans zelf heeft een hoogte van 50 meter.



    Inmiddels was het al avond geworden. In de buurt van de Bergisel heb ik nog wat gegeven om vervolgens terug te gaan naar het hotel. Zondag moest ik weer vroeg op staan om met de trein naar Liechtenstein te gaan.



    dinsdag, 23 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Verona 2016 Deel 2 (29 juli 2016)

    In duitsland, geschiedenis, kort, muziek, oorlog, vluchtelingen.

    Tags: 

    Vanuit Innsbruck bestaat de mogelijkheid om redelijk eenvoudig met de trein naar de Italiaanse stad Verona te kunnen reizen. Overdag rijden er enkele EuroCity treinen rechtstreeks via Innsbruck naar Verona toe. Als je 's morgens echter op tijd in Verona wilt zijn, is de enige mogelijkheid om rond half 6 in Innsbruck de S-Bahn te nemen naar Brenner. Dit is een station op de grens van Oostenrijk en Italië. De S-Bahn doet er ongeveer 40 minuten om de afstand tussen Innsbruck en Brenner te overbruggen. Omdat Innsbruck op een hoogte van 600 meter boven zeeniveau ligt en Brenner op een hoogte van bijna 1400 meter, moet de trein ook zo'n 800 meter hoogteverschil overbruggen.



    Aangekomen in Brenner stond de regionale trein naar Verona op het tegenoverliggende spoor al te wachten. Het kopen van treinkaartjes voor Italiaanse treinen kan tegenwoordig gewoon via internet. Vanuit Brenner duurt de rit naar Verona ongeveer drie uur. Het eerste deel van deze rit gaat door de provincie Zuid-Tirol. Dit is een deel van Italië waar overwegend Duits gesproken wordt. Aan de stations is dit ook te zien omdat alle opschriften in het Italiaans en Duits zijn.



    Wanneer de trein door Zuid-Tirol is heengereden worden de opschriften op de stations in het Italiaans en Engels aangegeven. De trein volgt voor een deel dezelfde route als de snelweg van Brenner naar Verona. Deze ligt weer in de buurt van de rivier de Adige.



    In feite rijdt je met de trein door een soort dal heen, tussen de bergen. Op veel plekken langs de route werden druiven verbouwd voor het maken van wijn.



    Rond kwart over 9 kwam de trein keurig netjes op tijd aan op Verona Porta Nuova, het belangrijkste station van de stad Verona. Op het station kun je een zogenaamde "Verona Card" kopen waarmee je de hele dag met het Openbaar Vervoer in Verona kunt reizen en ook gratis toegang hebt tot allerlei musea.



    Het was deze dag erg warm weer en zelf rond 9 uur in de ochtend lag de temperatuur al rond de 30 graden en was het echt drukkend warm. Voor het station Verona Porta Nuova is een busstation waar de stadsbussen stoppen, die naar het centrum van Verona gaan.



    Tegenover het station staat een kerk van de Parochie van het Onbevlekte Hart van Maria. (http://www.tempiovotivoverona.it/) De kerkgebouwen, die ik tegen ben gekomen waren gewoon open en dat zijn fijne plekken om even verkoeling te zoeken tijdens een warme dag.



    Met de bus ben ik vervolgens in de richting van het centrum van Verona vertrokken en uitgestapt in de buurt van de Porta Nuova. Hier in de buurt ligt een park. Ongeveer een jaar geleden is er veel te doen geweest over vluchtelingen die via Italië naar Oostenrijk trokken om zo Duitsland binnen te komen. In Verona was daar nu weinig meer van te werken, hoewel er in dit park blijkbaar nog wel steeds mensen overnachten.



    De "Porta Nuova" is een oude stadspoort die tussen 1532 en 1540 is gebouwd in opdracht van de architect Michelle Sanmicheli. Deze stadspoort staat nu midden op een groot verkeersplein, dat toegang geeft tot het centrum van Verona.



    Via de "Corso Porta Nuova" ben ik richting het centrum van Verona gelopen. In de foto hieronder is nog een beeld te zien dat in het "Piazza Pradaval" staat. Een klein parkje dat langs deze straat ligt.



    Uiteindelijk kom je dan uit bij de Arena van Verona. (http://www.arena.it/) Dit is een amfitheater dat voltooid is in het jaar 30 en dus al bijna 2000 jaar bestaat. Deze arena is te bezoeken. Je kunt door een deel van de gewelven lopen waar wat informatie gegeven wordt over de geschiedenis van dit gebouw.



    De Arena wordt nog steeds als open lucht theater gebruikt voor allerlei voorstellingen. Het gaat hier dan vooral om operavoorstellingen, die hier in de zomer plaatsvinden. In de Arena kunnen ongeveer 22.000 mensen naar een voorstelling kijken.



    Eén van de musea die zich in het centrum van Verona bevindt is het "Museo Lapidario Maffeiano". (http://museomaffeiano.comune.verona.it/nqcontent.cfm?a_id=42707) Dit is een muziek dat bestaat sinds de 18de eeuw. Het museum is opgericht door Francesco Scipione Maffei. Hij was een verzamelaar van allerlei oude archeologische stukken. Deze stukken bevinden zich in het museum zelf en een binnentuin behorend bij het museum.



    De archeologische stukken komen uit de tijd van de Grieken, Romeinen en Etrusken. Op de eerste verdieping bevindt zich een grote collectie van allerlei Griekse graven. Hierdoor is allerlei informatie verkregen over de manier van leven in deze tijd.



    Op de tweede verdieping staan de beelden uit de tijd van de Etrusken, waaronder allerlei urnen. In het museum stonden de ventilatoren hard te draaien om de hitte enigszins te verdrijven.



    In de binnentuin van het gebouw stond een grote collectie voorwerpen die Maffei zelf verzameld heeft. Er was allemaal netjes omschreven om wat voor voorwerpen het ging.



    Het tweede museum dat ik bezocht heb, is het Castelvecchio. (http://museodicastelvecchio.comune.verona.it/nqcontent.cfm?a_id=42545) Dit is een oud kasteel dat in de middeleeuwen dienst deed als militair gebouw van de Scaliger dynastie, die toen over Verona regeerde. In dit kasteel is nu het Castelvecchio museum gevestigd.



    Het museum zelf is geopend in 1923. Als je het museum binnenkomt, kom je eerst langs allerlei kunst uit de tijd van de Romeinen.



    Vanuit dit gebouw heb je ook een mooi zicht op de Castelvecchio brug. Deze brug was gebouwd als ontsnappingsroute. Wanneer er een opstand zou komen, zou de familie op deze manier makkelijk uit dit kasteel kunnen vluchten. De brug ligt over de Adige rivier.



    Naast oude beelden en kunst uit de Romeinse tijd waren in dit gedeelte van het museum ook oude beelden uit de Katholieke tijd te vinden.



    In een ander gedeelte museum was vooral aandacht voor katholieke kunst uit de tijd van de middeleeuwen. Op de foto hieronder is een overzicht te zien van de ruimte waarin deze kunst staat opgesteld.



    Naast schilderijen waren er voorwerpen uit kerken, maar ook muurtegels of delen daarvan te zien.



    Het was ook mogelijk om voor een gedeelte over het dak van dit kasteel te lopen, zodat je een mooi uitzicht had op de binnenplaats van het kasteel, de rivier de Adige en natuurlijk Verona zelf.



    Het laatste gedeelte van het museum bestond uit een afdeling relatief moderne kunst. Hier kwam onder andere kunst uit de Renaissance aan bod.



    Het was inmiddels rond half 1 geworden en na het bezoek aan dit museum ben ik dan ook teruggelopen naar het centrum van Verona om daar op de "Piazza Della Erbe" wat te eten. Voor €14 heb ik daar wat lekkere spaghetti kunnen eten met wat te drinken erbij.



    Zoals op het bovenstaande plaatje te zien is, is de Lamberti toren een toonaangevend bouwwerk op dit plein. De toren is gebouwd in 1172 door de Lamberti familie en is 84 meter hoog. In deze toren zitten een tweetal klokken. Een klok werd gebruikt om het einde van een werkdag aan te geven en als er brand was. De andere bel als er sprake was van oorlog. In de toren is inmiddels een lift gebouwd en vanaf de toren heb je een mooi uitzicht over de stad Verona.



    Een andere bezienswaardigheid in het Centrum van Verona is de "Arche Scaligere". Dit zijn een vijftal graftombes van de Scalinger familie. Deze familie regeerde Verona in de 13de en 14de eeuw.

    Als laatste heb ik deze middag de "San Fermo Maggiore" kerk bezocht. Deze kerk bevindt zich ook in het centrum van de stad Verona. Al in de 8ste eeuw is er op deze plek sprake geweest van een kerkgebouw. In deze kerk was het heerlijk koel en hier ben ik dan ook wat langer gebleven totdat het weer tijd was om terug te gaan naar het station van Verona.



    In de kerk heeft ook enige tijd een tombe gestaan van de Scaliger familie. In de kerk bevond zich ook nog een half ondergrondse ruimte, die je ook kon bezoeken.



    Na het bezoek aan deze kerk ben ik rond 4 uur weer terug gegaan met de bus naar het station Verona Porta Nuova. Rond 5 uur moest ik immers weer terug met de trein naar Innsbruck. Nu was het wel mogelijk om te reizen met een rechtstreekse Eurocity trein. Er was nog wel een latere trein, die terugging richting Oostenrijk, maar daarvoor was er dan weer een overstap nodig in Bozen. Deze was maar kort en wanneer ik die zou missen, zou ik pas rond half 12 thuis zijn.



    Rond kwart over vier was ik weer op het station van Verona en toen was het nog ongeveer drie kwartier wachten op de trein richting Oostenrijk. Een jaar geleden probeerden veel vluchtelingen op deze manier via Oostenrijk naar Duitsland te reizen. Daar was nu niet veel van te merken. Er was wel wat politie aanwezig op het station van Verona en die controleerde eigenlijk alleen maar de mensen met een buitenlands uiterlijk.



    Op het station van Verona was ook een kapelruimte aanwezig. Op een station heb ik dit tot nu toe nog nooit gezien. Deze ruimte was nu echter niet open om te bezoeken.



    De Eurocity kwam vrijwel op tijd. Deze trein wordt overigens niet door de Italiaanse spoorwegen gereden maar is een samenwerking van de Duitse en Oostenrijkse spoorwegen. Ook nu was er weer sprake van controles door de politie, zowel op het Italiaanse als Oostenrijkse gedeelte. Net zoals op het station van Verona waren het steeds mensen met een buitenlands uiterlijk om wiens papieren gevraagd werd. In Brenner stopte de trein langer dan normaal voor deze controles.



    Uiteindelijk kwam de trein keurig netjes rond half 9 aan op het station van Innsbruck om daarna verder te rijden naar München.



    maandag, 22 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Innsbruck 2016 Deel 1 (28 juli 2016)

    In tilburg, duitsland.

    Tags: 

    Tijdens mijn zomervakantie ben ik een aantal dagen naar Innsbruck en Stuttgart geweest. Niet alleen om deze plaatsen zelf te bezoeken, maar ook om wat rond te kijken in de omgeving. Op deze donderdag ben ik dan ook in het begin van de ochtend vertrokken vanaf het station in Tilburg. Na wat Zwitsers geld opgehaald te hebben bij het Grenswisselkantoor voor een bezoek aan Liechtenstein ben ik op de trein gestapt richting Arnhem. Vanwege werkzaamheden reedt deze trein maar tot Nijmegen en moest er daarna met de bus verder gereisd worden richting Arnhem.



    In Arnhem was het vervolgens wachten op de ICE International vanwege Duitsland. Ongeveer een half uur voor vertrek bleek deze niet te rijden vanwege een probleem met de bovenleiding. Van iemand van de NS kregen de reizigers te horen, dat er gewacht moest worden op een bus die deze trein zou vervangen. Deze bus kwam uiteindelijk vrij snel en vertrok slechts 10 minuten later dan de trein zou vertrekken.



    Na een reis van ongeveer anderhalf uur werden we rond kwart over één afgezet voor het Centraal Station in Duisburg. Hierdoor liep het oorspronkelijke reisschema natuurlijk wel in de war. Na een bezoek aan het DB Reisezentrum op het station van Duisburg kreeg ik een alternatieve route waarmee ik ongeveer anderhalf uur later in Innsbruck zou zijn dan oorspronkelijk.



    Vanuit Duisburg kon ik met de ICE verder reizen naar München om daar met een overstaptijd van ongeveer een halfuur op een regionale trein te stappen naar het plaatsje Kufstein in Oostenrijk. Normaal gesproken had ik vanuit München met een andere ICE trein verder kunnen reizen naar Innsbruck.



    Waar de ICE trein maar enkele stations aan doet, stopte deze regionale trein letterlijk bij elk klein stationnetje. In Kufstein ging de reis na een overstap verder met de S-Bahn (een soort lichtrail trein) naar Innsbruck.



    Uiteindelijk kwam ik 's avonds rond half 11 aan op het Centraal Station van Innsbruck. Het hotel bevond zich vlak naast het station. Je kunt er zelfs binnendoor vanuit het station naar toe lopen.



    zaterdag, 20 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Voorjaar Deel 6 (2 mei 2016)

    In berlijn, ddr, duitsland, geschiedenis, politiek.

    Tags: 

    Op deze dag zou ik rond half 3 in de middag weer teruggaan met de trein naar Nederland. Ik gebruik op vakanties de maandag vaak als reisdag. De reden hiervan is dat veel musea in Duitsland op maandag gesloten zijn. Dit is dus een ideale dag om of ergens naar toe te gaan op vakantie, of weer naar huis te gaan, of van de ene naar de andere stad te reizen met de trein. In de ochtend had ik nog voldoende tijd om naar de voormalige Stasi gevangenis in Hohenschönhausen te gaan. (http://www.stiftung-hsh.de/)



    Ik ben hier tijdens een eerdere vakantie al wel eens geweest. De rondleidingen worden gegeven door voormalige gevangenen. Deze gevangenis werd door de Stasi gebruikt om mensen te "verhoren". Sinds enkele jaren is er ook een tentoonstellingsruimte ingericht, die vrij te bezoeken is. De echte gevangenis kun je alleen bezoeken door middel van een rondleiding. Op de tentoonstelling werd ingegaan op de geschiedenis van deze gevangenis.



    Een van de dingen, die hier te zien was, was een overzicht van advocaten ten tijden van de DDR in Berlijn. Processen waren vaak niet eerlijk en ook met de advocatuur was het nodige aan de hand. Op deze lijst komt ook de naam van Gregor Gysi voor. Sinds 1989 is hij in de Duitse politiek actief voor Die Linke en haar voorloper de PDS.



    Zoals in Duitsland altijd het geval is, was het geheel uitermate goed gedocumenteerd en werd de werking van deze gevangenis exact uitgelegd. Ook hooggeplaatste personen, zoals DDR minister van Handel Karl Hamann, die om wat voor reden dan ook in ongenade gevallen waren, konden in deze gevangenis terecht komen. Hieronder is bijvoorbeeld een oude beveiligingscamera met bijbehorende monitor te zien.



    De collectie was buitengewoon uitgebreid. Van oude celdeuren tot materiaal van DDR dissidenten. Officieel was er in de DDR sprake van vrijheid van meningsuiting maar mensen met een andere mening dan de regering werden vaak opgepakt vanwege "Staatsfeindlicher Hetze". Op deze manier kon iedereen willekeurig door de regering gearresteerd worden.



    Ondervragers in deze gevangenis hadden hiervoor een speciale opleiding gehad hoe ze mensen psychisch onder druk konden zetten. Na de val van de muur hebben deze mensen hun universitaire titels op dit gebied gewoon kunnen behouden. Toen het einde van de DDR in zicht kwam is er nog massaal materiaal vernietigd. Zo zijn allerlei dossiers tot pulp vermalen om maar zaken die zich in deze gevangenis hebben voorgedaan te kunnen vernietigen. Uiteindelijk heeft het hoofd van de Stasi, Erich Mielke, na de val van de muur, in zijn eigen gevangenis gevangen gezeten.



    In een ander gedeelte van de tentoonstellingsruimte waren een aantal kamers gereconstrueerd met originele zaken in de stijl van vroeger. Hier bijvoorbeeld de kamer van de "Leiter der Gefängnisabteilung".



    Op de foto hieronder is een collage te zien waarin voor de medewerkers van de Stasi benadrukt werd waarom hun organisatie zou belangrijk was voor de opbouw van het socialisme in de DDR.



    In de tijd dat de gevangenis van de Sovjets was, werden de kelders gebruikt om daar mensen in op te sluiten. Een deel van deze ruimtes is nu ook te bezoeken zonder deel te nemen aan de rondleiding. Omdat ik de rondleiding al eerder heb meegemaakt en ik alleen maar de ochtend had, heb ik uitsluitend het museumgedeelte bezocht.



    Hierna was het tijd om weer terug te gaan naar het Centraal Station van Berlijn. Bij mijn hotel heb ik mijn koffer opgehaald en rond half 2 was ik in de DB Lounge om daar nog wat te kunnen eten en drinken.



    Tijd genoeg om rond half 3 met de trein weer te vertrekken terug naar Nederland.

    vrijdag, 19 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Voorjaar Deel 5 (1 mei 2016)

    In berlijn, cultuur, ddr, duitsland, geschiedenis, muziek.

    Tags: 

    De dag van de arbeid is in Duitsland een nationale feestdag. In Berlijn vinden er dan allerlei activiteiten plaats, die vooral georganiseerd worden, door Sociaal-Democraten, Groenen, vakbonden en andere linkse partijen en organisaties.



    Op zondag zijn er altijd verschillende rommelmarkten in Berlijn. Ik heb daar nog een toepasselijk hoesje gekocht voor mijn iPhone. Een aantal boeken over Berlijn en wat oude medailles en oorkondes uit de voormalige DDR. In de ontvangsthal van het Ostbahnhof was een grote postzegelbeurs. Het stond er vol met allerlei tafels waarop verzamelaars en handelaren hun postzegels verkochten.



    In de wijk Kreuzberg vind elk jaar op 1 mei een groot feest plaats, het zogenaamde Myfest. Kreuzberg is naast Friedrichshain één van de alternatieve wijken van Berlijn. In deze wijk komt het echter ook steeds vaker voor dat woningen opgekocht worden door meer kapitaalkrachtige mensen, de zogenaamde gentrificatie. Hierdoor dreigt het wat meer alternatieve karakter van de wijk wat verloren te gaan. Op het onderstaande spandoek werd hier dan ook tegen gedemonstreerd.



    Op 1 mei is het in Kreuzberg echt heel erg druk. Het Görlitzer Park, dat in deze wijk ligt, was dan ook volledig vol met mensen. Zeker ook vanwege het goede weer.



    1 mei in Berlijn heeft wel wat weg van de sfeer die er in Nederland hangt met koningsdag. Met het grote verschil dat het geheel hier een veel meer alternatief karakter heeft dan in Nederland.



    In de wijk Kreuzberg zelf zijn een aantal straten volledig afgesloten. Hier wordt muziek gemaakt en zijn allerlei standjes te vinden, waar je eten kunt kopen. De wijk heeft een zeer multicultureel karakter en dat is aan het publiek duidelijk te zien.



    Verschillende politieke partijen zoals De Groenen en Die Linke (vergelijkbaar met de Nederlandse SP) waren present. De Groenen zijn in het kiesdistrict waar de wijken Kreuzberg en Friedrichshain in vallen veruit de grootste partij en sturen al sinds 2002 vanuit dit kiesdistrict een direct verkozen parlementslid van de Groenen naar het Duitse Parlement. In Duitsland hebben kiezers naast een partijstem ook de mogelijkheid om op een kandidaat te stemmen. De kandidaat die in een bepaald district de meeste stemmen heeft is dan direct verkozen in het parlement. Deze direct gekozen kandidaten zijn over het merendeel leden van CDU (Christen-democraten) en SPD (Sociaal-democraten).



    Die Linke organiseert in de wijk Kreuzberg een eigen 1 mei feest. Dit bestaat uit een groot aantal kramen van allerlei linkse organisaties. Verder is er ook een programma met muziek en sprekers van deze linkse politieke partij.



    Een aantal van deze organisaties bevinden zich aan de uiterst linkse kant van het politieke spectrum. Hier bijvoorbeeld een spandoek betreffende de ontwikkelingen in Brazilië. Het afzetten van de linkse president Rousseff door de senaat wordt daarop gezien als een staatsgreep.



    Het feest van Die Linke bevindt zich vooral op de Mariannenplatz en het bijbehorende park.



    Organisaties die aanwezig waren, waren bijvoorbeeld "Diem25". Dit is de Europese politieke beweging van de voormalige Griekse minister van Buitenlandse Zaken Yanis Varoufakis.



    De slogans van Die Linke, zoals te zien is op de onderstaande banner zijn buitengewoon duidelijk: "Huren omlaag en lonen omhoog". Dit zijn duidelijke linkse standpunten, die je in Nederland bij geen een politieke partij meer tegenkomt. Ook werd er in een van de standjes reclame gemaakt voor een Marxisme festival dat in mei in Berlijn plaatsvond. Op dit festival spreken dan ook weer verschillende politici van Die Linke.



    Aan de Mariannenplatz staat de Sint-Thomaskerk. (http://www.stthomas-berlin.de/) Deze was gedurende de hele dag geopend. Er was een tentoonstelling te zien van de geschiedenis van de kerk en je kon er eten en drinken kopen.



    Een andere organisatie die aanwezig was, was de Spaanse politieke partij Podemos. Dit is een linkse protestbeweging, die ontstaan is naar aanleiding van de crisis in Spanje. De partij is inmiddels vertegenwoordigd in het Spaanse parlement.



    Wie er ook waren, waren fans uit Berlijn van de Amerikaanse presidentskandidaat Bernie Sanders. In mei 2016 deed hij nog mee aan de voorverkiezingen van de Democratische Partij. Bernie Sanders is een onafhankelijke senator uit Vermont, een kleine staat aan de oostkust. Hij noemt zichzelf een socialist en is ondanks dat in de Verenigde Staten erg populair onder linkse jongeren. Bij de voorverkiezingen heeft hij het uiteindelijk helaas moeten afleggen tegen Hillary Clinton. Bij deze kraam heb ik nog een origineel Berlijn t-shirt van Bernie Sanders gekocht en een mooie button als aandenken.



    Vlak bij de Mariannenplatz bevindt zich het Bethanien gebouw. Dit is een gebouw dat tot 1970 in dienst is geweest als ziekenhuis. Het gebouw is nu een monument en eigendom van de stad Berlijn. In het gebouw is nu een plaats voor allerlei culturele en sociale initiatieven, maar ook voor kunstenaars.



    Op en rond het terrein hiervan hadden zich ook allerlei links-alternatieve organisaties verzameld zoals een club die vroeg om vrijlating van, volgens hen, politieke gevangenen uit het Baskenland.



    Het gebouw van Bethanien was zelf niet te bezoeken op deze zondag. Op doordeweekse dagen kun je het wel bezoeken en is er ook een eetgelegenheid.



    Eén van de gebouwen op het terrein is het "Georg von Rauch Haus". Dit gebouw is eind 1971 bezet en is vernoemd naar de persoon, die bij een politieactie om het leven is gekomen. Inmiddels wordt het gebouw gebruikt voor allerlei zaken op het gebied van jeugd en cultuur en is het geheel gelegaliseerd.



    Op dit deel van het terrein is bijvoorbeeld ook een soort buurttuin te vinden. Allerlei bewoners onderhouden hier een deel van de tuin en zetten daar hun planten weg.



    Op een van de muren van dit terrein was een grote muurschildering te vinden van Andrea Wolf. Een Duitse activiste die zich ophield in kringen van de Rote Armee Fraktion en zich uiteindelijk heeft aangesloten bij de PKK. In 1998 is zij om het leven gekomen bij een actie van het Turkse leger.



    Door wat rond te wandelen in Kreuzberg krijg je op een middag toch een goed beeld van het alternatieve karakter van deze wijk. Zeker dit soort wijken waar je nu juist niet de bekende dingen hebt, waar alle toeristen langsgaan laten duidelijk het unieke karakter van een stad als Berlijn zien. Op het 1 mei feest van Die Linke heb ik ook nog een stukje meegekregen van de toespraak van Gregor Gysi. Hij is lang een van de voormannen van Die Linke geweest. Greger Gysi is advocaat, ook al in de tijd van de DDR, en is een uitermate goede en stevige debater.



    Zeker in het verleden was het in Berlijn op de avond van 1 mei regelmatig onrustig. Dit was vooral het geval bij de optocht van autonomen en krakers. In de loop van de avond werd dan ook de Moritzplatz, waar deze optocht zou beginnen steeds meer afgesloten door de politie. De U-Bahn sloeg bijvoorbeeld een aantal stations in de buurt over.



    Er was een zeer grote hoeveelheid politie op de been om alles in goede banen te leiden. Zelf is mijn tas ook nog doorzocht door een politieagent. De optocht zou rond een uur of zes beginnen, dus ik ben maar op tijd weggegaan omdat ik geen zin had in eventuele ongeregeldheden terecht te komen.



    Na een flink stuk gelopen te hebben omdat de metro op dit stuk geen tussenstops maakte, ben ik in de loop van de avond weer teruggekomen op het Centraal Station van Berlijn. Op dit station staat overigens een schaalmodel van het gebouw wat op de onderstaande foto te zien is.

    donderdag, 18 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Voorjaar Deel 4 (30 april 2016)

    In berlijn, ddr, duitsland.

    Tags: 

    Na een lange dag in Poznan, ben ik de laatste twee dagen rustig in Berlijn gebleven. De oplaadkabel van mijn iPhone en iPad had het inmiddels begeven. En dat is toch erg lastig als je op vakantie bent. Als eerste ben ik dan ook naar de Apple Store in Berlijn gegaan om een nieuwe oplaadkabel te kopen. Voor maar liefst €25 ben ik nu voortaan in het bezit van een originele Apple oplaadkabel voor mijn iPhone. In Berlijn zijn er in het weekend altijd allerlei rommelmarkten waar van alles en nog wat verkocht wordt. Van allerlei huishoudelijke zaken tot oude medailles uit de DDR. Je kunt hier letterlijk van alles vinden. Hieronder is een foto te zien van de rommelmarkt op de Marheinekeplatz.



    Op dit plein is ook een overdekte markthal waar allerlei soorten verse producten (van vlees tot fruit) verkocht worden. Markthallen zoals deze zijn op verschillende plekken in Berlijn te vinden.



    In de middag heb ik een andere rommelmarkt bezocht, die gehouden werd aan de Straat van 17 Juni. Dit soort rommelmarkt zijn altijd interessant omdat je er vaak leuke originele boeken uit Duitsland kunt vinden of oude medailles uit bijvoorbeeld de DDR.



    Het einde van de middag en het begin van de avond heb ik gebruikt om een wandeling te maken door Friedrichshain. Dit is één van de meer alternatieve wijken van Berlijn. Ik ben de wandeling begonnen aan het Ostbahnhof van Berlijn. Als eerste kom je dan langs de East-Side Gallery. Dit is het langste stuk van de Berlijnse muur dat bewaard gebleven is. Aan een kant is dit volledig beschilderd. Naast de East-Side Gallery ligt een stuk braakliggend terrein. Op dit stuk heeft voor een gedeelte nieuwbouw plaatsgevonden waardoor een stuk van de muur afgebroken is. Dit heeft zeker in deze alternatieve wijk van Berlijn tot de nodige ophef gezorgd.



    Vlak hierbij in de buurt ligt de karakteristieke Oberbaumbruecke.



    In de wijk Friedrichshain ligt ook het zogenaamde "RAW-Gelände". Van 1867 tot 1991 was hier het Reichsbahn-Ausbesserungswerk gevestigd. Een onderhoudswerkplaats van de Deutsche Reichsbahn. Na de val van de muur zijn de activiteiten hier stopgezet.



    In 1991 is deze plek gekraakt en inmiddels is hier een hele alternatieve woon- en leefgemeenschap ontstaan. Allerlei kunstenaars uit het alternatieve circuit bieden hier hun kunst te koop aan.



    Op het terrein zijn allerlei alternatieve uitgaangsgelegenheden te vinden. Het terrein bestaat uit oude gebouwen van de Deutsche Reichsbahn. Je kunt vrij op het terrein rondlopen en er zijn ook allerlei alternatieve winkels te vinden waar je bijvoorbeeld tweedehands meubels kunt kopen.



    Wat dan weer wel erg opvallend was, was dat in een van de uitgaansgelegenheden gewoon Heineken geschonken werd. De parasols met het Heineken logo stonden daar gewoon op het terras.



    Zo is er op het terrein bijvoorbeeld ook een klimtoren te vinden.



    En ook een supermarkt voor het kopen van allerlei drank.



    Ook graffiti- en andere straatkunstenaars hebben op dit terrein de mogelijkheid om hun kunsten te laten zien. Op veel van de gebouwen waren dan ook graffiti-tekeningen te vinden.



    Vanuit het RAW-Gelände ben ik verder de wijk in gelopen. Je komt dan verschillende huizen tegen, waarvan de muren volledig beschilderd zijn met politieke leuzen. In het algemeen tegen racisme en het kapitalisme.



    Uiteindelijk kom je dan uit bij de Karl-Marx-Allee. Samen met de Frankfurter Allee is dit een grote straat in Berlijn waar aan weerszijden grote gebouwen staan uit de communistische tijd. Tussen 1949 en 1961 heette deze straat de Stalinallee. Dit was ook de plek waar op 17 juni 1953 de arbeiders in opstand kwamen tegen het DDR-regime.



    Langs deze straat stonden op verschillende plaatsen borden, die een nadere toelichting gaven bij de gebouwen. Veel van de woningen in de flats waarin in de tijd van de DDR erg luxe. In de flats woonden dan ook een flink aantal personen, die in de DDR belangrijke posities hadden.



    Bij een van de flatgebouwen was nog een "eerste steen" te zien, die hier bij de bouw in 1952 gelegd is door Otto Grotewohl. Dit was de eerste minister president van de DDR.



    Door de pompeuze bouw, maakt het geheel een erg kille indruk. Dit was dan ook een groot contrast met het nogal alternatieve en rommelige RAW-Gelände. Dit is tevens ook wat een stad als Berlijn interessant maakt, omdat deze stad uit heel veel verschillende delen bestaat met elk een totaal andere sfeer.



    En natuurlijk zat er ook een boekhandel in deze straat, die hoe kan het ook anders, de Karl Marx boekhandel heet.



    In Berlijn zijn er een groot aantal parken. Veel bebouwing in Berlijn bestaat uit flats of huizen waar op de verschillende verdiepingen appartementen zijn gemaakt. Deze inwoners gebruiken de parken dan ook als een soort tuin. Zeker als het mooi weer is, kan het hier behoorlijk druk zijn.



    In één van deze parken (Volkspark Hasenheide) vond deze dagen een grote kermis plaats. Alles wat je in Nederland op een kermis kunt zien, was daar ook terug te zien.



    De kermisexploitanten uit Nederland waren makkelijk te herkennen, want niet altijd hadden ze hun teksten in het Duits vertaald. De borden met de Nederlandse tekst waren dan gewoon opgehangen.



    Ik vond het zelf een erg grote kermis, waar het ook behoorlijk druk was. Deze kermis maakt onderdeel uit van de "Neuköllner Maientage". Een feest dat ongeveer een maand duurt en ook nog allerlei andere activiteiten omvat, zoals een talentenjacht.



    woensdag, 17 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Voorjaar Deel 3 (29 april 2016)

    In poster, kort, berlijn, duitsland, geschiedenis, tweede wereldoorlog, oorlog, rusland.

    Tags: 

    Tijdens mijn vakantie in het voorjaar van 2011 ben ik al eerder een dag vanuit Berlijn naar Poznan geweest, een grote stad in het westen van Polen. Met de Berlin-Warszawa Express ben je vanuit Berlijn in ongeveer drie uur in Poznan. Met de trein van half 7 kom je dan aan rond half 10. Na vijf jaar vond ik het tijd om vanuit Berlijn opnieuw een keer een dagje naar Poznan te gaan.



    De trein kwam rond half 10 dan ook zonder vertraging aan op het Centraal Station van Poznan. In 2012 is in Poznan het Europees kampioenschap voetbal geweest. Ter gelegenheid hiervan is er een volledig nieuw Centraal Station gebouwd met bijbehorend winkelcentrum.



    De verandering t.o.v. 5 jaar geleden was dan ook totaal. In Poznan kun je op het station, maar ook op andere plaatsen, een speciale PoznanCard kopen waarmee je met het Openbaar Vervoer in Poznan kunt reizen. Daarnaast heb je ook gratis toegang tot allerlei musea.



    Het station uit 2011 dat nog uit de communistische tijd stamde en dus vooral bestond uit grijs beton staat nog gewoon naast het nieuwe station en wordt op dit moment niet gebruikt.



    Het nieuwgebouwde winkelcentrum doet erg westers aan en hierdoor heb je niet het idee dat je in een Oost-Europees land bent.



    Het was even zoeken naar de goede plek waar de stadsbussen van Poznan vertrekken en dat was aan de voorzijde van het nieuw gebouwde winkelcentrum.



    Als eerste stond een bezoek aan het Citadelpark op het programma. Hier zijn een tweetal musea gevestigd in een overblijfsel van een oud fort. In dit park liggen ook een aantal oorlogsgraven.



    Op het onderstaande plaatje zijn bijvoorbeeld de Russische oorlogsgraven te zien. In dit park liggen ook Commonwealth graven uit de Eerste Wereldoorlog.



    Een van de monumenten had de jaartallen 1939 en 1956. 1939 is hierbij het jaar waarin de Duitsers en Russen Polen binnenvielen. 1956 is het jaar van de opstand tegen het Communistische Regime.



    Eén van de twee musea die zich hier bevindt is het Wapenmuseum (http://wmn.poznan.pl/). Dit museum bestaat uit een collectie wapens en andere militaire spullen die te maken hebben met Polen.



    Zoals hieronder te zien is, lagen er in dit museum allerlei soorten militaire spullen uitgestald. Van rugzakken met militaire bepakking tot allerlei soorten wapens en holsters om pistolen in op te bergen.



    Ook spullen van geestelijken bij het leger waren te zien. Aanacht was er ook voor de Tweede Wereldoorlog. In het klein waren wat zaken uit deze oorlog nagebouwd en waren spullen van de beide legers te zien.



    Op het buitenterrein van het museum waren allerlei oude militaire voertuigen maar ook helikopters enigszins lukraak weggezet.



    Daarna ben ik verder het Citadelpark ingelopen. Dit is een heel groot park met veel grasvelden en looppaden waar het in de zomer ongetwijfeld erg druk zal zijn. Deze ochtend was het er ondanks het mooie weer erg rustig.



    In het park zijn verschillende kunstwerken te zien. Een van de grotere kunstwerken zijn de figuren zonder hoofd. Dit zijn 112 beelden van 2 meter hoog, die weggezet zijn ter gelegenheid van het 750-jarig bestaan van de stad Poznan in 2002.



    Zoals op de onderstaande foto te zien is, bestaat een behoorlijk deel van het park uit gras. Hierdoor lopen verschillende paden waarop allerlei hardlooproutes waren uitgezet.



    Een van de blikvangers in het park is de "The Bell of Peace and Friendship Among Nations". Deze is in 1986 in het park geplaatst en wordt geluid op dagen zoals de Poolse bevrijdingsdag.



    Na rond het middaguur wat gegeten te hebben in een restaurant in het Citadelpark ben ik doorgelopen naar het legermuseum. Dit bevindt zich in een ander overblijfsel van het oude fort.



    Het museum is feitelijk één gang die is overgebleven van het fort. Ook hier was er allerlei militair materiaal te zien dat tentoongesteld werd. Ook werden bepaalde historische gebeurtenissen kort belicht. Ook hier waren helaas niet alle opschriften naast het Pools in bv. het Engels of het Duits waardoor je toch het nodige mist.



    Inmiddels was het middag geworden en ben ik weer meer richting het Centrum van de stad Poznan gegaan. Eén van de monumenten die ik daar tegenkwam was het futuristisch aandoende monument voor het Poolse leger.



    Naast dit oorlogsmonument ligt een begraafplaats waarop allerlei bekende polen begraven zijn.



    In Poznan heeft in 1956 een grote opstand plaatsgevonden tegen het communistische regime. Een speciaal museum besteed aandacht aan deze opstand. In de buurt hiervan bevindt zich ook een monument ter nagedachtenis aan deze opstand. Het jaar 1956 staat hier in het groot op. Andere jaren waarin er ook opstanden zijn geweest in Polen of andere communistische landen worden kleiner vermeld.



    Het museum zelf is te herkennen aan de letters 1956 die groots bij de ingang staan.



    Het museum ging niet alleen in op de opstand van 1956 zelf, maar liet bijvoorbeeld ook zien hoe een gemiddeld Pools gezin in deze periode leefde. Er werd veel gebruik gemaakt van beeldmateriaal uit deze tijd, zoals een foto van het bezette gebouw van de communistische partij in Poznan.



    Originele zaken uit 1956 die te zien waren, waren o.a. materiaal om radiosignalen uit het westen te verstoren en een in die periode gebruikte tank.



    Er was ook een ruimte waarin allerlei propagandaposters uit de communistische tijd te zien waren. Een tweetal voorbeelden hiervan zijn de onderstaande poster over Wallstreet. Een poster die je eigenlijk vandaag nog steeds zou kunnen gebruiken.



    Een andere propagandaposter ging over het Joegoslavië van Tito. Omdat Tito ook contacten met Westerse landen en de Amerikanen had, werd er over hem in het Oostblok nogal negatief gedacht.



    Inmiddels was het al wat later op de middag geworden en ben ik teruggegaan naar het Centrum van Poznan. Dit is een soort oud stadsplein waar ook een aantal musea te vinden zijn. Het legermuseum is één van deze musea. Dit museum liet een groot aantal schaalmodellen zien van allerlei soorten vliegtuigen.



    Ook was een historische veldslag uit de Poolse geschiedenis in het klein nagemaakt.



    Op de tweede verdieping van het museum waren allerlei militaire zaken te zien. Van legeruniformen tot vaandels en allerlei oude uniformen en wapens.





    Een ander museum dat zich bevindt op het centrale plein van Poznan is het museum over de opstand van 1918 en 1919. Polen was tot dan toe een onderdeel van Rusland. Uiteindelijk is Polen na afloop van de Eerste Wereld en een opstand onafhankelijk geworden.



    Na een kort bezoekje aan een kerk in de buurt van het Centrum van Poznan heb ik nog wat gegeten in een restaurant in de buurt. Normaal ga ik altijd rond een uur of 6 weer met de trein terug naar Breda, maar vanuit Poznan gaat er pas rond half 9 weer een trein naar Breda. Gelukkig zijn op vrijdag enkele musea ook in het begin van de avond open.



    Het laatste museum dat ik deze dag bezocht heb, is het historisch museum van Poznan. (http://www.mnp.art.pl/oddzialy/muzeum-historii-miasta-poznania/) In dit museum wordt een overzicht gegeven van de geschiedenis van de stad Poznan. Hieronder zijn bijvoorbeeld schijven te zien, die gebruikt werden bij schietoefeningen.



    Natuurlijk waren ook in dit museum restanten te zien van oude gebouwen, die bij opgravingen gevonden zijn.



    Hoewel de musea in Polen over het algemeen kleiner zijn dan in Duitsland was er een groot aantal zaken uit de geschiedenis van Poznan te zien. Van oude opgegraven munten tot portretten van voormalige inwoners van Poznan.



    In het museum was ook een soort kapelachtige ruimte waarin allerlei religieuze beelden stonden.





    Op de bovenste verdieping van het museum was een verzameling van foto's te zien die de geschiedenis van Poznan liet zien. Op de onderstaande foto is een deel van een optocht te zien in het communistische Polen.



    Inmiddels was het zo rond half 8 geworden en was het tijd om terug te gaan naar het Centraal Station van Poznan. Hier is de voorkant van het winkelcentrum te zien, dat onderdeel is van dit station.



    Vervolgens was het wachten op de trein richting Berlijn, die met ongeveer 15 minuten uit Warschau aan kwam op het station van Poznan.



    Uiteindelijk was ik rond kwart voor twaalf weer terug op het Centraal Station van Berlijn met een vertraging van ongeveer 25 minuten.



    dinsdag, 16 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Voorjaar Deel 2 (28 april 2016)

    In berlijn, duitsland, geschiedenis, tweede wereldoorlog, dood, oorlog.

    Tags: 

    Op de eerste vakantiedag stond een bezoek aan Stettin op de planning. Dit is een stap in het noorden van Polen net voorbij de grens. Ik had deze stad al tijdens een van mijn voorgaande reizen naar Berlijn willen bezoeken, maar het was er steeds niet van gekomen. Vanuit het station Berlijn Gesundbrunnen kun je rond 8 uur met een rechtstreekse regionale trein vertrekken naar Stettin. Deze trein doet er ruim anderhalf uur over om in Stettin aan te komen, zodat je hier net voor tien uur bent.



    Het Centraal Station van Stettin werd op dit moment net totaal vernieuwd en was bijna af. Er was daarom een provisorisch Centraal Station gemaakt en de belangrijkste voorzieningen waren verplaatst naar een gebouw in de buurt. In Berlijn zijn er voor €20 speciale treinkaartjes te koop waarmee je op en neer naar Stettin kunt en ook gebruik kunt maken van het Openbaar Vervoer binnen Stettin.



    Na het wisselen van wat Euro's tegen Zloty's ben ik begonnen met een wandeling door Stettin. Een van de eerste oude gebouwen, die ik tegen kwam was het Rode gemeentehuis. Tegenwoordig zit hier een onderdeel van de marine.



    Stettin dat tot 1945 bij Duitsland behoorde is in de oorlog zwaar gebombardeerd. Van de oude stad Stettin is daarom weinig meer over. Hierdoor wordt het stadsbeeld vooral gedomineerd door gebouwen uit de communistische tijd, die vaak troosteloos aan doen.



    Eén van de overblijfselen uit het oude Stettin is de havenpoort. Deze is gebouwd tussen 1724 en 1740 en maakt aanvankelijk deel uit van de stadsmuren van Stettin. Deze stadsmuren zijn in 1877 afgebroken.



    Hier in de buurt stond een monument van de Poolse dichter Kornel Ujejski uit de 19de eeuw die in zijn gedichten de Polen ondersteunde in hun streven naar onafhankelijkheid.



    Eén van de vele kerken in Stettin is de "Most Holy Heart Of Lord Jesus Church", maar deze kerk was helaas niet open om te bezoeken.



    In het park hierbij in de buurt was een monument te vinden ter nagedachtenis aan de gevallenen in Polen tijdens de Tweede Wereldoorlog.



    De Jacobuskathedraal (http://www.katedra.szczecin.pl/) was één van de kerken, die wel te bezoeken was. De bouw van deze kerk is gestart in de 13de eeuw en heeft geduurd tot de 15de eeuw.



    In 1944 is de kerk door een bombardement zwaar beschadigd. Pas in de jaren '70 heeft de herbouw van deze kerk plaatsgevonden.



    Zoals gebruikelijk was er ook in deze kerk een beeld te zien van de Poolse paus Johannes Paulus de Tweede.



    Dit soort plekken zijn ook in grote steden altijd behoorlijk rustig omdat ze meestal niet echt door de toeristen gevonden worden.



    Het monument op dit kruispunt staat er ter nagedachtenis aan de opstand van december 1970 in Polen. Doordat de prijzen van levensmiddelen toen plotseling behoorlijk verhoogd werden door de regering brak o.a. in Stettin een opstand uit, die na een aantal dagen werd neergeslagen.



    In Stettin is ook een kleine orthodoxe kerk te vinden. Op het moment dat ik er was, was er net een viering aan de gang en daarom was deze kerk niet toegankelijk.



    Een standbeeld van Hendrik de Vrome (of Hendrik van Silezie) kon in Stettin natuurlijk niet ontbreken. Hij regeerde van 1238 tot zijn dood in 1241.



    Teruglopend in de richting van de Oder, de rivier die Stettin doorkruist, kom je in de buurt van het Nationaal Museum nog een andere oude stadspoort tegen.



    Vlak naast de rivier de Oder is het Nationaal Museum gevestigd. (http://muzeum.szczecin.pl/en/about/seats/the-national-museum-in-szczecin.html">) Dit is het grootste museum in Stettin en is gevestigd in een aantal gebouwen verdeeld over de stad.



    Eén van de onderdelen van het museum bestond uit oude religieuze beelden uit de Middeleeuwen. Deze stonden opgesteld in een tijdelijke ruimte omdat bepaalde delen van het museum verbouwd werden.



    Naast de vaste tentoonstellingen was er ook een tijdelijke expositie. Deze bestond uit portretten waarin vrouwen gefotografeerd waren als historische personen, zoals bijvoorbeeld de vrouw van de Roemeense dictator Ceausescu.



    In het museum is daarnaast ook een grote verzameling Afrikaanse kunst te vinden.





    Eén van de andere kerken in Stettin is de Petrus en Paulus kathedraal. Ook deze kerk was helaas niet open, zodat ik hem niet kon bezoeken.



    Een van de bezienswaardigheden van Stettin is het Slot van Stettin. Dit is de voormalige residentie van de hertogen van Pommeren. Dit slot werd echter flink opgeknapt waardoor het maar zeer beperkt toegankelijk was. Doordat er eigenlijk niets was aangegeven, was het totaal niet duidelijk om welk deel dat nu ging.



    Een onderdeel van het Nationaal Museum is het Stadsmuseum waarin de geschiedenis van de stad Stettin wordt voorgesteld. (
    http://muzeum.szczecin.pl/en/about/seats/the-national-museum-in-szczecin-the-szczecin-history-museum.html)



    In het museum komt de geschiedenis van Stettin aan bod vanaf de allereerste opgravingen tot aan de hedendaagse geschiedenis. Net zoals in het eerder bezochte deel van het Nationaal Museum was slechts een gedeelte van de teksten in het Engels.



    Het museum was verdeeld over de verschillende verdiepingen van het gebouw. Zo kwam de tijd dat Stettin Duits was aan bod en was er ook veel aandacht voor de periode na 1945 toen de communisten in Polen aan de macht kwamen.



    Stettin is een stad die zich prima leent voor een dagtrip vanuit Berlijn, maar is geen stad om er meerdere dagen te verblijven. Een echt oud centrum is er niet. Er staan veel gebouwen uit de communistische tijd en ook moderne winkelcentra zijn er inmiddels te vinden.



    Een historisch interessante plek om te bezoeken is de centrale begraafplaats van Stettin. Deze bevindt zich buiten het centrum maar met het openbaar vervoer kun je daar vrij makkelijk komen. De begraafplaats heeft de status van een nationaal monument in Polen.



    De begraafplaats is buitengewoon uitgebreid en je zou er vele uren voor nodig hebben om hem helemaal te bezoeken. Op de begraafplaats zijn allerlei gedenktekens en historisch interessante zaken te vinden. Hieronder een monument ter nagedachtenis aan 1918.



    Gezien het verleden zijn er op deze begraafplaats nog een flink aantal Duitse graven te zien. Er was weliswaar een looproute langs de belangrijkste bezienswaardigheden, maar na een aantal bordjes was er nergens meer te zien welke kant je nu eigenlijk uit moest.



    Een van de blikvangers van de begraafplaats is een grote fontein.



    Op het terrein van de begraafplaats bevindt zich verder ook een eigen kerk.



    In feite is de begraafplaats een groot park in het centrum van de stad waar ook prachtige natuur te vinden is.



    Een van de monument is het "Monument of Brothers in Arms" uit 1967.



    Een ander monument is ter nagedachtenis aan alle zeelieden die niet meer zijn teruggekomen. Het is in 1989 geplaatst op dit kerkhof.



    Een groot kruis herinnert aan de gebeurtenissen in Katyn in 1940. Hier heeft in april en mei 1940 een groot bloedbad plaats. Dit bloedbad bleek aangericht te zijn door de Sovjet-Unie om het mogelijk verzet tegen het communisme te breken.



    Ook was er op deze begraafplaats een monument ter herinnering aan de opstand in 1956.



    Daarna was het tijd om met de bus weer terug te gaan naar het centraal station van Stettin. Rond vijf voor half 7 vertrok daar de trein naar Duitsland. Met een overstap in Angermünde was ik rond half 9 weer terug in Berlijn.

    maandag, 15 augustus 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2016 Voorjaar Deel 1 (27 april 2016)

    In amsterdam, boek, rotterdam, berlijn, duitsland.

    Tags: 

    In de meivakantie ben ik weer een aantal dagen naar Berlijn toegeweest, met uitstapjes naar Stettin en Poznan in Polen. De heenreis ging zoals altijd met de trein. Deze keer niet met de Intercity Berlijn vanuit Deventer, maar via de zuidelijke route bij Venlo. Na een overstap op de regionale trein naar Duitsland, kon ik vanuit Düsseldorf verder reizen met de ICE naar Berlijn om daar rond 4 uur aan te komen. Als je in Duitsland eerste klas reist (en dat is helemaal niet duur als je je kaartjes op tijd bestelt), kun je op verschillende stations zonder verdere kosten gebruik maken van de DB lounges (vergelijkbaar met de NS International Lounges in Amsterdam, Rotterdam en Schiphol). Dat is erg handig bij een overstap op een groter station, die wat langer duurt of na het einde van een lange treinreis.



    Na al mijn spullen naar het hotel gebracht te hebben, stond er in de avond een bezoek op het programma aan het "Deutsches Theater". Het theater heeft een drietal zalen, waaronder een kleine zaal met 230 plaatsen voor zogenaamde "Kammerspiele". Deze avond werd daar het stuk "Das Feuerschiff" opgevoerd naar een boek van Siegfried Lenz. Dit toneelstuk duurde ongeveer 75 minuten. Doordat één van de acteurs ziek geworden was, werd deze door een andere acteur vervangen, die hierdoor wel met papieren met daarop de tekst op het toneel liep.



    Bij het "Deutsches Theater" zit een restaurant waar je ook wat kunt eten voor de voorstelling. Meer mensen, die hier vanavond naar een stuk gingen kijken, hadden voor deze combinatie gekozen. Het duurde echter wel behoorlijk lang voor het bestelde eten kwam waardoor verschillende mensen toch enigszins onrustig begonnen te vragen, hoe lang het nu allemaal nog duurde. Uiteindelijk kwam het allemaal nog op tijd goed, maar was het toch wel flink doorwerken met het eten. De voorstelling die om 8 uur begon was zo rond kwart over 9 weer afgelopen. Dat was een mooi tijdstip omdat ik de volgende dag met de trein naar Stettin (Polen) zou gaan.

    dinsdag, 14 juni 2016

    Terugblik op vergadering Gemeenteraad Oosterhout 13 juni 2016

    In d66, gemeente, gemeenteraad, groenlinks, pvda.

    Tags: 

    Op maandagavond heeft de gemeenteraad in eerste termijn gesproken over de Jaarrekening 2015 en de Perspectiefnota 2017. De partijen spraken op volgorde van grootte over de perspectiefnota. Allereerst kwamen de vier coalitiepartijen aan het woord, die in grote lijnen aangaven de Perspectiefnota prima te vinden en met enkele moties en amendementen kwamen. Vanuit de oppositiepartijen kwamen er vragen om bepaalde zaken te verduidelijken.

    De eerste oppositiepartij die aan het woord kwam was het GBV. Na hun bijdrage werd het GBV bijzonder kritisch ondervraagd door de coalitiepartijen omdat ze volgens de coalitie niet aangaven wat ze nu eigenlijk wilden. Hierna volgende de bijdragen van de andere oppositiepartijen: D66, GroenLinks, PvdA en GroenBrabant. De partijen kwamen met concrete punten en dienden een aantal moties en amendementen in. De coalitiepartijen zwegen op één enkele vraag na aan Anton van Opzeeland (PvdA)

    Een raadslid van de coalitie gaf na de vergadering op Twitter aan dat de bijdragen van de oppositiepartijen (behalve GBV) duidelijk waren en dat er daarom geen vragen waren. Ook had dit raadslid het optreden van de coalitie als positief ervaren (met de bijbehorende hastag ‪#‎eensgezind‬)

    Het gevolg was dat de verbinding, waar de coalitiepartijen het in hun eerste termijn op maandagavond over hadden in het kader van Verbindend Bestuur niet van de grond kwam. De oppositiepartijen die met voorstellen kwamen, liepen tegen een muur van zwijgen op

    In juli wordt de nota over Verbindend Bestuur in de gemeenteraad behandeld. Deze nota van het College gaat vooral over de relatie tussen de gemeente en de Oosterhouters. Als raad zullen we in het kader van Verbindend Bestuur echter ook met elkaar in discussie moeten. Want wat voor raad willen we nu eigenlijk zijn? De vergadering van afgelopen maandag heeft in elk geval voldoende stof tot nadenken opgeleverd.

    maandag, 13 juni 2016

    Oosterhoutse politieke bingokaart

    In gemeenteraad.

    Tags: 

    Met deze Oosterhoutse politieke bingokaart zijn de vergaderingen van de Oosterhoutse gemeenteraad nooit meer saai. Wie heeft het eerste zijn of haar kaart vol met deze 24 veelgebruikte zinnen in de Oosterhoutse gemeenteraad? * Het College heeft behoefte aan een schorsing;
    * Complimenten aan de ambtenaren;
    * Een sympathieke motie;
    * Wij gaan over tot het vaststellen van de agenda;
    * De vergadering is gesloten;
    * Dank u wel;
    * Dat betekent dat ik het voorzitterschap over draag aan de vicevoorzitter;
    * Ik ga even inventariseren;
    * Cees Noltee zegt iets terwijl zijn microfoon niet aan staat;
    * Coalitieakkoord;
    * Bij interruptie, voorzitter;
    * De parkeertarieven moeten omlaag;
    * Wij zijn tevreden met deze (Perspectief)nota;
    * Eco-Effectiviteit;
    * De OZB stijgt met maximaal het inflatiepercentage;
    * We laten niemand in de kou staan;
    * Wie wenst de spreker nog een vraag te stellen?;
    * Wij zijn tevreden met de toezegging van de wethouder;
    * Bestemmingsreserve Sociaal Domein;
    * Gemeentebelangen zegt iets over de hoogte van de rioolheffing;
    * Voorzitter, als ik toch even mag;
    * Wilt u uw knopje uitzetten?;
    * Dat zullen wij meenemen.
    * Het houden van een preferendum.

    File attachments: 

    BijlageGrootte
    PDF-pictogram Politieke Bingokaart.pdf121.86 KB

    zaterdag, 9 januari 2016

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Uitzending ORTS 1992 Sloop Margarinefabriek Torenstraat

    In raadsvergadering.

    Tags: 

    Bij het digitaliseren van oude videobanden kwam ik eind oktober 2015 een deel van een uitzending van de ORTS uit 1992 tegen met als onderwerp de sloop van de margarinefabriek uit de Torenstraat. Paul van der Mark houdt een interview met wethouder Richard Oomes over dit onderwerp. Ook een aantal Oosterhouters geven hun mening over dit onderwerp.

    Hierna volgt een parodie op de raadsvergadering waar besloten is tot deze sloop. Frans Brekelmans speelt de rol van loco-burgemeester Jan Schoenmakers (GB), Gerard Oomen de rol van Richard Oomes, Carla Bode de rol van Anita Rasenberg (CDA). De rollen van Ad Kouwelaar (CDA), wethouder Sonke (CDA) en de raadsleden Snapper (GB), Emmen (PvdA), Wijers (VVD), Noltee (De Groenen) en Verhoef (D66) worden gespeeld door mensen, die ik niet ken. Wethouder Oomes heeft het alleen maar over slopen. Raadslid Wijers wil een overdekte parkeergarage en Cees Noltee in plat Rotterdams accent, die door de voorzitter wordt onderbroken omdat hij te lang praat. Ondanks allerlei bezwaren zijn alle partijen akkoord met de sloop na dreigementen van het College dat het veel te veel gaat kosten om de gevel te laten staan. Na meer dan 20 jaar nog steeds heel herkenbaar:

    Youtube: 

    donderdag, 6 augustus 2015

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Nürnberg 2015 Deel 4

    In bank, economische zaken, invloed, persoonlijk, gezondheid, bedrijven, duitsland, geschiedenis, tweede wereldoorlog, en meer.

    Tags: 

    Zaterdag 1 augustus 2015
    In Nürnberg bevond zich voor de Tweede Wereldoorlog in het zuidoosten het "Reichsparteitagsgelände". (http://www.museen.nuernberg.de/dokuzentrum/) Dit was een groot terrein waar de NSDAP vanaf 1933 haar partijdagen hield. Tegenwoordig is het gebied als park, sportterrein en museum in gebruik.

    In de congreshal, waar plaats zou moeten zijn voor 50.000 mensen, maar die nooit helemaal is afgebouwd is nu een museum gevestigd met nadere informatie over dit terrein. Het museum bestaat uit een 19tal afzonderlijke delen waarin begonnen wordt met de opmars van de NSDAP ten tijde van de Republiek van Weimar en dat eindigt met de functie die het terrein na afloop van de Tweede Wereldoorlog heeft gekregen. Op de foto hieronder zijn toegangskaartjes te zien voor de verschillende onderdelen van de partijdagen van de NSDAP. Tijdens dit soort dagen vonden ook allerlei parades plaats. Toegang was niet gratis, maar kostte enkele Duitse marken. De tentoonstelling ging ook in op het gewelddadige karakter van de nazi's. Hieronder is een plakkaat te zien met de namen van Duitse vrouwen en hun adressen, die omgegaan waren met Joden. Een ander voorbeeld van de beïnvloeding door de nazi's waren een aantal antisemitische tekenenen van kinderen van basisschoolleeftijd uit de dertiger jaren van de 20ste eeuw. Een gedeelte van de verslagen van het Tribunaal van Nürnberg van na de oorlog werden in een aparte kast tentoongesteld. Vanuit de tentoonstellingsruimte kreeg je vanaf een soort balkon een goed overzicht over het nooit volledig afgebouwde congresgedeelte. Op dit moment was er ook een wisseltentoonstelling, die ging over het gebruik van allerlei gebouwen van de Nazi's na de Tweede Wereldoorlog. In Nürnberg is het gebouw waar na de oorlog het beroemde proces heeft plaatsgevonden nog steeds te bezoeken. (http://www.memorium-nuernberg.de/) Dit is tegenwoordig een onderdeel van een nog steeds functionerende rechtbank en op hetzelfde terrein zit ook een gevangenis die nog in gebruik is. De zaal waar het proces zelf heeft plaatsgevonden was deze zaterdagmiddag helaas niet toegankelijk voor het publiek omdat er internationale studenten recht waren om te oefenen in het houden van pleidooien. Erg jammer, want ik had juist de zaterdag gekozen om hier naar toe te gaan omdat ik verwachtte, dat deze ruimte dan wel toegankelijk zou zijn. Op doordeweekse dagen zijn er vaak gewone rechtszaken. De zaal is overigens niet meer volledig in de originele toestand. Ik was netjes op tijd voor de rondleiding om 2 uur. De Amerikaan Robert H. Jackson was de hoofdaanklager tijdens de rechtzaak. Van 1941 tot 1954 was hij ook rechter bij het Amerikaanse Supreme Court. In het museum waren een beperkt aantal originele stukken te zien, zoals deze bank uit de rechtszaal. In totaal waren er een achttal rechters benoemd voor dit proces. Twee door de Verenigde Staten, twee door de Sovjet-Unie, twee door Frankrijk en twee door Engeland. Tijdens het grote proces (er hebben later ook nog andere processen in Nürnberg plaatsgevonden) stonden in totaal 24 personen terecht. 3 personen (Frans von Papen, vicekanselier in 1933 en later diplomaat. Hjalmar Schact, minister van Economische Zaken en Hans Fritzsche, chef van de radio van het ministerie van propaganda) werden vrijgesproken. Een persoon, de industrieel Gustav Krupp, werd vanwege zijn zwakke gezondheid niet vervolgd. De overige personen werden tot gevangenisstraffen of de doodstraf veroordeeld. Door het proces van Nürnberg, waar ook de basis voor latere internationale rechtbanken, is gelegd, heeft bestraffing plaatsgevonden op basis van een juridisch proces. Hieronder is de zaal te zien waar het proces destijds heeft plaatsgevonden en die nu niet toegankelijk was. Naast het grote proces hebben er ook nog andere processen in Nürnberg plaatsgevonden. O.a. tegen artsen, juristen, de firma Krupp en allerlei personen uit de Nazipartij. Ook hier werd vrij uitgebreid op ingegaan in dit museum. Het proces van Nürnberg heeft geleid internationale verdragen betreffende oorlogsmisdaden en recht en ook andere internationale processen. Uiteindelijk is er een Joegoslavië-tribunaal en een Internationaal Gerechtshof ontstaan. Het tribunaal van Nürnberg is in zekere zin een voorloper hiervan geweest. In Nürnberg is het museum van de Deutsche Bahn gevestigd, dat een overzicht geeft van de geschiedenis van de spoorwegen in Duitsland. (https://www.dbmuseum.de/) Naast een binnenmuseum verdeeld over twee verdiepingen is er ook nog een terrein buiten met allerlei oude treinen. Vanwege de tijd was het helaas niet meer mogelijk om dit deel van het museum ook te bezoeken. Het museum start bij het begin van de spoorwegen in Duitsland, in de 19de eeuw. Op de onderstaande foto's is een originele wagen te zien waarin destijds kolen vervoerd werden. Een groot aantal schaalmodellen van voertuigen uit deze tijd werd tentoongesteld en waren ook kaarten te zien van de omvang van de spoorlijnen in de 19de eeuw. De oudste spoorwagon uit Duitsland staat ook in dit museum. Het is een wagon van de "Ludwigs-Eisenbahn" uit 1835. Deze wagon is uiteindelijk bewaard gebleven omdat de toenmalige koning er zeer waarschijnlijk ooit in gezeten heeft. Daarom is de wagon van de sloop gered en uiteindelijk in dit museum terecht gekomen. In het museum werd uitgebreid ingegaan op zowel het personenvervoer uit deze tijd (er waren toen nog drie klassen) maar ook het goederenvervoer per trein. Het museum was uitgebreider dan ik dacht en omdat ik er rond vier uur was, had ik twee uur om hier rond te kijken. Daardoor was het soms echt even doorlopen omdat het anders niet mogelijk was om alles te zien. Een ander pronkstuk van het museum is een bewaard gebleven deel van de trein van Koning Ludwig de Tweede van Beieren. Oorspronkelijk bestond deze trein uit een achttal wagons, die door hem persoonlijk gebruikt worden. Tegenwoordig rijden er in Duitsland steeds meer bussen over lange afstanden. Hierdoor is een behoorlijke concurrentie ontstaan voor de Duitse spoorwegen. Ook in het begin van de 20ste eeuw waren er al dergelijke bussen, zoals het onderstaande bord laat zien. Na de Eerste Wereldoorlog moest Duitsland grote herstelbetalingen doen aan de winnaars van de oorlog. Een behoorlijk deel van deze betalingen kwam ten laste van de Duitse Spoorwegen. Tot 1930 zaten er ook buitenlandse vertegenwoordigers in de toezichtsraad en tot 1932 hebben de Duitse Spoorwegen herstelbetalingen gedaan. Hieronder is een schaalmodel te zien van de "Vliegende Hamburger". Een sneltrein, die in 1933 in gebruik is genomen en tot 1957 gereden heeft. Deze trein kon een maximale snelheid halen van 160 km/uur. Aandacht was er in dit gedeelte van het museum ook voor de dwangarbeiders die tijdens de Tweede Wereldoorlog bij de Duitse spoorwegen hebben gewerkt. In 1943 werkten er volgens de gegevens van de Duitse Spoorwegen rond 200.000 buitenlanders en krijgsgevangenen bij de spoorwegen. Na de Tweede Wereldoorlog werd de "Deutsche Reichsbahn" gesplitst in een West- en Oost-Duits deel. Het West-Duitse deel ging de "Deutsche Bundesbahn" heten. Het Oost-Duitse deel bleef "Deutsche Reichsbahn" heten. De geschiedenis van beide delen van Duitse spoorwegen kwam uitgebreid aan bod. Ook hier waren weer een aantal schaalmodellen te zien van wagons die door de spoorwegen gebruikt werden. Hieronder is de voorkant te zien van een kaartjesautomaat van de Oost-Duitse Reichsbahn. Ingegaan werd ook op de ontwikkelingen in spoorwegland, zoals de invoering van "Intercity's" door de West-Duitse spoorwegen en "Städtexpresse" door de Oost-Duitse spoorwegen. Tussen de beide Duitsland reden ook speciale internationale treinen. Hieronder is de inrichting van een oud loket van de spoorwegen te zien. In Oost-Duitsland stond de Deutsche Reichsbahn onder grote invloed van de regerende communisten. Zo was het gebruikelijk om daar "Traditionskabinette" in te richten. Dit waren een soort kleine tentoonstellingen over de geschiedenis van een bedrijf en de bereikte doelen. Een voorbeeld hiervan is hieronder te zien. Het DB Museum beschikt ook over een modelspoorweg met allerlei verschillende soorten treinen, die op bepaalde tijdstippen ook bediend wordt, zodat je de treinen kunt zien rijden. In het nieuwste gedeelte van het museum is een grote verzameling schaalmodellen van treinen te zien en wordt ingegaan op de ontwikkelingen van de Duitse spoorwegen vanaf 1994. Dit was het moment dat de beide bedrijven samengevoegd werden tot de huidige "Deutsche Bahn". Inmiddels was het zes uur geworden en ging het museum helaas dicht. Als het langer open was geweest, had ik best nog wat meer tijd kunnen gebruiken om ook de laatste dingen goed te bekijken. Op zondag 2 augustus ben ik in de ochtend weer teruggereisd naar Nederland. Om 11 uur ben ik met de ICE vertrokken richting Düsseldorf om daar weer over te stappen op de regionale trein richting Venlo. Door een lichte vertraging was de overstap tijd van 15 minuten teruggelopen naar 5 minuten. Met hard lopen lukte het nog net om van de ene kant van het station naar de andere te komen en deze trein te halen.

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Nürnberg 2015 Deel 3

    In burgers, europa, markt, geschiedenis, tweede wereldoorlog, dood.

    Tags: 

    Vrijdag 31 juli 2015
    Op derde dag van mijn vakantie ben ik Nürnberg zelf gebleven om daar het oude stadscentrum te bezoeken. In het centrum van Nürnberg staat de middeleeuwse Burcht van Nürnberg. (http://www.kaiserburg-nuernberg.de/) Dit was een plaats waar de keizer van die tijd regelmatig verbleef. De keizer had toen nog geen vast verblijf en overal in zijn rijk waren dergelijke verblijfplaatsen.

    De Burcht staat op een verhoging en is gedurende vele honderden jaren gebouwd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is het gebouw zwaar beschadigd geraakt en vervolgens weer volledig gerestaureerd. Vanaf de Burcht en de bijbehorende toren heb je een prachtig uitzicht over de stad Nürnberg. De rondleiding begint in de zaal waar de koning/keizer recht sprak. Hij was in de Middeleeuwen de hoogste rechter van het Rijk. Aan het einde van de 15de eeuw werden ook de eerste maatregelen genomen om de rechtspraak objectiever te laten verlopen. Hierna kom je terecht in de kapel van de burcht. Deze kapel is in het begin van de 13de eeuw gebouwd. De kapel bestaat uit twee delen. Eentje voor de dagelijks dienst, een eentje voor de dienst als de keizer/koning aanwezig was. Na een tentoonstellingsruimte kwam je in het appartement van de keizer. Dit bestond uit een tweetal delen. Een kamer met kachel, die ook als ontvangstruimte dienst deed. En een slaapkamer, die privé was. In de middeleeuwse tijd was het gebruikelijk dat bepaalde bedienden in de slaapkamer van de keizer sliepen. Boven een model van de stad Nürnberg uit 1540 zweeft een keizerskroon uit de middeleeuwen. In het museum op de Kaiserburg was ook een deel van de wapenverzameling van het Germaanse Nationale Museum te zien. Dit is een collectie van historische wapens vanaf de middeleeuwen tot en met de 19de eeuw. Voor het bezoek van het museum heb ik ongeveer anderhalf uur nodig gehad. Vanaf de binnenplaats van de burcht ben ik teruggelopen in de richting van het centrum van Nürnberg. De foto hieronder is van de open ruimte voor de binnenplaats van de burcht. De toren die langs deze open ruimte staat, geef een prachtig uitzicht op de burcht zelf en de oude binnenstad van Nürnberg. Om 1 uur had ik gepland om mee te gaan met de rondleiding door de oude gevangenis onder het gemeentehuis van Nürnberg. Daarvoor was er nog wat tijd om de Sint Sebalduskerk (http://www.sebalduskirche.de/) te bezoeken. Van oorsprong een katholieke kerk, is de kerk sinds 1525 Evangelisch-Luthers. De kerk is in de Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigd geraakt en de restauratiewerkzaamheden zijn nog steeds niet afgesloten. Om 1 uur startte de rondleiding door de oude gevangenis onder het gemeentehuis van Nürnberg. (https://museen.nuernberg.de/lochgefaengnisse/). Vanaf de 14de eeuw werden hier gevangen opgesloten en ondervraagd en indien nodig ook veroordeeld. Tijdens de rondleiding werden verschillende ruimtes getoond zoals de normale cellen voor gevangenen, cellen voor personen die van een zware misdaad verdacht werden, cellen voor brandstichters en de folterkamer waarvan hieronder een foto te zien is. Allerlei originele martelwerktuigen uit de tijd van de Middeleeuwen werden hier tentoongesteld en ook de oorspronkelijke duimschroeven waren nog aanwezig. De rondleiding ging vervolgens verder langs de cellen voor de ter dood veroordeelden, de ruimte waar ze de laatste maaltijd kregen, de ruimte van de smid die de boeien maakte, de keuken van de gevangenis en een ruimte waar het water werd opgeslagen. Alles werd goed toegelicht in het Duits door een gids van de stad Nürnberg. Na wat gegeten te hebben, had ik nog tijd om één ander museum in het centrum van Nürnberg te bezoeken. Dit was het Fembohaus. (https://museen.nuernberg.de/fembohaus/). Dit Fembohaus is het enige behouden grote koopmanshuis uit de late Renaissance. Het is nu een museum over de geschiedenis van de stad Nürnberg. Het huis is in het einde van de 16de eeuw gebouwd. In het begin van de 19de eeuw is het in bezit gekomen van Georg Christoph Franz Fembo en heeft het gebouw zijn naam gekregen. De stad Nürnberg was rond de 14de eeuw een handelscentrum geworden. Kooplieden uit de stad hadden hun contacten door geheel Europa. De stad had in deze tijd al eigen markt-, munt- en douanerechten. Rond 1500 was de stad dan ook het punt waar allerlei grote handelsverbinden samenkwamen. Een pronkstuk uit de 16de eeuw was de troon van de keizer uit de zaal van de grote raad van Nürnberg. Hier ontving de keizer de burgers. Wanneer de keizer er niet was, stond dit er als symbool voor zijn macht. Een ander mooi voorwerp uit dit museum was een schaalmodel van de stad Nürnberg van de kunstenaar Hans Wilhelm Beheim uit 1618 dat de stad Nürnberg aan het begin van de 17de eeuw laat zien. In de oude dans- een feestzaal is op het plafond een schilderij van een onbekende schilder te zien, dat bestaat uit tien delen. Het beeld de metamorfoses uit van de Griekse dichter Ovid naar het voorbeeld van een koperdruk van Hendrik Goltzius. In het museum bevindt zich ook de enige behouden familiezaal in Nürnberg uit de periode rond 1600. De bewoners van het huis vierden hier feest en ontvingen hier ook hun gasten. In deze kamer staan ook originele voorwerpen uit deze periode. Een ander interessant detail was iets, dat in eerste instantie op een kast lijkt. In werkelijkheid was het echter een deur die naar een toilet leidde. In een apart gedeelte van het museum was een aantal landkaarten te vinden van het Homann bedrijf. In de periode 1735 tot 1852 bevond de drukkerij zich in het Fembohaus. Het bedrijf heeft destijds meer dan 700 kaarten geproduceerd. Een andere deeltentoonstelling was een grote verzameling foto's van de stad Nürnberg vanaf het einde van de 19de eeuw tot een heel eind in de 20ste eeuw. Een wisseltentoonstelling ging over de rol van Nürnberg als centrum voor de media in de tijd van de reformatie. Op de foto hieronder is een verslag te zien van de Geloofsgesprekken van 1525 tussen de Rooms-Katholieken en Protestanten. Hierna had ik nog tijd om rond 5 uur de Onze-Lieve-Vrouwekerk (http://www.frauenkirche-nuernberg.de/) aan de grote markt van Nürnberg te bezoeken. Deze kerk is tussen 1349 en 1358 gebouwd. Vanaf de reformatie tot 1808 was de kerk van protestanten om daarna weer terug te gaan naar de katholieken. Op de voorkant van de kerk bevindt zich het zogenaamde "Männleinlaufen". Elke dag rond 12 uur is dit te zien. Het bestaat 7 keurvorsten en keizer Karel de Vierde. Dit gedeelte van het centrum van Nürnberg heeft zich oude karakter mooi behouden. Voor de volgende dag had ik een aantal musea op het programma staan, die vooral met de Tweede Wereldoorlog te maken hebben.

    woensdag, 5 augustus 2015

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Nürnberg 2015 Deel 2

    In economie, verkiezingen, geschiedenis, dood, rusland.

    Tags: 

    Donderdag 30 juli 2015
    Naast München had ik nog een andere stap op de lijst staan om te bezoeken en dat was Stuttgart. Dit is de hoofdstad van de Duitse deelstaat Baden-Württemberg. Vanuit Nürnberg ben je in 2 uur en 15 minuten met een rechtstreekse Intercity trein in Stuttgart.



    Rond kwart voor 10 kwam ik dan ook aan op het station van Stuttgart. Dit is op het moment een grote bouwput. Een groot deel van het station is afgebroken omdat er grootschalige nieuwbouw plaats vindt. Dit is het zogenaamde "Stuttgart 21" project.



    Tegen dit project zijn veel protesten van de bevolking en er waren dan ook de nodige leuzen te zien tegen deze plannen. Vooral de Duitse Groenen hebben zich sterk tegen "Stuttgart 21" verzet. In 2011 hebben ze hiermee de verkiezingen in Baden-Württemberg gewonnen en leveren nu de premier in een coalitieregering met de Sociaal-Democraten. Ook Stuttgart zelf heeft sinds enkele jaren een Groene burgemeester.



    Vanuit het station kun je te voet naar een van de voormalige kasteeltuinen (Oberer Schlossgarten). Er zijn er meerdere in het centrum van Stuttgart en een van deze kasteeltuinen bestaat nu niet meer vanwege de bouwactiviteiten rondom "Stuttgart 21".



    Aan deze voormalige kasteeltuin ligt het "Landesmuseum Württemberg". (https://www.landesmuseum-stuttgart.de/). Dit museum geeft een overzicht van de geschiedenis van Baden-Württemberg van de steentijd tot de tegenwoordige tijd. Het museum is in 1862 opgericht door Koning Willem de Eerste.



    In de ontvangsthal van het museum hing dan ook een groot portret van deze Koning van Württemberg.



    In een zaal op de benedenverdieping van het museum waren als wisseltentoonstelling een aantal schilderijen te zien met beroemde personen uit de geschiedenis van Baden-Württemberg.



    De permanente expositie van het museum begon met voorwerpen uit de steentijd, die gevonden zijn in Baden-Württemberg.



    Zo was er hier een fragment te zien van een 5.000 oud wiel, een van de oudste overgebleven exemplaren ter wereld.



    Na een zaal over de bronstijd, was in de volgende zaal, die over de ijzertijd ging onder andere dit bord met allerlei wiskundige/geometrische patronen te zien.



    In het museum was ook een uitgebreide collectie voorwerpen uit de Romeinse tijd te zien. Van sleutelhangers en houten figuren tot een verzameling goden gemaakt van steen.



    Uit de tijd van de Franken, was een flinke voorraad sieraden te zien.



    En natuurlijk kon een uitgebreide verzameling schilderijen en beelden uit de katholieke tijd niet ontbreken.



    Van 1495 tot 1803 was Württemberg een Hertogdom en vanaf 1806 een koninkrijk. In dit gedeelte van het museum werd ingegaan op het ook in deze periode al heersende antisemitisme. In de tijd van Hertog Karel Alexander (1733 - 1737) begon hij met het op orde brengen van de staatsfinancien. Daarbij geholpen door Joseph Süss Oppenheimer. Deze man was van Joodse afkomst en is na het overlijden van de Hertog in een showproces ter dood veroordeeld. Hij kreeg de bijnaam "Jud Süss". In 1940 hebben de Nazi's hierover een antisemitische propagandafilm gemaakt.



    Op de schilderijen op de onderstaande foto staan de koningen van Württemberg vanaf 1806 afgebeeld.



    In de kelders van het museum is een speciale ruimte met allerlei klokken uit de tijd van de Renaissance en wetenschappelijke instrumenten uit de afgelopen eeuwen.



    Ook zijn in de kelders van het museum een aantal cryptes te zien. In het museum was ook nog een wisseltentoonstelling te zien van kunstschatten uit de regio Hohenlohe in het noord oosten van Württemberg. Het was helaas niet toegestaan om hier foto's van te maken.



    Na het bezoek aan dit museum heb ik wat door het centrum van Stuttgart rondgelopen. Hierbij kwam ik nog langs de Markthalle van Stuttgart. Dit is een grote hal, die vol staat met allerlei marktkramen waar vooral etenswaren verkocht worden.



    In de middag ben ik in het "Haus der Geschichte Baden-Württemberg" geweest. (https://www.hdgbw.de/) Dit museum gaat over de geschiedenis van Baden-Württemberg van de laatste twee eeuwen. Foto's maken in dit museum was helaas niet toegestaan. Het museum begon met de veldtocht naar Rusland van Napoleon in 1812. De periode tot 1866 komt aan bod waarin Baden-Württemberg nog onafhankelijk was en vervolgens de tijd vanaf 1866 waarin het steeds meer een onderdeel wordt van het Duitse Rijk. Er was ook aandacht voor de moderne geschiedenis en zo waren er bijvoorbeeld allerlei protestborden te zien van de grote protesten in 2010 tegen het bouwproject "Stuttgart 21". Ook waren er nog een aantal deeltentoonstellingen over bv. de economie van Baden-Württemberg.



    Daarna was het weer tijd om terug te gaan naar het Centraal Station van Stuttgart. Hier is de andere kant van het Centraal Station te zien, waar vroeger ook een deel van de kasteeltuin was.



    Voor het Centraal Station van Stuttgart staat permanent een gebouwtje waarin tegenstanders van het project "Stuttgart 21" hun standpunten duidelijk maken.



    Om zes uur was het tijd om weer met de trein terug te gaan naar Nürnberg om daar rond kwart over acht aan te komen.

    dinsdag, 4 augustus 2015

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Nürnberg 2015 Deel 1

    In invloed, kort, muziek, optredens, politiek, samenleving, democratie, bedrijven, duitsland, en meer.

    Tags: 

    Dinsdag 28 juli 2015
    Tijdens de zomervakantie ben ik eind juli een aantal dagen naar het zuiden van Duitsland op vakantie geweest. Vanuit Nederland ben ik in de loop van de middag met de trein naar Nürnberg vertrokken. De reis duurt vanuit Nederland, afhankelijk van de route die je neemt, tussen de zes en acht uur. Op de heenreis ben ik via Venlo en Mönchengladbach naar Keulen gereisd om daar rond zes uur op de Intercity naar Nürnberg te stappen. De aankomst was rond half 11 in de avond.

    Woensdag 29 juli 2015
    Op de eerste dag van mijn vakantie heb ik een bezoek gebracht aan München. Dit is de hoofdstad van de deelstad Beieren. Met een Regional-Express ben je in iets meer dan anderhalf uur in München. Rond half 8 ben ik uit Nürnberg vertrokken om iets over negenen in München aan te komen op het station. Deze regionale trein bestaat uit oude Intercity wagons en is daardoor een stuk comfortabeler dan de normale regionale treinen. Ook stopt deze trein slechts op enkele stations waardoor het tijdsverschil met de snelle ICE treinen niet eens erg groot is. Op weg naar het NS-Dokumentationszentrum kwam ik als eerste langs de "Hofgarten". Dit is een tuin, die in de 17de eeuw is aangelegd door Maximiliaan de Eerste. Tegenwoordig is deze tuin toegankelijk voor iedereen. Vlak in de buurt van de "Hofgarten", staat de "Feldherrnhalle". Dit is een galerij, die is opgedragen aan de veldheren van het Beierse leger en gebouwd is in opdracht van Koning Lodewijk de Eerste van Beieren tussen 1841 en 1844. Dit was ook de plaats waar de staatsgreep van Adolf Hitler in 1923 gestopt werd door de politie. Langs hetzelfde plein als de "Feldherrnhalle" staat ook de Theatrinerkerk (http://www.theatinerkirche.de/). Deze kerk is in de tweede helft van de 17de eeuw gebouwd. Sinds 2001 vindt er een uitgebreide sanering van deze kerk plaats. Waar in Nederland steeds meer kerken dichtgaan, was er in deze kerk zelfs nog de mogelijk om te biechten. Via een stoplichtachtig systeem werd keurig aangegeven of de priester aanwezig en beschikbaar was. Vanwege de grootschalige sanering was de kerk aan de buitenkant afgeschermd door een groot doet Doorlopend in de richting van de Karolinenplatz kom je langs het "Denkmal für die Opfer der NS-Gewaltherrschaft". Dit uit 1985 stammende moment eeuwige vlam met daarachter een lange plaat van brons met een opschrift ter nagedachtenis van de slachtoffers. De Karolinenplatz is feitelijk een grote rotonde met een aantal gebouwen daaromheen. Midden op de rotonde staat een grote obelisk. Deze obelisk is gebouwd voor de dertigduizend Beierse soldaten die gestorven bij de Russische veldtocht van Napoleon. Doorlopend vanaf de Karolinenplatz kom je uit bij het NS-Dokumentationszentrum. (http://www.ns-dokumentationszentrum-muenchen.de/) Dit is een museum dat gaat over het nationaal-socialisme in München en Beieren. Het museum is open sinds mei 2015 en de toegang was tot eind juli gratis. Het gebouw staat op de plaats van het Bruine Huis, de partijcentrale van de NSDAP. In dit gebied rond de Karolinenplatz waren ten tijde van de heerschappij van de nazi's een groot aantal gebouwen in gebruik door de NSDAP. Het huidige Amerikahuis was toen het "Reichsrevisionsamt und Rechnungsamt der NSDAP" In het gebouw op de foto hieronder was het "Oberstes Parteigericht der NSDAP" gevestigd. Hieronder is het "Prins-Georg-Palais" te zien. In dit gebouw woonde van 1908 tot 1931 het echtpaar Bruckmann. Zij waren vanaf het begin lid van de NSDAP en zorgden er voor dat Adolf Hitler toegang kreeg tot de betere kringen van München. Op de plek van dit gebouw, stond vroeger het gebouw waar de "NS Frauenschaft" zetelde. Het gebouw waar tegenwoordig het "Haus Der Kulturinstitute" is gevestigd, werd voor 1945 door de NSDAP voor administratieve diensten gebruikt. Iets verderop staat de bijna identieke "Führerbau". Dit gebouw werd door Adolf Hitler voor ontvangsten gebruikt en in 1938 is hier de overeenkomst van München ondertekend. Tegenwoordig zit in het gebouw de Hogeschool voor Muziek en Theater. Voor het gebouw is op de foto het fundament te zien van een eretempel van de NSDAP. Het NS-Dokumentationszentrum begint de tentoonstelling op de vierde verdieping. Hier wordt ingegaan op de beginperiode van de NSDAP, die toen nog "Deutsche Arbeiter Partei" heette. Op de foto hieronder is het publiek te zien, dat wacht op een toespraak van Adolf Hitler in 1923. Deze foto is echter in scene gezet en niet genomen op het daadwerkelijke moment, dat het publiek op deze toespraak wachtte. In dit gedeelte van de tentoonstelling werd ook ingegaan op de steun die de nazi's toen al hadden van conservatieve krachten in Beieren. Ook de conservatieve regering van die tijd, zag veel zaken door de vingers en trad vooral tegen links hard op. Naast de poging tot staatsgreep in 1923 kwam ook de periode tot 1929 aan bod, waarin de nazi-partij met weinig succes bleef bestaan. Op de onderstaande foto is een bijeenkomst te zien van deze partij uit 1928 met o.a. Adolf Hitler en Heimrich Himmler. Na de economische crisis in 1929 werd de nazi-partij in Duitsland steeds populairder om uiteindelijk begin 1933 de macht over te nemen. In de tentoonstelling kwam uitgebreid aan bod op welke manier de nazi's de democratie in Duitsland stap voor stap ter zijde schoven en van het land een dictatuur maakten. Een van de manieren om de Joden te isoleren uit de samenleving was het "overnemen" van hun bedrijven door Duitsers. Hieronder is een advertentie te zien van een dergelijk bedrijf, dat nu met zijn nieuwe naam adverteert, met de opmerking dat het nu in handen is van ariërs. Een voorbeeld van de invloed op het openbare leven van de nazi's, is in de onderstaande foto te zien. Mensen die voorbij het monument kwamen ter nagedachtenis aan de staatsgreep van 1923 moesten hier verplicht de Hitler-groet brengen. Op een wand van het museum stond een overzicht van alle wetten, die opgesteld zijn om de Joden langzaamaan uit het openbare leven te verbannen. In het gedeelte over de Tweede Wereldoorlog werd ook vooral ingegaan op de betrokkenheid van München en Beieren bij deze oorlog. Aandacht was er bv. voor de misdaden die door soldaten en politieagenten uit München gepleegd zijn. Een apart gedeelte van de tentoonstelling was ingericht over de omgang met het naziverleden na 1945 in Duitsland. Tot eind augustus is er bovendien een speciale thematentoonstelling te zien over kunstenaars uit de periode 1914 tot 1945. Hier hangen allerlei werken waarin gewaarschuwd werd tegen de nazi's en antisemitisme. In het museum raakte ik nog aan de praat met een oudere mevrouw die in München woont, maar ook familie in Nederland heeft wonen. Haar man is kunstenaar. Als ik nog eens in München kom, ben ik van harte uitgenodigd om daar eens langs te komen. Ik heb beloofd ze in elk geval een kaartje te sturen vanuit Oosterhout als ik daar weer terug ben. Vanaf deze plek ben je ook vrij snel bij het stadhuis van München. Dit staat aan de Marienplatz. Het stadhuis is ook toegankelijk voor toeristen om te bekijken. Opvallend was, dat je hier zo maar binnen kon lopen en dat er van beveiliging totaal geen sprake leek te zijn. Het stadhuis is een prachtig, karakteristiek gebouw, dat soms wel wat wegheeft van een klooster. Overal zijn glas in lood ramen te zien met de meest uiteenlopende motieven. Ook was er een aparte herdenkingsruimte waar de doden van de beide wereldoorlogen herdacht werden en de mensen, die in de periode 1933 tot 1945 politiek vervolgd zijn. Inmiddels was het al rond een uur of vier geworden. Het was te laat om nog een museum te bezoeken en daarom ben ik op pad gegaan naar de oude botanische tuin. Dit is geen botanische tuin, bij een universiteit, zoals je dat vaak ziet, maar een openbaar park in het centrum van München. Vlak in de buurt hiervan bevindt zich weer de Promenadeplatz. Hier bevinden zich een vijftal beelden, waaronder eentje van Orlando di Lasso. Dit is een componist uit de tijd van de Renaissance. Dit beeld is echter helemaal vol gehangen met allerlei afbeeldingen van Michael Jackson. Dat komt omdat tegenover het beeld een hotel staat, waar mij meerdere malen is verbleven tijdens zijn optredens in München. Op weg naar het station ben ik ook nog even kort in de Frauenkirche geweest. (http://www.muenchner-dom.de/startseite.html). Daarna was het tijd om rond kwart over 6 weer met de trein naar Nürnberg terug te gaan om daar rond half 8 aan te komen.

    zondag, 26 juli 2015

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Berlijn 2015 Deel 7

    In onderwijs, toekomst, tilburg, berlijn, duitsland, tweede wereldoorlog.

    Tags: 

    Maandag 4 mei 2015
    Iets wat al lange tijd op mijn lijstje stond was een bezoek aan het Olympische Dorp. (http://www.dkb-stiftung.de/Das_Olympische_Dorf_von_1936.32.htm) Dit was de plek waar in 1936 de sporters werden ondergebracht tijdens de Olympische Spelen. Het Olympische Dorp ligt in het plaatsje Elstal. Vanuit Berlijn is dit een klein half uur met de stoptrein. Op werkdagen wordt er om 11 uur in de ochtend altijd een rondleiding gegeven.

    Vanaf het station in Elstal is het een kleine 20 minuten lopen naar het Olympische Dorp. De bussen reden op dit moment in dit gebied niet vanwege een staking, maar te voet was het prima te doen. Het terrein van het Olympische Dorp is geopend voor het publiek. Erg druk was het vandaag niet, want er waren inclusief mij een vijftal personen om mee te gaan met de rondleiding. Twee mensen gingen mee omdat ze in de toekomst zelf ook rondleidingen op dit terrein gingen geven en telden dus niet mee. Ook waren er nog twee mensen uit Nederland, die net als ik ook in het onderwijs werkten. Het Olympische Dorp is voor de spelen van 1936 gebouwd. Officieel was het bedoeld om de sporters in onder te brengen, maar het is op een dusdanige manier gebouwd dat er na de Spelen soldaten in ondergebracht konden worden. Na de Tweede Wereldoorlog heeft het leger van de Sovjet-Unie het gebouw in gebruik genomen totdat deze begin jaren '90 uit Duitsland vertrokken zijn. Het is ook mogelijk om zonder rondleiding over het terrein te lopen, maar dan mis je een heleboel informatie en kun je niet binnen in een aantal gebouwen, waar je met de rondleiding wel toegang toe hebt. Het eerste gebouw dat bezocht werd, was de turnhal. In deze turnhal hing meer informatie over het Olympische Dorp en er stond ook een maquette van hoe het dorp er oorspronkelijk heeft uitgezien. Er waren aparte gebouwtjes waar de sporters in ondergebracht waren. Heel veel van deze gebouwtjes zijn verdwenen en degene die er nog zijn, zijn meestal in slechte toestand. Na een bezoek aan de turnhal gingen we verder het terrein op en kwamen langs het gebouw van de commandant. De eerste commandant werd vlak voor de Olympische Spelen vervangen omdat er tijdens de open dagen teveel schade was aangericht op het terrein. Op het terrein lag vroeger ook een vijver die nu droog stond. Aan de rand van deze vijver was speciaal voor de Finse deelnemers een sauna gebouwd waar nu alleen nog maar de fundamenten van te zien waren. Het terrein is nu voor een flink deel leeg. Ten tijde van de Olympische Spelen stonden hier de verblijven voor de sporters uit de verschillende landen. Hier is een gedeelte van de flat te zien, waar militairen uit de Sovjet-Unie in woonden na de Tweede Wereldoorlog. Er waren verschillende flats en afhankelijk van de rang, woonde je als soldaat luxer of minder luxe. Midden in het Olympische Dorp bevond zich een open lucht bar (Het Bastion). In de Tweede Wereldoorlog is dit gedeelte van het dorp verwoest. Op de foto hierboven zijn de restanten te vinden van het Russische Cafe. Dit was de centrale ontmoetingsplek voor de Russische soldaten om wat te drinken op het terrein. In de buurt van het Russische Cafe stonden ook de nodige flats, waarin vroeger Russische soldaten gewoond hebben. Alles zag er nu behoorlijk verwaarloosd uit. De rondleider wist te vertellen, dat de Russen alles keurig netjes hebben achtergelaten, maar dat er na hun vertrek van alles gestolen is. Sinds 2005 is het terrein in handen van de DKB-Stiftung. Deze stichting is in het leven geroepen door de Deutsche Kreditbank en heeft meer historische terreinen/gebouwen in eigendom. Een gebouw dat wel behouden is gebleven, is het Speisehaus der Nationen. Dit was de plaats waar de teams uit de verschillende landen kwamen eten. Het is het grootste gebouw op het terrein met een groot aantal keukens en eetruimtes. Op deze manier kon elk land zijn eigen kok meebrengen om maaltijden klaar te maken. Op een van de buitenmuren van het gebouw was een grote plattegrond bevestigd van het Olympische Dorp in 1936. Een aantal van de gebouwtjes waarin de sporters ondergebracht werden zijn behouden gebleven. Zoals hieronder op de foto te zien is, in een zeer slechte toestand. Een van deze gebouwtjes is helemaal opgeknapt. Een ander gebouw dat behouden is gebleven is de overdekte zwemhal. Het zwembad is na de Tweede Wereldoorlog gebruikt door de Russische troepen. Pas na het vertrek van deze soldaten is het zwembad niet meer gebruikt. Door vandalisme en brandstichting is het gebouw nu behoorlijk beschadigd. Het was ook mogelijk om op de tribune voor de toeschouwers te komen en zo het zwembad van boven te bekijken. Rond 1 uur was deze interessante rondleiding afgelopen en ben ik teruggelopen naar het station van Elstal om met de trein van half 2 weer terug te gaan naar Berlijn. Deze had echter wel wat vertraging. Op het centraal station van Berlijn heb ik mijn kaartje voor de terugreis af laten stempelen zodat het in alle treinen bruikbaar is. Als je lang van te voren treinkaartjes koopt voor Duitse treinen kun je meestal goedkoop reizen, maar ben je wel aan één bepaalde trein gebonden. In verband met de stakingen kun je deze binding op laten heffen. Inmiddels was het al rond een uur of drie geworden. Ik had ook nog op mijn programma staan om naar de Stasi-gevangenis Berlijn-Hohenschönhausen te gaan. Ik ben daar een aantal jaren geleden geweest voor een rondleiding door dit gebouw, maar inmiddels is er een totaal nieuwe tentoonstellingsruimte geopend. Omdat dit helemaal aan de andere kant van Berlijn ligt, was dit helaas niet meer mogelijk. Wat nog wel mogelijk was qua tijd was een bezoek aan het Britse Soldatenkerkhof in het Westen van Berlijn. Dit is een begraafplaats waar een groot aantal Engelse soldaten begraven ligt. Het was wel even zoeken om deze begraafplaats te vinden. Dit soort begraafplaatsen zijn altijd keurig netjes onderhouden. Het gras is overal groen en onkruid is nergens te vinden. Na nog wat gegeten te hebben, ben ik teruggegaan naar mijn hotel om te kijken hoe ik morgen terug kon reizen naar Nederland. Normaal zou dat met de Intercity Berlijn-Amsterdam zijn met een overstap in Deventer. In verband met de staking reed deze trein echter niet. Als alternatieve route moest ik met de ICE naar Duisburg en daar overstappen op een andere ICE naar Arnhem. Qua tijd zou het uiteindelijk geen verschil uit moeten maken. Op deze laatste avond van de vakantie ben ik nog een uurtje gaan zwemmen in het SSE-zwembad in het Oosten van Berlijn. Dit is een van de vele zwembaden die Berlijn heeft. Het zwembad heeft de beschikking over een vijftig meter bad en is in de jaren 90 gebouwd om mogelijk de Olympische Spelen in 2000 naar Berlijn te halen.

    Dinsdag 5 mei 2015
    Op dinsdagmorgen ben ik extra vroeg vertrokken richting het Ostbahnhof om daar de trein naar Duisburg te nemen. De staking was vannacht om 2 uur begonnen. Ook de S-Bahn in Berlijn was door de staking getroffen. Hierdoor reed de S-Bahn veel minder dan normaal en was deze overvol. Mensen moesten soms op het perron blijven wachten tot de volgende S-Bahn omdat er gewoon geen plaats meer was. Uiteindelijk was ik voor 8 uur op het Ostbahnhof in Berlijn. Normaal vertrekken hier een groot aantal treinen. Nu pasten alle vertrekkende treinen voor de komende twee uur op het bord. Normaal is het op een doordeweekse dag rond deze tijd erg druk op zo'n groot station. Nu was het Ostbahnhof bijna uitgestorven. De ICE naar Duisburg vertrok keurig netjes om 08:36 uur. Ook in deze trein was het niet erg druk. Iedereen die net per se met de trein moest, had blijkbaar een andere mogelijkheid van vervoer gevonden. De overstap in Duisburg verliep prima en stipt op tijd kon ik met de ICE naar Arnhem om daar weer over te stappen op de trein naar Tilburg. Ondanks de stakingen kwam ik op exact hetzelfde moment, dan wanneer er geen stakingen waren geweest in Tilburg aan.

    zaterdag, 25 juli 2015

    Reisverslag Berlijn 2015 Deel 6

    In algemeen, boek, invloed, nieuws, markt, berlijn, ddr, geschiedenis.

    Tags: 

    Zondag 3 mei 2015
    In Berlijn zijn er in het weekend altijd een flink aantal tweede hands markten waar je allerlei soorten spullen kunt kopen. Van boeken, tot souvenirs, meubels en oude medailles uit de voormalige DDR. Deze zondag had ik een aantal deze markten uitgezocht om eens te kijken of er nog wat interessante boeken en Berlijn souvenirs te vinden waren. Het is ook meteen een goede manier om een stad als Berlijn wat beter te leren kennen.

    Elke zondag is er in de buurt van het Ostbahnhof een grote tweede hands markt. Voor een deel bestaat deze markt uit handelaren, die hier hun spullen proberen te verkopen, maar er zijn ook particulieren te vinden, die hier een plekje hebben gevonden. Op deze markt zijn altijd wel goede tweede handsboeken over de Duitse geschiedenis te vinden en het lukte me ook deze keer weer om een leuk boek over de DDR op de kop te tikken. Een totaal andere vlooienmarkt is te vinden bij de Boxhagener Platz in het district Friedrichshain. In tegenstelling tot de markt bij het Ostbahnhof zijn het hier vooral particulieren die hun spullen aanbieden. Ook hier is het aanbod zeer uitgebreid en is er van alles en nog wat te vinden. Midden in Berlijn in de buurt van het Museuminsel is elke zondag een grote kunst- en boekenmarkt. Boeken zijn hier in grote overvloed te vinden voor schappelijke prijzen. Een aantal verkopers heeft grote hoeveelheden boeken staan, die voor €1 per stuk meegenomen kunnen worden. Op een ander deel van de markt staan vooral aanbieders van kunst en souvenirs. De laatste tweede hands markt, die ik bezocht heb is in de buurt van de Tiergarten langs de "Strasse des 17. Juni". Hier waren er alleen maar kramen met voor zover ik het kon zien vooral professionele handelaren. Boeken waren hier niet echt te vinden. Hier waren vooral allerlei huishoudelijke zaken, maar ook souvenirs een kleding te koop. Op het einde van de middag ben ik nog naar de Alexanderplatz geweest om daar in de omgeving wat rond te kijken. Vanuit de daar aanwezige winkels heb je een prachtig uitzicht over dit plein. Inmiddels was het nieuws bekend geworden dat de machinisten van de Deutsche Bahn opnieuw in staking gingen met ingang van aanstaande dinsdag, de dag van de terugreis naar Nederland. Bij dergelijke stakingen staken over het algemeen niet alle machinisten waardoor een beperkt aantal treinen toch rijdt. Zoals ik al eerder had uitgezocht zou de staking op de terugreis naar Nederland weinig invloed hebben. Na nog wat gegeten te hebben was het tijd om terug te gaan richting het hotel.

    Reisverslag Boedapest 2015 Deel 5

    In berlijn, duitsland, europa, kort, kwaliteit.

    Tags: 

    Zaterdag 2 mei 2015
    Deze zaterdag was het vroeg op staan, want om 5 voor half 8 vertrok de trein naar Berlijn. In totaal rijden er tussen Boedapest en Berlijn overdag een drietal rechtstreekse Eurocity treinen, die om half 6, half 8 en half 10 vertrekken. De trein van half 8 (Eurocity 172, Porta Bohemica) was de beste optie, zodat ik het ontbijt nog mooi in het hotel op kon eten en toch op tijd op het station was.

    Aangezien de Eurocity treinen vanuit Hongarije wel eens met de nodige vertraging aankomen in Duitsland, was de trein van half 10 (Eurocity 170) geen optie. Normaal komt deze trein rond half 10 in Berlijn aan, maar met vertraging zou het dan wel heel erg laat worden. Toen ik tijdens vorige vakanties wel eens vanuit Berlijn een dagje naar Dresden ging, moest ik altijd met deze trein terug en er was dan vaak sprake van de nodige vertraging. Rond kwart voor zeven ben ik vanuit het hotel richting station Budapest-Keleti vertrokken. Toen ik daar om vijf voor zeven aan kwam, stond de trein al netjes klaar en was het ook mogelijk om al in te stappen. Het gedeelte van het station waar de treinen aankomen en vertrekken is in principe alleen toegankelijk met een geldig kaartjes. Er zijn ook speciale hekjes om dit gedeelte af te sluiten van de rest van het station. Alle dagen dat ik er was, stonden deze hekjes gewoon open en werd er verder niet gecontroleerd. Dat was ook nu niet het geval. Normaal reis ik met de trein altijd tweede klas, maar voor deze langere reis (bijna 12 uur) heb ik toch maar een 1e klas kaartje gekocht. Als je dit op tijd komt, kun je voor €69 vanuit Budapest naar Berlijn met de trein. De eerste klasse is in dit soort treinen niet echt veel luxer dan de tweede klas, maar het is wel een stuk rustiger en je hebt vooral meer ruimte. Als je vanuit de trein foto's van de omgeving wilt maken is dat ideaal. Waar in Duitsland de reserveringen bijna altijd electronisch worden aangegeven in de trein, gebeurd dat hier nog met ouderwetse papieren kaartjes. Het aantal reizigers dat van Budapest naar Berlijn ging in de 1e klasse was vrij beperkt. De meeste reizigers leggen maar een deel van het traject af. In het oosten van Europa zijn er nog best veel treinen die over grote afstanden rijden, maar ook hier worden de routes wel steeds vaker opgeknipt. Zo is de rechtstreekse trein vanuit Wenen naar Berlijn vorig jaar verdwenen en is nu een tussenstop in Praag noodzakelijk. Stipt om vijf voor half 8 vertrok de trein om rond 10 over 8 de eerste tussenstop in Vac te maken. In Hongarije reed de trein met een erg lage snelheid. Voor dit stuk van 35 kilometer was bijna drie kwartier nodig. Inmiddels was ook de eerste conducteur langs geweest van de Hongaarse spoorwegen. Op elk kaartje tekende de conducteur met pen aan dat het gebruikt was. Dit gebeurde ook al op de trein vanuit Wenen naar Boedapest aan het begin van de vakantie. Om 8.23 uur werd het station Nagymaros-Visegrad bereikt. Na een stop in Szob, de laatste plaats in Hongarije, waar de trein stopte, werd rond 10 voor 9, de eerste halte in Slowakije bereikt. Dit was het plaatsje Sturovo. Voor de eerste 80 kilometer was bijna anderhalf uur nodig. Personeel van de Slowaakse spoorwegen was inmiddels ingestapt en deze begonnen opnieuw de kaartjes te controleren. Rond kwart over 9 werd het station van Nove Zamsky bereikt. De conductrices van de Slowaakse spoorwegen waren inmiddels begonnen met het uitdelen van flesjes water in de eerste klasse. Op dit station liepen een tweetal medewerkers op hun gemak over de rails heen. Gewoon van het ene perron afstappen en over de rails naar het volgende perron. Hier zijn de veiligheideisen allemaal nog wat minder streng. Op het Slowaakse deel van het traject ging de snelheid omhoog. Op verschillende plaatsen waren natuurlijk de karakteristieke flats te zien, die in de communistische tijd lukraak in het landschap zijn weggezet. De vertraging van de trein begon langzaamaan op te lopen en rond tien voor half 11, kwam de trein met 10 minuten vertraging aan op het centraal station van de Slowaakse hoofdstad Bratislava. Hier werd wat langer gewacht omdat er wat meer mensen dan gebruikelijk in-/uit moesten stappen. Vanaf Boedapest werd de trein getrokken door een locomotief van de Tsjechische spoorwegen, dus tot nu toe hoefde er nog geen wisseling van de locomotief plaats te vinden. De trein reed in vergelijking met de snelheden die in Duitsland gehaald worden, nog steeds behoorlijk rustig. Daardoor was het vrij makkelijk om scherpe foto's te nemen van de omgeving, zoals hier bij het station van Zohor, waar de trein geen tussenstop maakte. De vertraging van de trein liep inmiddels langzaamaan op en was bij het laatste station in Slowakije (Kuty) ongeveer 13 minuten. Vanuit Kuty was het een klein kwartier voordat de trein rond 10 over 11 aan kwam in Breclav, het eerste station in Tsjechië. In Breclav stopte de trein wat langer, zodat het personeel weer kon wisselen. De Slowaken stapten uit en medewerkers van de Tsjechische spoorwegen namen de trein over. Een wisseling van het personeel betekende natuurlijk dat er ook weer een nieuwe ronde kwam van het controleren van de kaartjes. Normaal worden na een tussenstop alleen de nieuwe reizigers gecontroleerd, maar nu was het weer een volledige controle. Met een vertraging van rond de 10 minuten vertrok de trein rond tien voor half twaalf weer vanuit Breclav in de richting van Praag. De trein reed inmiddels door Tsjechië met een snelheid van rond de 90 kilometer per uur. Het weer was tot nu toe de hele dag bewolkt, met in Hongarije en Slowakije hier en daar wat regen. Om 10 voor 12 kwam de trein met een gelijkblijvende vertraging van rond de 10 minuten aan in het station van de volgende grote stad, Brno. Waar het landschap tot nu toe vooral erg vlak was en er veel landbouwgronden te zien waren, werd het landschap nu steeds meer heuvelachtig. Ook 25 jaar na de val van het communisme staan er nog steeds aardig wat fabrieken langs de spoorlijn, die er behoorlijk vervallen uitzien. Een van de medewerksters van de Tsjechische spoorwegen was verantwoordelijk voor de toiletten. Om de 15 of 20 minuten werd op een briefje dat in de toilet hing genoteerd of alles in orde was. Toen de trein in Duitsland was aangekomen was het briefje verdwenen en vond er ook geen enkele zichtbare controle meer plaats. Bij het station van Brezova, waar geen tussenstop gemaakt wordt, stond de trein ongeveer een minuut of 10 stil. De vertraging liep inmiddels langzaam op en ongeveer 20 minuten te laat, kwam de trein om exact 1 uur aan op het station van Ceska Trebova. Hier duurde de tussenstop wat langer dan verwacht, zodat er met 25 minuten vertraging vertrokken werd om 5 over 1. Het landschap werd inmiddels steeds heuvelachtiger en de snelheid van de trein was inmiddels ook boven de 100 kilometer per uur vanwege de betere kwaliteit van het spoor. Het weer werd ook steeds beter en in dit deel van Tsjechie begon de zon ook langzaam door te breken. Hier een foto van een station waar de trein niet stopte en waarschijnlijk de stationschef buiten de wacht hield. Het station Pardubice was om 10 over half 2 met een vertraging van nog steeds 25 minuten het volgende station. In Kolin vond om twee uur de volgende tussenstop plaats. Dit is het laatste station voor Praag. Zoals op het vertrekbord is te zien, bleef de vertraging constant op 25 minuten. Berlijn is overigens niet het eindpunt van deze Eurocity trein, want vanaf Berlijn rijdt de trein nog verder naar Hamburg. Van het begin tot het eind, is 14 en een half uur onderweg. Rond half drie kwam de trein langs de eerste stations van de stad Praag. Op dit gedeelte van het spoor werd er druk gewerkt aan het vervangen van de rails en ook het plaatsen van nieuwe palen voor de elektrische bovenleidingen. Allerlei stations waar normaal alleen maar stoptreinen stoppen werden door de Eurocity trein gepasseerd. De opgelopen vertraging was inmiddels voor een flink deel weer ingelopen en rond 10 over half 3 kwam de trein met ongeveer 10 minuten vertraging aan op het Centraal Station van Praag. Hier maakte de trein een langere stop. De trein verandert hier van richting, dus de locomotief moest aan de voorkant afgekoppeld worden en aan de andere kant van de trein kwam er een nieuwe locomotief. Ook wordt er hier een extra wagon aan de trein gekoppeld, die alleen meerijdt van Praag naar Hamburg. Door al het rangeren reed de trein een paar keer het station van Praag uit en vervolgens weer in. Doordat alles langer duurde dan gepland, liep de vertraging weer op naar rond de 30 minuten. In Praag maakt de trein ook nog een korte stop op het station Holesovice om daarna door te rijden naar het Noorden van Tsjechie. Dit gedeelte van de route gaat voor een flink deel langs de Elbe en is prachtig om te zien. In een eerder reisverslag heb ik dit gedeelte van de route al eens uitgebreid beschreven. Rond 10 voor 5 werd kort gestopt in Bad Schandau, het eerste station over de grens met Duitsland. Conducteurs van de Deutsche Bahn hadden de trein inmiddels overgenomen en met een half uur vertraging kwamen we om kwart over 5 in Dresden aan. Hier werd de locomotief opnieuw gewisseld. De tussenstop van 23 minuten werd ook wat ingekort en zo werd weer een gedeelte van de vertraging ingelopen. Ongeveer twee uur later kwam de Eurocity trein aan op het centraal station van Berlijn na een reis van ongeveer twaalf uur. De vertraging was het teruggelopen tot een kleine vijf minuten omdat op het traject tussen Dresden en Berlijn flink doorgereden kon worden. Als je in Duitsland eerste klas met de trein reist, heb je op de stations die daar de beschikking over hebben, toegang tot het 1e klas gedeelte van de DB Lounge. Dit is te vergelijken met de NS International Lounges op verschillende stations. In Duitsland hebben enkel de grote stations een DB Lounge en een beperkt deel heeft dan weer een 1e klas gedeelte. Hier kun je gratis wat te eten en te drinken krijgen en dat wordt allemaal netjes naar je plaats gebracht. Erg prettig na een dergelijke lange reis. Na hier ongeveer een uurtje gezeten ten hebben ben ik rond half 9 naar mijn hotel vertrokken.

    Willem-Jan van der Zanden

    Willem-Jan van der Zanden

    Hyves Twitter Youtube

    Reisverslag Boedapest 2015 Deel 4

    In algemeen, berlijn, gelukkig, geschiedenis, invloed, kort, metro, tweede wereldoorlog, dood, en meer.

    Tags: 

    Vrijdag 1 mei 2015 (ochtend)
    Op de laatste dag dat in Boedapest was, had ik een aantal musea uitgezocht om te bezoeken. Op weg naar het eerste museum, het Postmuseum, kwam er nog een demonstratie langs vanwege 1 mei. Het ging om groep vooral oudere mensen, die demonstreerden namens de Hongaarse Arbeiderspartij. Een kleine uiterst linkse partij die nooit een zetel in het Hongaarse parlement heeft gehaald.

    Het Postmuseum (http://www.postamuzeum.hu/hu/) is gevestigd in een onopvallend gebouw in een niet zo drukke straat. Ik ben er dan ook een keer of twee voorbijgelopen voordat ik door had, dat het museum toch echt hier was. Het museum zelf ging om 10 uur open. Om in het museum te kunnen, moet je je eerst melden bij iemand die beneden vlak na de ingang zit. Deze neemt je dan mee naar boven naar het echte museum. Toen ik om vijf voor tien binnenkwam, begon de meneer die bij de ingang zat druk te gebaren en naar zijn horloge te wijzen. Uiteindelijk bleek hij te bedoelen dat ik nog vijf minuten buiten op straat moest wachten. Toen ik vijf minuten later terug kwam, werd ik keurig netjes naar boven begeleid door dezelfde meneer. Het museum zelf is vrij klein. In een ruimte die volgens mij voor het personeel bedoeld was, kon ik mijn tas wegleggen. Alles werd door de medewerkster netjes op slot gedaan en deed zo dienst als garderobe. Omdat het 1 mei was, was de toegang tot dit museum gratis. Het museum zelf is niet erg groot. Er zijn enkele poststukken te zien, maar verder gaat het vooral om de geschiedenis van de Hongaarse Posterijen. Er staan een aantal oude postauto's. Een apart stukje ging over de bezorging van de post, die vroeger in Hongarije ook met posttreinen gebeurde. Ook was er het interieur van een oud Hongaars postkantoor te zien, net zoals oude telexmachines en een handmatige telefooncentrale. In een speciale vitrine stonden allerlei oude telefoontoestellen tentoongesteld. Het museum bevond zich op de eerste verdieping in een aantal ruimtes rondom een binnenplaats. In een van de gangen in de buurt, stonden nog een aantal oude posten en hingen landkaarten uit het begin van de 20ste eeuw aan de muur. Omdat het Postmuseum een vrij klein museum was, had ik het rond kwart voor 11 wel gezien. Rond 11 uur was ik bij het volgende museum aangekomen dat ik vandaag wilde bezoeken, het "House of Terror". (http://www.terrorhaza.hu Dit is een museum wat gaat over de tijd dat Hongarije bezet was door de nazi's en later door de communisten bestuurd werd. Het museum is in het begin van de 21ste eeuw opgericht onder leiding van minister president Victor Orban. Het museum is niet onomstreden. Het overgrote deel van het museum gaat over Hongarije onder het communisme. Het nazisme komt enkel aan het eind in het kort aan bod. Het museum is gevestigd in het gebouw dat gedurende de oorlog het hoofdkwartier was van de nazistische partij in Hongarije. Na afloop van de Tweede Wereldoorlog zat hier de Hongaarse geheime dienst. Foto's maken in het museum zelf was niet toegestaan. Op de begane grond bevindt zich de ingang tot het museum met een restaurant, boekwinkel e.d. In het museum zijn audiogidsen aanwezig in verschillende talen. In het museum werden veel zaken vooral symbolisch uitgebeeld en werden ook veel donkere kleuren gebruikt om het geheel minder prettig over te laten komen. Ook werd veel van geluid gebruik gemaakt, waardoor de audiogidsen nauwelijks te verstaan waren. Gelukkig waren deze teksten ook op papier verkrijgbaar. Je begon op de tweede verdieping waar de naziperiode kort aan bod kwam, om daarna al snel over te gaan tot de Sovjetische bezetting van Hongarije. Op de eerste verdieping werd vooral ingegaan op de communistische periode. Er werd informatie gegeven over de Hongaarse geheime politie en de invloed van het communisme op de dagelijkse gang van zaken. Van de eerste verdieping moest je met een lift naar de kelder toe. Dit duurt ongeveer een tweetal minuten omdat de lift opzettelijk zeer langzaam daalt. Gedurende tijd wordt in de lift een video vertoond waarin een schoonmaker die verantwoordelijk was voor het schoonmaken van de ruimtes na executies, die in dit gebouw plaatsvonden, zijn verhaal verteld. In de kelderverdieping zijn een aantal gevangeniscellen gereconstrueerd en werd ingegaan op de omstandigheden waaronder mensen gevangen werden gehouden door de Hongaarse geheime dienst. Het museum is naar mijn mening minder gericht op het overbrengen van feitelijke informatie over dit deel van de Hongaarse geschiedenis maar meer op het inspelen op de emoties van de bezoekers. In bepaalde opzichten lijkt het meer op een soort spookhuis op de kermis, qua effecten, dan een museum. De strekking van het museum is dat zowel het nazisme als het communisme zaken zijn, die de Hongaren overkomen zijn en waar ze dus eigenlijk geen echte verantwoordelijkheid voor dragen. Beide zaken worden gepresenteerd als een tweetal bezettingen, terwijl er in Hongarije natuurlijk fascistische en later communistische partijen zijn geweest met Hongaren. Een ander opmerkelijk detail was dat de broodjes die in het restaurant verkocht werden allemaal voorzien waren van een Hongaars vlaggetje. Iets dat ik verder in Boedapest nergens gezien heb. Vrijdag 1 mei 2015 (middag)
    In Boedapest is ook een museum dat uitsluitend over de Holocaust gaat. (http://www.hdke.hu/en/visitors) In het "House of Terror" is dit iets, dat slechts zijdelings aan bod komt. In het museum is een permanente expositie waar ingegaan wordt op de positie van de Joden in Hongarije. Hier komt niet alleen de Tweede Wereldoorlog zelf aan bod, maar ook de anti Joodse maatregelen, die al in de jaren '20 en '30 in Hongarije werden genomen. Het museum was nogal donker van opzet en daardoor was het lastig om hier goede foto's te nemen. Het was er erg rustig en dat was blijkbaar ook de oorzaak dat zowel het aanwezige restaurant als de boekwinkel niet meer in functie waren. In het gebouw zat ook een prachtige Joodse synagoge. Ter afsluiting van deze laatste dag in Boedapest was ik rond een uur of drie bij het Nationale Museum van Hongarije. (http://hnm.hu/en) Dit is een groot museum waar van alles te vinden is dat te maken heeft met de geschiedenis van het land. Het museum is in 1802 opgericht en zit sinds 1847 in het huidige gebouw. Het museum zelf bestaat uit een aantal gedeelten. Zo is er een muntenverzameling, een schilderijenverzameling, een afdeling met vondsten uit de oudheid en een gedeelte dat speciaal over de middeleeuwen gaat. Na binnenkomst in het museum kun je via een centrale hal naar de verschillende delen van het museum gaan. Via een grote monumentale trap kom je uit op de eerste verdieping van het museum waar de periode vanaf 804 tot de huidige tijd behandeld wordt. In de kelder bevindt zich nog een collectie uit de tijd van de Romeinen. Op de eerste verdieping is een zeer uitgebreide collectie te vinden over de Hongaarse geschiedenis. Er bevinden zich voorwerpen uit de voormalige kastelen van Boeda en Visegrad. Er zijn wapens, helmen en harnassen uit de periode tot de Middeleeuwen te zien. Zelfs een complete Turkse veldheertent wordt tentoongesteld. De toelichtingen in het museum waren over het algemeen vrij duidelijk en er waren ook voldoende teksten in het Engels beschikbaar. De geschiedenis vanaf 804 werd keurig netjes opgedeeld in verschillende periodes, die elk in een verschillende zaak behandeld werden. Tijdens de afgelopen zomervakantie ben ik ook een aantal dagen in Wenen geweest. Vanwege de gezamenlijke geschiedenis van Oostenrijk en Hongarije is het interessant om allerlei zaken nu weer terug te zien komen, maar dan vanuit het Hongaarse perspectief. Een van de pronkstukken van het museum is een Piano, die door Frans Liszt in 1873 aan het Hongaarse Nationale Museum is geschonken. De piano was oorspronkelijk bedoeld voor Beethoven, is ook door Beethoven gebruikt. Na zijn dood is de piano uiteindelijk in handen gekomen van Frans Liszt. Op de eerste verdieping werd de tentoonstelling afgesloten met de geschiedenis van Hongarije onder het communisme. Na het belangrijkste deel van het museum gezien te hebben, heb ik nog een kijkje genomen in de kelder, waar zoals eerder vermeld, een grote collectie uit de Romeinse tijd te zien was. Hierna ben ik met de metro terug gegaan naar het Oost-Station van Boedapest om daar nog wat te eten en vervolgens weer op tijd terug te zijn bij het hotel. Op zaterdag moest ik immers al vroeg uit bed om met de trein van half 8 te vertrekken uit Berlijn. Het hotel waar ik zat, viel onder de "Best Western" hotel keten. Het zag er over het algemeen goed uit, alleen werkte de airconditioning niet goed, waardoor het 's nachts wel behoorlijk warm kon worden. Het was handig dat ik oordopjes had meegenomen, want doordat het hotel langs een grote weg stond, hoorde je al snel het geluid van de auto's. Ook 's avonds en 's nachts kon het behoorlijk druk zijn op deze grote weg.

    vrijdag, 24 juli 2015

    Reisverslag Boedapest 2015 Deel 3

    In metro, verkiezingen.

    Tags: 

    Donderdag 30 april 2015 (ochtend)
    Het parlementsgebouw van Hongarije is één van de prachtigste parlementsgebouwen ter wereld. (http://latogatokozpont.parlament.hu/en) Het bezoeken van dit gebouw is enkel mogelijk in de vorm van een rondleiding van een klein uur. Kaartjes voor deze rondleiding kun je het beste maar online bestellen omdat het aantal personen dat per rondleiding mee kan gaan vrij beperkt is.

    Vlak voor het parlementsgebouw stonden deze ochtend een aantal mensen, die aan het betogen waren tegen de Hongaarse premier Victor Orban. Na de rondleiding in het parlementsgebouw zag ik dat ze bezig waren om hun spullen weer in te pakken en weg te gaan. De ingang voor de bezoekers bevindt zich in een modern bezoekerscentrum waar ook een winkel te vinden is. Via detectiepoortjes ging je verder in de richting van het parlementsgebouw. De controles waren erg streng. Tassen en dergelijke gingen door een scanner, scherpe spullen zoals scharen moesten ingeleverd worden en kon je na afloop weer ophalen en iedereen die piepte als hij door de poortjes ging werd nog eens apart gecontroleerd. Dit was vrijwel bij iedereen het geval, want een riem zorgde al voor piepende poortjes. Alles ging heel rustig en georganiseerd. De rondleiding duurde zelf ongeveer drie kwartier en vond plaats onder leiding van een Engels sprekende gids. Via een aantal trappen kwam je in het eigenlijke gebouw terecht. Een van de eerste bezienswaardigheden was de centrale ontvangsthal met Zweedse marmeren zuilen. Hier in de buurt is een koepel met de Hongaarse kroon, scepter en koningsappel. Dit was de enige plek waar geen foto's gemaakt mochten worden. In de tijd (Eind 19de eeuw) dat het parlementsgebouw ontworpen is, had het Hongaarse parlement nog een tweetal kamer. Vandaag de dag is dat niet meer het geval. De rondleiding zelf ging door het gedeelte dat nu niet meer gebruikt worden en vroeger door het Hogerhuis gebruikt werd. Het gebouw ziet er zeer goed onderhouden uit en zit vol met pracht en praal. Tijdens de rondleiding werden we door enkele zalen geleid en gaf de gids hierbij steeds de nodige uitleg. De parlementszaal van het Hogerhuis, die hieronder te zien is, is net als de rest van het gebouw overal bekleed met goud. In beide zalen is er ruimte voor 386 parlementariërs. Tot aan de verkiezingen van 2014 was dit het aantal personen, dat in het Hongaarse parlement zitting heeft. Sinds de verkiezingen van april 2014 is het aantal parlementsleden verminderd naar 199. In het oude Hogerhuis was er voor elk lid van het parlement ook een soort bakje waarin hij zijn sigaar weg kon leggen, omdat roken in de parlementsruimte zelf niet was toegestaan. Na afloop van de rondleiding kwam je uit in een later aangebouwde ruimte waar nog een kleine tentoonstelling over het parlementsgebouw te zien was. Hier stond onder andere een maquette van het gebouw. Donderdag 30 april 2015 (middag)

    Na de rondleiding door het parlementsgebouw was ik rond de middag bij de Sint-Stefanusbasiliek. Dit is de grootste kerk van Boedapest (http://www.bazilika.biz/). De rechterhand van koning Stefanus wordt als een reliek in deze basiliek bewaard. Naast de kerkruimte zelf, is het mogelijk de toren te beklimmen en is er ook een aparte tentoonstellingsruimte. Het bezoek van de kerk zelf, is gratis. Voor het beklimmen van de toren en het bezoeken van de tentoonstellingsruimte zijn een tweetal aparte kaartjes nodig. In de aparte tentoonstellingsruimte werd onder andere besteed aan Jozef Mindszenty. Hij was van 1945 tot 1973 de leider van de Katholieke kerk in Hongarije. In 1949 is hij door de communisten tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld. Tijdens de opstand van 1956 is hij naar de ambassade van de Verenigde Staten in Boedapest gevlucht, waar hij tot 1971 heeft gewoond. Daarna is hij naar Oostenrijk kunnen vertrekken. De rest van de tentoonstellingsruimte was gevuld met religieuze voorwerpen zoals monstransen. In de kerk zijn in totaal een 8.000 zitplaatsen waardoor het een van de grotere kerken van de wereld is. Een flink deel buiten het centrum van Boedapest ligt het "Memento Park". (http://www.mementopark.hu/) Dit is een terrein waarop een aantal beelden uit de communistische tijd staan. Het park is te bereiken met de bus van het station Boedapest Kelenföld. Na de val van de communistische regering in 1989 bleef men zitten met allerlei beelden uit deze tijd, waar men niets meer aan had. Een beperkt aantal beelden is in dit park terecht gekomen dat sinds 1993 bestaat. Bij de ingang van het museum staan een tweetal beelden. Eentje van Lenin en een ander van Karl Marx en Friedrich Engels. Dit park is vooral populair bij groepen toeristen, die hier met de bus naar toe gebracht worden en rondgeleid worden. De beelden zich staat op verschillende plekken in het park. Er wordt soms een toelichting gegeven om wat voor soort beeld het gaat, maar dat is zeker niet altijd het geval. In het park staan een aantal soorten beelden: Beelden die te maken hebben met de bevrijding van Hongarije door de Russen, beelden die bepaalde persoonlijkheden uit de arbeidersbeweging uitbeelden en beelden die over de arbeidersbeweging gaan, maar geen personen uitbeelden. Hier gaat het dan b.v. om een beeld ter gelegenheid van de Hongaarse communistische partij. Erg netjes vond ik het geheel niet onderhouden en erg lang loop je er ook niet rond, maar het is wel interessant om dergelijke beelden, die vaak gewoon vernietigd zijn, hier te kunnen zien. Buiten het park was ook nog een soort barak waar een tentoonstelling te zien zou zijn, maar dit gebouw was helaas gesloten. Met de bus ben ik vervolgens weer teruggegaan naar het treinstation Kelenföld om daar weer de metro te nemen naar het centrum van Boedapest. Doordat het park een flink stuk buiten het centrum van Boedapest lag, was het inmiddels al redelijk laat in de middag geworden. Voordat ik ben gaat eten ben ik nog langs het heldenplein in het centrum van Boedapest gekomen. Het is een plein met vooral veel asfalt. In een halve cirkel bevinden zich een tweetal zuilen met in totaal veertien beelden. Oorspronkelijk waren dit Habsburgse en Hongaarse koningen, maar in de communistische tijd, zijn deze beelden door Hongaarse figuren vervangen. Na wat gegeten te hebben, was het tijd om terug te gaan naar het hotel.

    Reisverslag Boedapest 2015 Deel 2

    In berlijn, geschiedenis, metro, tweede wereldoorlog, 2015, vakantie, bank.

    Tags: 

    Woensdag 29 april 2015 (ochtend)
    Doordat ik gekozen heb voor een hotel vlakbij het Oost-Station van Boedapest was ik op de eerste ochtend van mijn vakantie binnen enkele minuten vanuit dit hotel bij dit treinstation van Boedapest.

    Als eerste heb ik deze dag de nodige Euro's omgewisseld in Hongaarse Forinten. De wisselkoers van de Euro t.o.v. de Forint lag tijdens mijn vakantie op ongeveer 300 Forint per Euro. Op het treinstation bleek het het voordeligst om te wisselen bij een automaat van de OTP bank. Deze gaf per euro iets meer dan 290 Forint. Een automaat van een andere organisatie, die hier vlak naast stond, kwam tot een koers van slechts 275 Forint per Euro. Het Oost-Station van Boedapest heeft ook een aansluiting op de metro van Boedapest. Net als in andere grote Europese steden is dit de snelste manier van reizen binnen een stad. In een speciale winkel op dit station was het mogelijk om het benodigde kaartje te kopen om drie dagen gebruik te kunnen maken van al het openbaar vervoer in Boedapest. Opvallend was het enorme aantal controleurs dat continu de kaartjes van de reizigers controleerde. Bijna elke keer als je een metrostation binnenstapte of er uitkwam stonden er mensen te controleren. Een groot verschil met een stad als Berlijn waar je nooit iemand ziet. De eerste dag stond een bezoek aan de burcht van Boeda op het programma. Na een ritje met de metro en een stukje met de bus, kwam ik vlak bij deze burcht terecht. Op de weg er naar toe kwam ik nog langs een soort park op een heuvel waar een monument stond ter nagedachtenis aan de opstand van 1956. Vanaf deze heuvel had je een mooi uitzicht op een aantal gebouwen op deze burcht. In deze gebouwen bevinden zich tegenwoordig allerlei musea waarvan ik er deze dag een aantal heb bezocht. Met behulp van een lift (een ritje naar boven kostte 200 Forint) kon je snel naar boven op deze burcht. Via een gang kwam je dan uit op de binnenplaats van deze burcht waar een aantal gebouwen stonden. Het eerste museum dat ik deze dag bezocht heb was het Historisch Museum van de stad Boedapest (http://www.btm.hu/eng/). De burcht van Boeda is een enorm complex waar vroeger de Hongaarse koningen woonden. In de burcht zijn nu een aantal musea gevestigd, waarvan het Historisch Museum van de stad Boedapest er eentje is. In dit museum zijn een aantal permanente tentoonstellingen te zien over de geschiedenis van de stad Boedapest, de geschiedenis van de burcht zelf en er is ook een verzameling kunstwerken uit de oudheid aanwezig. Historische stukken waren onder andere de troon waarop keizer Frans Jozef in 1867 werd gekkroond tot koning van Hongarije. Ook de twee tronen die gebruikt zijn om de opvolger van Frans Jozef, Karel I te kronen tot koning van Hongarije in 1916 waren te zien. Een speciaal gedeelte van het museum ging over de Middeleeuwse periode van de burcht van Boeda. Nadat de Ottomanen in 1541 Boedapest veroverden werd de burcht verlaten en verviel langzaam. De herovering van de stad Boedapest op de Ottomanen in 1686 richtte ook zeer veel schade aan, aan de gebouwen. De burcht van Boeda is ook zwaar beschadigd geraakt door de Tweede Wereldoorlog. Na de Tweede Wereldoorlog heeft een grootscheepse reconstructie plaatsgevonden waarbij grote delen van de Burcht gereconstrueerd zijn in de oude stijl. In een ander gedeelte van het museum was vooral aandacht voor de moderne geschiedenis van Hongarije. Posters uit de tijd van de omwenteling van 1989 waren daar te zien. Een van de partijen die toen is opgericht, is Fidesz, de partij van de huidige Hongaarse premier Viktor Orban, destijds een liberale partij, nu vooral een conservatieve partij met een discutabele reputatie. Op de bovenverdieping is een groot overzicht te vinden van allerlei opgravingen en overblijfselen uit de verre geschiedenis. Woensdag 29 april 2015 (middag)

    Vlak in de buurt van het Historisch Museum van Boedapest, bevindt zich de "National Gallery" van Hongarije (http://www.mng.hu/en/). In dit museum, dat ook weer gevestigd is in een prachtig gebouw bevindt zich een zeer uitgebreide collectie kunst. Dit museum bestaat sinds 1957 en er zijn niet alleen schilderijen, maar ook sculpturen, medailles en allerlei andere kunstvoorwerpen te zien. Vanaf 1975 zit het museum op de huidige locatie in de burcht van Boeda. Het museum is zeer uitgebreid en als je echt alles goed wilt bekijken, heb je hier meer dan een volledige dag voor nodig. Net als in andere musea in Boedapest, waren er veel mensen aanwezig die toezicht hielden op de bezoekers in de verschillende zalen. In het museum zijn een aantal permanente exposities te zien zoals: "Panelen en houtsculpturen uit de middeleeuwen", "Kunst uit de barok","Stenen beelden uit de middeleeuwen en de renaissance" en altaren uit de late gotiek. Zoals gebruikelijk bestond een flink deel van de schilderijen uit religieuze afbeeldingen. Op het moment dat ik het museum bezocht, was er een wisseltentoonstelling van Hongaarse kunst uit Transylvanië uit de periode 1920 - 1990. Op de bovenste verdieping van de "National Galery" was nog een collectie van vooral moderne kunst te zien. Hier was het ook mogelijk om vanaf een soort balkon te genieten van het uitzicht op de stad Boedapest. Inmiddels was het al vier uur geworden. In de buurt van de beide musea bevindt zich in de burchtwijk de Rooms-Katholieke Matthiaskerk. (http://www.matyas-templom.hu/) In 1867 zijn keizer Frans-Jozef en zijn vrouw Sisi hier gekroond tot koning en koningin van Hongarije. Ook deze kerk is in de Tweede Wereldoorlog flink verwoest. In de periode 1950 tot 1970 heeft er al een uitgebreide restauratie plaatsgevonden. van 2006 tot 2013 is de kerk opnieuw grootscheeps gerestaureerd. Na in de buurt wat gegeten te hebben, had ik in het begin van de avond nog wat tijd om de Gellert heuvel te beklimmen. Dit is een 235 meter hoge heuvel, die naast de Donau ligt, die Boedapest in een tweetal delen verdeeld. De heuvel zelf is een parkachtig landschap met vooral veel bomen, waar ook verschillende recreatieplekken te vinden zijn. Bovenop de heuvel staat een Vrijheidsbeeld ter nagedachtenis aan de Russen die Hongarije in de Tweede Wereldoorlog van de Nazi's bevrijd hebben. Na de omwenteling in 1989 zijn de verwijzingen op het monument naar het Russische leger weggehaald. Over een van de bruggen over de Donau die Boeda met Pest verbinden, ben ik richting de Metro gelopen om weer terug te gaan naar het Oost-Station van Boedapest. Rond zeven uur was ik op het Oost-Station. Hier was het ook op dit tijdstip nog druk met treinen. Er was net een trein uit Wenen aangekomen. De nachttrein naar Boekarest stond op het punt van vertrekken. Na deze drukke dag had ik op dit moment voldoende gezien. De volgende dag stond er een bezoek aan het parlement van Hongarije op het programma.

    Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 11578 uur (482,4 dagen). Berichtgemiddelde: 0,1 bericht per dag, 0,4 per week.