John Jorna

John Jorna is lid Europawerkgroep en komt uit Odijk (Utrecht)


Veel over R.k.Kerk en Odijkse parochie, Bunnikse politiek en Europese Unie

Zij linken naar John Jorna

    • Website
    • Feed (actief, valideer)
    • Laatste bericht: 28 oktober 2016, 23:05 (4 minuten geleden gecheckt)
    • Controle-interval: elke 30 minuten.
    • Twingly blogrank: Twingly BlogRank
    • Technorati rank: 4978471, met een authority van 0. * ( 1 januari 1970, 01:00)
    • Blogt over column van de week politiek in nederland .

    vrijdag, 28 oktober 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Keuze voor de dood bij voltooid leven

    In column van de week.

    BETEKENT DE ANDER NOG IETS VOOR MIJ?

    De afgelopen weken voelde ik mij steeds vervelender worden bij het lezen en beluisteren van de berichtgeving over voltooid leven en de zelfgekozen dood. In welk land leef ik? Voelen mensen zich nog verantwoordelijk voor de maatschappij? Wat geeft hun leven zin of heeft het leven voor velen eigenlijk geen zin? Weet ik wat bedoeld wordt met de term “naaste”? Wil ik zorgen voor mijn naaste? Of ben ik een eenling, die niets met anderen te maken wil hebben en van anderen eist, dat zij zich niet met mij bemoeien? Denken wij wel eens na over dit soort vragen? Of vind ik het allemaal maar onzin? Overdreven gedoe?

    Het is al wat jaartjes geleden, maar bij de colleges Culturele Antropologie werd het er ingestampt. De mens is een sociaal wezen. Het was niet moeilijk dat aan te tonen, want als je sterk afhankelijk bent van de grillen van de natuur, dan moet je terug kunnen vallen op de anderen in jouw groep van verzamelaars en jagers of landbouwers op stukjes gekapt oerwoud. Geleidelijk vermindert de afhankelijkheid van de natuur en tegenwoordig zijn wij ons nog nauwelijks bewust van die afhankelijkheid. We zijn ons ook niet bewust van onze afhankelijkheid van onze medemensen, zelfs meer dan ooit. Dat het licht brandt en de verwarming en de kraan water geeft en de supermarkt alles in voorraad heeft is zo vanzelfsprekend, dat we zonder tegenspreken mensen horen zeggen, dat ze met niemand iets te maken hebben en dat ze hun eigen leven willen leven. Niemand hoeft zich met mij te bemoeien.

    Zelfs in mijn eigen dorp hoor ik iemand zeggen, dat hij niet zou weten, wie zijn buren zijn. Dat is bij ons in de straat wel anders. En in een wooncomplex, worden collectanten systematisch buiten gesloten. Zo sluiten mensen zich af en ze beseffen het zelf niet eens. Ik hoop maar, dat er binnen die gemeenschap betere onderlinge contacten zijn en daar lijkt het gelukkig wel op.

    Gelukkig beschikken heel veel mensen nog wel over goede familiecontacten of over een vriendennetwerk of een religieuze gemeenschap, maar wij zijn inmiddels op een leeftijd, dat je veel bekenden om je heen ziet wegvallen en als er dan nauwelijks nog mensen zijn, die iets om je geven en dat laten merken ook, geen buren of familie of vrienden, dan komt het moment, dat mensen zich afvragen of hun leven nog enige zin heeft. Er zijn ook mensen, die heel bewust gekozen hebben voor een leven alleen zonder enig contact met anderen. Als mensen dan gaan denken waarom ze nog verder zouden moeten leven is dat soms een gevolg van de eigen keuzen in het leven, maar ook gevolg van de onverschilligheid van anderen.

    Ik zeg met nadruk onverschilligheid, want wat is het anders als een overgrote meerderheid van Nederlanders zegt, dat mensen zelf mogen bepalen op welk moment zij voor een vrijwillige dood kiezen. Men voelt zich niet verantwoordelijk voor het levenslot van anderen en wij voelen ons ook niet verantwoordelijk voor mensen met zulke opvattingen. Kunt u zich voorstellen, dat ik me beroerd ga voelen als ik constateer, dat er een maatschappij is ontstaan, waar mensen zich totaal niet voor anderen in hun omgeving interesseren. Waarom zou ik mij druk maken om mensen in verpleeghuizen, die niet meer goed verzorgd kunnen worden? En dan niet beseffen, dat hun dat straks zelf kan overkomen.

    Op 8 februari 2010 publiccerde ik op dit weblog een verhaal over de laatste maanden van het leven van mijn oudste tante. Ik hoorde haar wel eens zeggen: “Voor mij hoeft het niet meer.” Een paar maanden voor haar overlijden op 95 jarige leeftijd ontdekte ze hoeveel ze betekende voor het gezin van een jongere vriendin. Dat gaf haar leven zin en in een gesprek met een arts zei ze kort daarna spontaan: “Maar ik wil nog helemaal niet dood”. Je weet nooit, wanneer je leven echt voltooid is.. Wij kunnen er voor zorgen, dat het leven van een ander zin krijgt. We zijn er voor elkaar.

    Iedere mens is verantwoordelijk voor zijn eigen keuzes in het leven. Hij denkt erover na en neemt een beslissing. Dat is de werking van het autonome geweten. Die autonomie van de individuele persoon is niet absoluut. Iedereen moet ook rekening houden met de gevolgen voor anderen, voor de maatschappij. Jouw vrijheid is niet onbeperkt. Er zijn uiteraard juridisch beperkingen, maar ook de gevoelens van anderen behoren niet gekwetst te worden. Je hoort een ander niet onnodig pijn te doen of verdriet. Als jouw politieke keuze er mde voor zorgt, dat mensen in verpleeghuizen onvoldoende of slechte zorg krijgen, dan is jouw onvolprezen vrijheid geen excuus. Er zijn mensen, die de vrijheid eisen zelf het moment van hun overlijden te kiezen. Ook die vrijheid is niet onbegrensd, hoe graag ze dat ook zouden willen.

    Ik vrees, dat veel fracties in de Tweede Kamer iets te haastig ingestemd hebben met de ongezonde ideeën van Hare Excellentie, de Minister van Volksgezondheid. Ik kan mij voorstellen, dat oude mensen zich niet meer veilig voelen.

    Jaargang 9, Nr. 433.

    zaterdag, 22 oktober 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Het Oekraïne-verdrag

    In politiek in nederland.

    VALS REFERENDUM VERDIENT GEEN STEUN

    De initiatiefnemers van het Oekraïne referendum zijn er zelf voor uitgekomen. Het verdrag interesseerde hen geen steek. Hen ging het er vooral om de Europese Unie een hak te zetten. Uit recent onderzoek op initatief van de GroenLinksfractie in het Europarlement is gebleken, dat Europa nog steeds steun krijgt van een twee-derde meerderheid van de Nederlandse bevolking. Het Nederlandse parlement kan er met een gerust hart van uit gaan, dat slechts een minderheid van alle Nederlandse kiezers tegen het verdrag is en dat de meerderheid de goedkeuring van het verdrag door ons parlement wil. Ik roep Europa gezinde partijen als D66, CDA, CU en met name mijn partij GroenLinks op in ons parlement het verdrag goed te keuren, zodat het verdrag gered wordt en Europa verdeeldheid bespaard blijft.

    vrijdag, 21 oktober 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Reis naar Istrië 3

    In column van de week.

    INTIEME OUDE STADJES OP HET SCHIEREILAND

    De vierde volle dag bezochten we twee steden op de Westkust van Istrië. In de ochtend was Rovini aan de beurt, De oude stad ligt op een naar het Westen vooruitstekende punt. We liepen eerst langs de Noordkant met een aaneensluiting van horeca en winkeltjes en belandden bij een markt in de open lucht met vooral veel groenten en fruit, alles heel kleurig uitgestald. Doorgelopen kwamen we bij de havens met vooral veel horeca. Na de koffie klommen we omhoog naar de 18e eeuwse Sint Eufemiakerk met een nog oudere klokkentoren met op de spits een beeld van Eufemia met een wiel. Dat geeft aan hoe ze door haar Turkse vader gevierendeeld is omdat ze vasthield aan haar geloof. Voor ons was het heel bijzonder, want een naast familielid heeft Eufemia als doopnaam en we noemen haar Feem. Via allerlei smalle straatjes met vooral veel “kunst” zaakjes daalden we af naar de haven Bij de havens lunchten we en daarna hadden we nog net tijd om een souvenir te kopen.

    In de stad Poreč met als voornaamste bezienswaardigheid de Eufrasiusbasiliek, tevens kathedraal of bisschopskerk. Het is geen erebasiliek, maar bouwkundig een basiliek. De kerk is doosvormig in doorsnede, dus met een horizontaal plafond. Het meest bijzonder in die kerk is een groot mozaïek boven het priesterkoor een voorstelling van Maria, Koningin des Hemels met in het midden Maria met het Kindje Jezus op schoot. In hetzelfde gebouwencomplex vind je ook nog een museum en restanten van een ouder gebouw, die opgegraven zijn. Alles bij elkaar een bezoek aan de stad waard.

    De volgende dag was de zondag. We deden kalm aan, wandelden een eind langs het kust pad, dronken koffie en liepen weer terug. Na een lunch maakten we een boottocht eerst in de richting van Rijeka en daarna naar Lovran met voortdurend uitzicht op de kust. In Lovran pauzeerden we en bekeken eerst het oude stadje tegen de heuvel opgebouwd met smalle straatjes en een klein kerkpleintje. In het kleine kerkje waren elk weekend nog drie Eucharistievieringen. Ondanks de Titotijd of misschien juist door de Titotijd is Kroatië nog erg katholiek. We liepen een stukje van het kust pad en over de grote weg weer terug. Per boot ging het terug naar huis.

    De laatste volle dag bezochten we Mosenice, een hoog gelegen stadje met een basisschool van zes leerlingen en 49 inwoners. De meeste mensen gaven de voorkeur aan het lager gelegen plaatsje aan de kust. Maar er was een kerk en er was een oude tredmolen, waar vroeger olijven geperst werden voor de olie, maar waar wij een pittig alcoholisch drankje voorgeschoteld kregen. Via een hoog gelegen weg reden we verder naar het Zuiden en daarna terug naar Opatija. Sommigen stapten uit in Lovran om via het kust pad naar het hotel te lopen. Wij lunchten en kochten nog een souvenir. De volgende dag moesten we immers vroeg op om de thuisreis te aanvaarden.

    Een ding viel ons bij deze reis tegen. Het was een groepsreis met 49 deelnemers. Met een flink deel van de deelnemers kregen we geen contact. Ze hielden naar mijn gevoel de boot af. In de eetzaal hadden we vaste plaatsen. Tijdens de reizen met een andere organisatie leerde je juist bij de diners je reisgenoten kennen en dan bleek vaak, dat er gemeenschappelijke kennissen waren. Zo werd het veel gezelliger. Gelukkig waren er heel wat leuke mensen in het gezelschap en had je toch steeds aanspraak en steun. We merkten tijdens gesprekken met anderen, dat zij de afzijdigheid van een deel van het gezelschap ook als minder prettig hadden ervaren. Was het toeval of zit het in de aanpak bij deze reisorganisatie? Voordat we een volgende reis gaan plannen moeten we daar nog eens goed over nadenken.

    Jaargang 9, Nr. 432.

    zaterdag, 15 oktober 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Reis naar Istrië 2

    In column van de week.

    WATERVALLEN EN DRUIPSTEEMGROTTEN

    Vanuit ons hotel in Opatija maakten we dagelijks excursies, als je tenminste had ingetekend voor het pluspakket. Er waren ook mensen, die liever in Opatija bleven om te wandelen of te winkelen en een terrasje te pikken.

    De tweede volle dag in Kroatië gingen we naar de Plitvice-meren ruim 200 kilometer het binnenland in. Ze liggen in een 295 KM2 groot nationaal park al in 1979 door de UNESCO op de Werelderfgoedlijst geplaatst. Zestien meren liggen er op verschillende hoogten bij elkaar en zijn onderling door watervallen verbonden. Het hoogst gelegen meer op 636 meter boven zeeniveau en het laagste ligt op 503 meter.

    Hoe is dit alles ontstaan? De rivier de Korana heeft hier een diepe kloof uitgeschuurd. Plaatselijk is het dal nog dieper geworden, doordat dieper gelegen grotten zijn ingestort. In de rivier vormen zich ook dammen. Door een combinatie van algengroei en afzetting van kalksteen worden die dammen elk jaar ongeveer anderhalve centimeter hoger. Zo wordt het meer achter die dam steeds dieper en de waterval steeds hoger De hoogste waterval is nu 76 meter. Door de algen en het gesteente travertijn (kalksinter) krijgen de meten een groenblauwe of turquoise kleur. Er valt dus veel moois te zien.

    De bus zette ons af bij ingang 1 de laagst gelegen toegang tot het park. Vanaf een plateau krijg je al onmiddellijk een schitterend vergezicht naar een hele rij watervallen aan de overkant van het dal. Dan volgen we een panorama pad tegen de dalrand aan met af en toe weer een openplek met het uitzicht op een meer met hemelsblauw op turquoise water. We arriveren bij de halte van een treintje: twee wagons en een trekker ervoor. Die brengt ons naar halte drie. Dan wordt het wandelen over knuppelbruggen door een hoogveenmoeras en langs meren. Weer omhoog en weer omlaag langs talloze watervalletjes en grotere en kleinere meren. Je moet wel stevig op je benen staan. Dan deelt de groep zich. De mensen met een goede conditie lopen verder, de rest keert terug naar halte drie, een flinke klim, maar iedereen kan het in zijn eigen tempo met af en toe een rust. Deze groep gaat met de bus naar halte twee en wacht dar op de andere groep, die nog uit het dal omhoog moet klimmen. Als we compleet zijn, lopen we naar de grote weg, waar onze bus ons ophaalt.

    De terugreis gaat via een andere route. We stoppen nog bij een kraam met streekproducten: honing en vruchtenlikeur. Onze kersenlikeur was heerlijk, maar de fles was terug in Nederland veel te vlug leeg.

    De derde dag ging de excursie naar de druipsteengrotten van Postojna in Slovenië. We moesten dus de grens in Noordelijke richting passeren en dat is altijd wat spannender na de vluchtelingenstroom van vorig jaar. Het verliep allemaal heel soepel. Het grottenstelsel is hier ruim 23 kilometer lang, maar voor gewone bezoekers zijn alleen de eerste zes kilometer toegankelijk. De grotten zijn echt een wereldattractie. Zo was er eem forse groep Zuid-Koreaanse vrouwen. Wij gingen met een Duitssprekende groep mee. De tocht begon met een flinke treinreis ook al langs druipsteenformaties. Je mocht er niet flitsen en dus zijn de foto’s door teveel bewegen niets geworden. Lopend ging het beter met af en toe even stil staan. Van tijd tot tijd hield de groep stil en dan gaf de gids via een geluidsinstallatie toelichting. Dat was meestal afgelopen voordat ik dicht genoeg bij de spreekster was om er iets van te verstaan. Je moet kiezen; foto’s maken of de gids volgen en naar haar luisteren. Het laatste stuk ging weer met het treintje. We waren behoorlijk moe van de tocht en blij, dat we konden zitten voor een lunch. Tsja, het was in Slovenië en dus konden we met Euro’s betallen; makkelijk toch. Volgende week verder.

    Jaargang 9, Nr. 431.

     

    zaterdag, 8 oktober 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Reis naar Istrië 1

    In column van de week.

    VAKANTIEGEBIED VOOR KEIZERS EN ADEL

    Als je je bewust bent van de geografie en de geschiedenis van je vakantiegebied wordt het een boeiende ontdekkingstocht. Ik had na terugkomst een heel voldaan gevoel. Ik was nooit in voormalig Joegoslavië geweest en leerde het nu voor een deel kennen. We maakten gebruik van een aantrekkelijke organisatievorm: Vaste standplaats en vandaaruit interessante uitstapjes in een extra te betalen pluspakket. Niet elke keer weer koffers pakken, ermee naar de bus slepen en op weg naar het volgende hotel om met de koffers een plaatsje in de lift te krijgen. Toch viel het nog tegen, want we moesten vaak vroeg uit de veren. Maar bij een alternatieve reis per vliegtuig met vrijwel hetzelfde aanbod reisde je midden in de nacht naar het vliegveld en die reis was nog veel duurder ook. Onze busreis ging in twee dagen met een overnachting in een dorpje tussen Würzburg en Ulm met zeven windmolens in een schitterend en heel rustig landschap.

    Onze standplaats was Opatija aan de Noordoostelijke kust van het schiereiland Istrië. Vanaf 1815 ging het van Venetiaanse handen over in die van Oostenrijk. In de tijd van Keizer Franz Jozef en zijn vrouw Elizabeth/Sissi kwam de plaats volop in ontwikkeling. Vanuit Wenen kon men over de weg en per spoor er naartoe. De keizer bouwde er een villa, de keizerin ook met een prachtig park. De hele kuststrook tussen Lovran en Volosko werd vol gebouwd met adellijke villa’s en veel hotels en dat alles kun je wandelend over een promenade op je gemak bewonderen. Geen vergane glorie, maar nog steeds druk bezocht, ook vanuit Azië en Noord-Amerika. Gezwommen kan er ook worden en het water van de Adriatische Zee is hier opmerkelijk helder. In de stad kun je ook winkelen – internationale ketens zijn er vertegenwoordigd – of op een terrasje zitten. Maar daarvoor kwamen wij niet.

    Want de eerste dag na aankomst gingen we per bus naar het eiland Krk, door een brug met de vaste wal verbonden. Wij bezochten de hoofdplaats Kerk Stad en een wijngaard met wijnhuis in het dorp Vrbnik. In de stad is een kathedraal – dat is de kerk van een bisschop – en Quirinuskerk te bezoeken. De Dominicanen hebben het eiland tot ontwikkeling gebracht en wonen er nog steeds. De wijngaarden liggen in een vlak wat kronkelend gebied tussen de heuvels. Het is ontstaan doordat een grottenstelsel is ingestort. Er ligt nu vruchtbare grond, die voldoende vocht vasthoudt. Zo’n grote inzinking in een Karst landschap noemen we een polje en die wilde ik graag zien. De veel kleinere dolines zijn we op onze tochten helaas niet tegen gekomen. De druivenpluk was aan de gang. In het wijnhuis hebben we nog een aardige film over de wijnproductie gezien en uiteraard ook de wijn geproefd met prima brood en gerookte ham erbij. Van de terugreis heb ik een heel stuk gemist. Na het geraas van het rijden door een tunnel werd ik wakker.

    Volgende week verder met een bezoek aan de Plitvice meren. En de grotten van Postojna, het vroegere Adelsberg in Slovenië.

    Jaargang 9, Nr. 430.

    zaterdag, 1 oktober 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Opnieuw ritueel slachten aan de orde

    In column van de week.

    EEUWENOUDE AANDACHT VOOR DIERENWELZIJN

    De Joodse Bijbel en de Islamitische Koran bevatten duidelijke voorschriften over de omgang met slachtdieren. Het gaat erom, dat dieren voorafgaand aan de slacht niet verontrust worden. Ze moeten geen bloed zien of ruiken. De slachter probeert de dieren op hun gemak te stellen en rustig te houden. Dieren mogen in geen geval het slachten van een ander dier zien. Door een snelle effectieve halssnede verliest het dier zeer snel het bewustzijn en lijdt dus zo min mogelijk pijn. Dat vereist een grote mate van vakmanschap. Het dier moet ook volledig leeg bloeden. Daardoor blijft het vlees langer goed, zodat de gezondheid van de consument gewaarborgd wordt. Eeuwenoude ervaring is zo in de wetten voor de rituele slacht samengebracht. Maar werken met een schietmasker of met elektrische verdoving bestond nog niet toen de auteurs van de Joodse Bijbel en de Koran hun werk deden. Het probleem is nu, dat een van de voorschriften is, dat het dier bij de slacht bij bewustzijn moet zijn. De tegenstanders van de rituele slacht willen de zekerheid, dat het dier geen pijn lijdt en willen daarom verdoofd slachten. Joden en Moslims willen al eeuwen, dat het dier geen pijn lijdt, maar in onze Westerse arrogantie vertrouwen wij niet op hun vakmanschap. Aan de wetten van hun godsdienst hebben deze geseculariseerde dierenvrienden geen boodschap. Ze zien er geen bezwaar in de Joodse en Islamitische godsdienst hun wetten voor te schrijven. De scheiding van Kerk en Staat leert nu juist, dat de Staat zich nooit bemoeit met de inhoud van de religie, zoals omgekeerd de religieuze leiders de staat nooit dwingen tot een door hen gewenst gedrag, tenzij dat voor iedereen overduidelijk is. Stelen, moorden, verkrachten mogen uiteraard niet.

    In Nederland bestaat vanouds de traditie, dat de staat gewetensbezwaren respecteert. Denk aan alternatieve dienstplicht of het zich niet laten inenten of het weigeren op zondag te werken. Het aantal politici, dat geen boodschap lijkt te hebben aan die gewetensbezwaren lijkt toe te nemen. Denk aan de dwang naar weigerambtenaren: Homohuwelijken voltrekken of worden ontslagen is de keuze. Voor mij is dat gewetensdwang, terwijl ik geen moeite heb met het openstellen van het burgerlijk huwelijk voor mensen van gelijk geslacht.

    Wat zou voor iedereen de wezenlijke reden moeten zijn om zuinig te zijn op de scheiding van kerk en staat en de vrijheid van godsdienst? Als je die vrijheden niet wenst te respecteren, kom je zelf in de problemen als je zelf later een beroep wilt doen op die vrijheden.

    De Linker Wang wilde van echte deskundigen weten hoe het zit met allerlei aspecten van dit onderwerp. Dieren ervaren pijn en wij kunnen dat op meerdere manieren aantonen. Daarom is het zaak, dat de dieren bij de slacht zo snel mogelijk het bewustzijn verliezen. Zo snel mogelijk betekent binnen veertig seconden, is de afspraak. Dat lukt meestal wel bij het slachten van schapen, geiten of kippen, maar niet bij de veel grotere runderen. Dan moet alsnog verdoofd worden. Wetenschappers hebben onderzocht of een zo hoog mogelijke snede een oplossing biedt. Dat blijkt onvoldoende het geval. Het politieke compromis werkt niet. Moet een langere tijd toegestaan worden, zelfs drie minuten? Bedenk, dat het bij de reguliere slacht ook vaak mis gaat en wel in veel grotere aantallen, dan het aantal kosher plus halal geslachte dieren. Voor de wetenschappers is wel duidelijk dat de techniek nog in veel opzichten tekort schiet. Dieren zijn er in vele maten, maar de apparatuur om dieren te fixeren is niet op de maten van het dier instelbaar.

    Er zitten ook economische kanten aan het ritueel slachten. Het enige Joodse slachthuis draait altijd al met verlies en het wordt door de Joodse gemeenschap overeind gehouden. Als export verboden wordt daalt de rentabiliteit. Als kosher en halal vlees alleen in gespecialiseerde winkels mag worden verkocht en niet in supermarkten, wordt het vermarkten veel moeilijker. Als dit vlees ge-etiketteerd moet worden verkocht, neemt het aantal kopers waarschijnlijk af. Bij de beoordeling van de voorgestelde regelgeving moet dus gelet worden op de mogelijkheid, dat men op slinkse wijze het ritueel slachten onmogelijk gaat maken.

    Dit onderwerp zorgt voor veel onbehagen in de Joodse en de Islamitische gemeenschappen. Men voelt zich niet gerespecteerd. Men vreest dat antisemitisme of moslimhaat een rol spelen, net als in het verleden. Men voelt zich in zijn godsdienstvrijheid bedreigd. Mensen kunnen lichamelijke pijn voelen, maar ook geestelijke pijn. Willen wij in Nederland die geestelijke pijn, angst, discriminatie, non-acceptatie voor mensen omwille van iets minder dierenleed aanvaarden? Ik blijf er zeer onbehaaglijke gevoelens bij houden. Altijd moet ik dan weer denken aan onze Joodse buren, die niet terug kwamen.

    Jaargang 9, Nr. 429.

    vrijdag, 16 september 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Middagje Arnhem

    In column van de week.

    HOOGTEPUNTEN VAN ARCHITECTUUR

    Ik heb in mijn leven heel wat keren gebruik gemaakt van het Arnhemse station en in minstens drie gedaanten. Een enkele keer nog als kind voor de verwoesting tijdens de Tweede Wereldoorlog en talloze malen van de toch wat simpele opvolger, die tussen alle hoge gebouwen rondom moeite had op te vallen. Maar na vele jaren narigheid met trappen bestijgen en weer afdalen en omwegen en je weg zoeken naar de bushaltes is er nu een prachtig geheel, een echt OVknooppunt tot stand gekomen. De route naar de busterminal onder kantoorgebouwen ligt mooi in het verlengde van de brede reizigerstunnel. Alleen voor de trolleybussen moet je naar het Stationsplein. Er is daaronder een grote parkeergarage, zodat de slimme automobilist van huis naar station en verder per trein het hele land door kan reizen en intussen in de trein ook nog kan werken. Zo is reizen geen verloren tijd. Ook vallen de vele kantoren rond het nieuwe Arnhem Centraal op. Werknemers en cliënten kunnen per bus of trein die kantoren gemakkelijk bereiken en er is ruimte voor fietsen te over. De fietsenrommel zoals in Utrecht ontbreekt hier geheel.

    Het bijzondere van de locatie is, dat het terrein hier naar het Noorden omhoog loopt. Voor de verbreding met meer sporen moest dus grond worden weggegraven en moest een nog hogere keermuur worden gebouwd. Als je aan de Sonsbeekzijde uitstapt kijk je over het hele station heen. Als je aan de Stadszijde naar het station gaat, loopt het plein een beetje omhoog en in de stationshal zit je dan al meteen op het niveau van de reizigerstunnel. De overkapping van de perrons is hier bijzonder fraai uitgevoerd: licht golvend en met veel glas. De trappen naar de tunnel zijn zeer breed en door het glazen dak ook goed verlicht. Omhoog zijn er roltrappen. De perrons zijn zo lang, dat ook de langste internationale treinen er voldoende ruimte vinden.

    Maar het meest bijzonder is de hal. Heel veel glas met ronde en gebogen vormen en overal die doorkijkjes. Bij elke stap, die je zet veranderen de vormen. Die hele gebogen dakconstructie wordt ondersteund door een enorme zuil met vreemde vormen als van een reusachtige oerwoudboom. Er zijn allerlei niveaus en bij elk niveau krijg je weer een andere kijk op het geheel. De hal is dus het meest bijzonder. Hoe kijk je van buiten tegen het station aan? Ik vermoed, dat het zich ’s avonds mooier aftekent door de ruim verlichte hal tegen de donkere achtergrond van de hogere omliggende gebouwen. Ik was er overdag en voor mij viel het gebouw wat weg. Het is het niet opvallend present op het plein. Zou kleur daarbij helpen? Of een gekleurde rand. Fotoshoppers moeten het maar eens proberen.

    Ik was diezelfde middag ook bij het Cultureel Centrum Rozet in de Westelijke binnenstad van Arnhem, dus niet ver van het station. Het is eveneens een heel bijzonder gebouw en ook in de prijzen gevallen. Daarover toch maar een volgende keer.

    Jaargang 9, Nr. 428.

    John Jorna

    John Jorna

    Nieuw systeem van donorregistratie

    In politiek in nederland.

    ORGAANDONATIE EEN BUITENGEWONE DAAD VAN NAASTENLIEFDE

    Al eerder schreef ik over het onderwerp orgaantransplantatie en orgaandonatie. Zie dit weblog van 22 oktober 2010 of klik door naar: http://johnchmjorna.nl/?p=899  Ik ga nu dit blog niet nog eens herhalen, maar noem nog wel de uitspraak van de arts en medisch ethicus Kardinaal Willem Eijk: Met name orgaandonatie: het bij leven schenken van een nier ziet hij als een buitengewone daad van naastenliefde en over orgaantransplantatie zegt hij dat de R.-k. Kerk die van harte aanbeveelt. Inderdaad, wat is er nu mooier dan wanneer je door een ongeval bij volle gezondheid je leven verliest, dan toch een of meer medemensen juist weer leven kunt schenken. Het lijkt mij voor nabestaanden ook een troostvolle gedachte. Ik sta nog wel al vele jaren als donor ingeschreven, maar voor de meeste organen of weefsels ben ik te oud.

    D66 gelooft uiteraard niet in wonderen, maar je zou het haast denken, dat een hogere macht heft ingegrepen om een treinvertraging te veroorzaken. Zo werd het wetsontwerp over donorschap toch aangenomen. Tot mijn genoegen. U zult begrijpen, dat een aantal reacties mij niet tot vreugde hebben gestemd. Een overheid heeft tot taak bij zaken als deze regelend op te treden. Een uitspraak, dat de overheid zich mijn lichaam toe-eigent, is onjuist en vooral een nogal onsmakelijke vorm van stemmingmakerij. Die overheid doet maar. De werkelijkheid is, dat jij organen of weefsels bij een plotseling overlijden ter beschikking stelt van een doodzieke medemens, die daardoor verder kan leven met minder pijn of benauwdheid. Wekelijks maak ik in mijn fitnessgroepje een longpatiënt mee en met de zuurstoffles verbonden probeert ze toch zo goed mogelijk fit te blijven, want misschien is er straks voor haar een gezonde long beschikbaar. We leven allemaal erg met haar mee.

    Het verdriet mij zeer, dat partijen, die zich in hun naamgeving christelijk noemen gemeend hebben tegen te moeten stemmen. Het wezenlijke verschil met de vigerende wet is, dat je nu moeite moet doen om te kennen te geven, dat je donor wilt zijn en straks moeite moet doen om te laten weten, dat je niet donor wilt zijn. Juist voor partijen, die zich christelijk noemen en dus de liefde tot de naaste gelijk zien aan de liefde tot God, zou het zich beschikbaar stellen als donor een vanzelfsprekendheid moeten zijn. Laten we hopen, dat onder de senatoren van die partijen de betekenis van naastenliefde beter bekend is.

    Veel VVD-kamerleden hebben tegen gestemd. Daarbij wordt een grondwetsartikel te hulp geroepen over de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam. Het komt mij nogal vreemd voor dat artikel ook voor een stoffelijk overschot te laten gelden, want dan zou crematie en begraven niet mogelijk zijn. Als je bedenkt wat er met een lichaam in een graf gebeurt is het toch veel mooier wanneer je kunt bedenken, dat organen van jouw dierbare overledene voortleven in het lichaam van een ander. Mevrouw Dupuis-oud senator voor de VVD oppert de idee, dat je zelf donor moet zijn, wil je in geval van nood zelf voor transplantatie in aanmerking komen. Wil je profiteren, dan moet je ook bereid zijn anderen te laten profiteren. Dat besef kan nu ook al een rol spelen, wanneer je je laat inschrijven als donor. Wat is het mooi, dat transplantatie in deze tijd mogelijk is. En maar hopen, dat het voor mij nooit nodig zal blijken. Maar ook voor het transplantatiesysteem geldt, dat solidariteit altijd iets wederzijds is. Als ik anderen help, kan ik er op rekenen zelf ook geholpen te worden.

    zaterdag, 10 september 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Dagje uit met hindernissen

    In column van de week.

    MARKEN EN VOLENDAM

    Mijn vrouw is een trouwe lezeres van een bekend damesblad. Daar horen allerlei aanbiedingen bij. Nu was er een arrangement met een bezoek aan Volendam en een retour boottocht naar Marken. We waren er nooit geweest. Dat was iets voor Amerikanen en tegenwoordig Chinezen, Japanners en Koreanen. Het is een leuke dag geweest.

    We zijn voorstander van openbaar vervoer en we zijn niet de enige. Dus vinden overal enorme uitbreidingen plaats. Je merkt het al bij Utrecht, waar nog steeds gewerkt wordt. Je passeert een nieuwe halte Vaartse Rijn. Overstappen op hetzelfde perron is lekker makkelijk. Op Amsterdam Centraal ontmoeten we de eerste hindernis Het printje van 9292 laat niet zien, dat de bussen naar Volendam vertrekken van een hoger gelegen busplatform. En wij maar zoeken op de begane grond. Toen we het eenmaal door hadden was de bus snel gevonden en verliep de busreis voorspoedig.

    Het toeristisch gebeuren: souvenirwinkels, horeca, boottochtjes, kaasfabriek concentreert zich bij de Haven, eigenlijk de oude zeedijk. Daar zie dan de wereld aan je voorbij trekken, maar ook landgenoten weten de weg naar Volendam te vinden. We hebben er goed gegeten en een hand gebreid wollen vest van een Nepalees echtpaar gekocht, dat er een winkel heeft. Later op Marken werden we bediend door een meisje uit Peru. Het is een en al globalisering wat je ziet en er wordt goed verdiend. Dan denk ik aan de enorme aanhang, die Geert W. er heeft. Die wil toch niets weten van globalisering. Het schijnt dat De Volendamse gemeenschap een wat gesloten karakter heeft en zich afsluit voor vreemden wanneer die zich er echt willen vestigen.

    Een bezoek aan het Volendam museum is zeker de moeite waard. Het toont vooral een beeld van het verleden met klederdrachten, die je nauwelijks meer ziet. De visserij, waar de mensen vroeger van leefden, een scheepswerf en de plaatselijke middenstand. Maar er wordt ook een film vertoond van de watersnood in 1916, die er voor zorgde, dat de Afsluitdijk er kwam en de polders. Er moet eerst een ramp gebeuren voordat men beseft, dat die Afsluitdijk echt nodig was. Zo is het nog steeds.

    Na de drukte van Volendam is het op Marken rustig. Architectonisch is het vaak wat interessanter, maar ook wat stijver dan het katholieke Volendam. Marken werd door monniken vanuit Friesland bewoonbaar gemaakt. De mensen woonden er op terpen en bij de vrij forse Protestante kerk is dat nog goed te zien. Er is ook hier een klein museum met ook weer veel aandacht voor de oude klederdrachten en de ontginningsgeschiedenis. Er is een klompenmakerij en rond de haven vind je wat winkeltjes en horeca. Daar kun je goed eten en je wordt vlot bediend, zodat we een boot eerder terug naar volendam konden nemen.

    De terugreis kende ook wat probleempjes. We moesten eerst een kwartier wachten op de volgende bus, want de eerdere misten we op een haar na. Maar we hadden de tijd. Na Amsterdam Amstel ging de Intercity opeens langzaam rijden, maar na Abcoude ging het weer vlot. Raar want er zijn daar vier sporen. Zo zaten we wat krap om in Utrecht de bus naar huis te nemen en we wisten nog niet waar de nieuwe halte is. De bussen vertrekken aan de Jaarbeurszijde. Helemaal achterin de stationshal ver van het nieuwe stadhuis zijn trappen en roltrappen naar het C en D-perron voor stads- en streekbussen. Op de begane grond kun je niet even van het ene perron naar het andere. Dan moet je weer om hoog en omlaag. We daalden eerst af naar het C-perron, maar we moesten op het D-perron zijn en dan ook nog helemaal achteraan. We hadden het toch nog zo vlug gedaan, dat we de bus nog zagen vertrekken. Dus weer wachten, maar nu een half uur. Maar voortaan weten we waar we wezen moeten. Al met al waren we nog een half uur eerder thuis, dan eerst gepland. Moe , maar voldaan.

    Jaargang 9, Nr. 427.

    vrijdag, 2 september 2016

    John Jorna

    John Jorna

    In memoriam Gerard Claassens S.V.D.

    In column van de week.

    PRIESTER, HERDER, MAN VAN HET WOORD, MENSENMENS

    Dinsdag, 30 augustus overleed Gerard Claassens, Missionaris van het Goddelijk Woord, 88 jaar oud. Hij was op 2 november 1927 te Cuijk aan de Maas geboren en bracht er zijn jeugd door. Op 2 februari 1957 werd hij priester gewijd. Daarna studeerde hij voor de Middelbare Akte Sociale Pedagogie en ging werken bij Kontakt der Kontinenten in Soesterberg als vormingswerker. Daar hebben mensen uit het hele land en ook uit het buitenland hem leren kennen. Toen hij met emeritaat ging heeft hij lang op het terrein van Kontakt der Kontinenten gewoond. Hij kon enthousiast vertellen over de groepen, die daar kwamen en kennis maakten met moderne opvattingen over pastoraat of over imams, die daar kennis over de Nederlandse samenleving en de christelijke religies kregen aangereikt. Maar intussen bleef hij als pastor werkzaam. Op een bankje bij de Goyerbrug hoorde ik mensen uit Woudenberg enthousiast over hem vertellen. Tot hij nog maar kort geleden last kreeg van zijn nieren. Die laatste jaren waren heel zwaar voor hem. Misschien mag je zeggen, dat zijn dood een bevrijding uit zijn lijden betekende.

    Als priester-assistent in Cothen deed hij veel ervaring op met de zielzorg. Het was een goede voorbereiding voor zijn pastoorsbenoeming in Odijk, waar hij op 10 augustus 1974 als pastoor van de H. Nicolaasparochie werd geïnstalleerd. Het bisdom vond hem geschikt voor een grotere parochie, maar hij wilde naar een kleine gemeenschap, waar hij iedereen kon leren kennen. De vertrouwenscommissie gaf aan Gerard de voorkeur en toen Gerard het bisdom dreigde zijn heil in het Brabantse te gaan zoeken was zijn benoeming vlug voor elkaar.

    Wat mij persoonlijk bij hem steeds weer trof, was dat heel vaak zijn preken gingen over een onderwerp, dat mij bezighield en waarmee ik worstelde. Zo hielp hij mij mijn weg door het leven te vinden. Ik denk, dat zijn wijsheid vaak nog doorklinkt in mijn columns. Soms werkte het ook andersom. Een tijd lang besprak hij de lezingen van de zondag met een aantal assistenten. Ik had mijn gedachten ook op papier gezet en gaf hem mijn opmerkingen na afloop. Gerard ging zijn preek voorbereiden en toen hij klaar was dacht hij aan mijn brief. Daarin las hij, dat mijn collega’s niet konden geloven, dat evangelie blijde boodschap betekent. Hij scheurde zijn preek doormidden en begon opnieuw. Het werd een heel blije preek met leuke moppen erin, waarvan iedereen echt genoten heeft.

    Gerard zocht de mensen overal op. Met jonge mensen voetbalde hij op het gras naast de pastorie. Met anderen volleybalde hij tot op hoge leeftijd of voerde hij pastorale gesprekken bij een goed glas pils in de voetbalkantine. Maar hij kwam ook bij de mensen thuis op verjaardagen of huwelijksjubilea. Hij bezocht de zieken thuis of in de ziekenhuizen. Hij kende iedereen bij naam en kende de familierelaties. Hij wist van de ruzies in een familie en vaak riep hij op de vrede te bewaren. De mensen hielden van hem en lieten dat ook merken toen hij zelf ziek was, maar ook als hij jarig was. Gerard was een van de redenen waarom wij het fijn vonden en vinden om in Odijk te wonen.

    Onze pastoor wist mensen in beweging te brengen. Nog steeds zijn er heel veel vrijwilligers en met vrijwilligers is er een zaaltje gebouwd en een mortuarium en is er veel aan de kerk verbeterd, met name aan de akoestiek. In de loop der jaren is er ook veel kunst in de kerk gekomen. Zo lieten mensen hun dankbaarheid blijken. Ik denk, dat wij zijn nagedachtenis niet beter kunnen eren dan door zijn werk voort te zetten. Gerard rust in vrede in de armen van je schepper.

    Jaargang 9, Nr. 426.

    vrijdag, 26 augustus 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Vrede in Colombia?

    In column van de week, nieuws, werk, oorlog.

    NA 50 JAAR OORLOG TOCH VREDE?

    Goed nieuws in de krant is nogal uitzonderlijk, maar in deze dagen mochten we het weer eens beleven. Na 50 jaar oorlog hebben de FARC en de Colombiaanse regering een vredesovereenkomst getekend. Ze hebben er vier jaar over onderhandeld op neutraal terrein, de Cubaanse hoofdstad Havanna. De achterban van de Farc en de bevolking van Colombia moeten de overeenkomst nog goedkeuren. Dat vraagt wederzijds vertrouwen. Mensen, die een dierbare hebben verloren in de strijd moeten genoegen nemen met straffeloosheid en die geldt ook voor paramilitairen, die er enorm op los gemoord hebben.. Wat te doen als een deel van de rebellen de guerrilla oorlog voortzet? Eerder had een deel van de rebellen zich overgegeven, maar ze werden door paramilitairen gewetenloos vermoord. Dan wordt vertrouwen moeilijk. De beweging gaat verder als politieke partij. Hoeveel stemmen gaat ze trekken? Zullen andere partijen meewerken?

    Colombia is een typisch Latijns-Amerikaans land. Een paar rijke families van grootgrondbezitters, bankiers of mijneigenaren, ook een kleine middengroep en een massa kleine boeren, landarbeiders en mijnwerkers. Die kleine boeren gebruiken hun grond al heel lang van generatie op generatie. Ze beschouwen de grond terecht als hun eigendom, maar ze hebben geen eigendomspapieren. Ze kunnen niet aantonen, dat de grond hun eigendom is. Zo werden en worden ze door plantagebedrijven of mijnbouwondernemingen geholpen door paramilitairen van hun grond verdreven. Ze mogen blij zijn als ze het er levend van afbrengen. Het is nog steeds een probleem en kleine boeren worden nu geholpen door organisaties op kerkelijke basis, die hen vooral juridisch bijstaan. Cordaid Mensen met een Missie heeft een jonge vrouw uitgezonden, die bij die organisatie werkt. De FARC is oorspronkelijk opgezet om kleine boeren tegen de grote ondernemingen en de paramilitairen te beschermen. Ik vind het een sympathiek doel, maar niet mijn methode. Zo’n guerrillaorganisatie heeft natuurlijk geld nodig voor eigen levensonderhoud en voor wapens en munitie. Helaas zijn ze in hun methoden de fout ingegaan: ontvoeringen om het losgeld. afpersing en drugshandel. De vredesovereenkomst wekte grote blijdschap, want die ellende is straks voorbij.

    Al die jaren heeft Pax Christi een bemiddelende rol gespeeld. Of hun werk geleid heeft tot onderhandelingen is mij niet duidelijk. De organisatie werkt bij alle bemiddeling zonder veel ophef. Je moet niemand voor het hoofd stoten en gezichtsverlies voorkomen. Over een maand zitten we midden in de Vredesweek en 21 september vieren we de Internationale Dag voor de Vrede. Mooi voor Pax dat er nu iets te vieren valt.

    Jaargang 9, Nr. 425.

    zaterdag, 20 augustus 2016

    John Jorna

    John Jorna

    We hebben Toon

    In column van de week, kwaliteit, werk.

    LEUK SPEELTJE EN OOK NUTTIG

    Wij hadden altijd al een thermostaat, die automatisch de temperatuur regelde voor de dag en de nacht en eventueel de tijd, dat je op bepaalde dagen afwezig was. Maar we zijn gepensioneerd, dus niet regelmatig afwezig. Er zat ook een vakantiestand op en de mogelijkheid, de verwarming tijdelijk wat hoger te zetten bij rillerig weer. Bij de wisseling van zomer- en wintertijd, moest je wel de tijd veranderen. Eigenlijk was er geen reden om een andere thermostaat te nemen.

    Maar toen kwam de man van Eneco. We zijn klant van Eneco gebleven. De onderneming is van de grote energiemaatschappijen het meest op de duurzame toer. Bovendien baal ik enorm van de privatiseringsgolf, die Nederland (en Europa) overspoeld heeft. Zo iets belangrijks als energievoorziening moet je bij voorkeur niet aan particuliere ondernemingen overlaten. Hoge salarissen voor de top en hoe ziet die top het bedrijfsbelang en het belang van de klanten en het belang van het personeel en het belang van het milieu? Volgens mij zit dat bij Eneco redelijk goed.

    Die man van Eneco kwam Toon aanprijzen. Toon is op de eerste plaats een thermostaat. Maar Toon kan als je slimme meters voor gas en elektriciteit heeft ook inzicht verschaffen in je energieverbruik. Een grafiek laat het elektriciteitsverbruik in de loop van de dag zien op het schermpje. De pieken bij de was of de afwas of het stofzuigen zijn dan duidelijk zichtbaar. Toon vergelijkt ook dagen en weken en maanden en geeft dat aan in KWh of in Euro’s. Het effect is, dat je veel bewuster wordt van je energieverbruik en de kosten ervan en dan wat zuiniger aan gaat doen. Waarom moeten lampen branden in een kamer waar niemand is? Waarom radio aanlaten als niemand luistert? Ons gasverbruik bleek nogal hoog. We hebben een zijmuur op het Noorden, waarvan de spouwisolatie niet meer werkt en we lieten de verwarming al vroeg beginnen, terwijl we niet meer vroeg naar ons werk moeten. Ons voornemen is dat gasverbruik toch omlaag te krijgen.

    Toon laat ook zien of het regent en hoe hoog de buitentemperatuur is. Die gegevens haalt Toon van internet net als de buienradar. Als je op de weertegel drukt verschijnt er een minibuienradar, die je met een keer drukken iets groter krijgt en ernaast staan dan andere weergegevens als de vochtigheid, de luchtdruk en de gevoelstemperatuur. Deze functie wordt dagelijks meerdere keren geraadpleegd.

    Via je Wifi staat Toon in contact met Internet, maar de slimme meters geven automatisch en meterstanden door aan de energiemaatschappij. Ik hoef niet meer één keer per jaar de kelderkast in te duiken gewapend met een zaklamp om de meterstanden op te nemen.

    Voor mij was de belangrijkste reden om Toon gratis te laten installeren de mogelijkheid om de productie van de zonnecellen te laten zien in de loop van de dag en per dag of week of maand. En dat in KWh of in Euro’s. Ik heb mijn acht zonnecellen al heel lang en de kwaliteit is niet zo goed als van de huidige zonnecellen. Toch is het leuk te zien wat je ermee verdient. Alleen mijn zonneboiler is niet aangesloten. Dat kan, denk ik ook niet, maar als ik warm tapwater gratis van de zon krijg, ben ik al lang tevreden.

    Ik moet van de dokter veel wandelen of fietsen. Een van de leuke dingen is, dat je steeds meer zonnecellen op de daken ziet. Langzaam maar zeker worden we milieubewuster, maar onze bijdrage valt helaas in het niet bij war grote industrieën zouden kunnen doen. Toen er deze zomer weer vreselijke regen- en hagelbuien vielen en iedereen ontzet reageerde, zei ik tegen iemand: “Dit hebben we veertig jaar geleden al voorspeld”. Nu voelen we het aan den lijve en velen ook aan de portemonnee, maar de link met ons milieugedrag wordt niet gelegd. Welke groep gedragspsychologen gaat dit nu eens fundamenteel onderzoeken?

    Jaargang 9, Nr. 424.

    vrijdag, 12 augustus 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Tweedeling in Nederland

    In column van de week, onderwijs, opinie, tweede wereldoorlog, zorg, europa, milieu, werk.

    TWEEDELING IN KENNIS ZAL BLIJVEN

    Mijn medegeograaf Josephine Bersee schreef in Opinie en Debat van de Volkskrant vanuit Hongkong een interessant artikel, maar raakte daarbij niet het werkelijke probleem. Zij stelt, dat de elite eens moet stoppen met zich zelf te verwijten, dat een deel van de bevolking in schoolse kennis achterblijft bij de rest. Zo kan de elite zich zelf over de ruggen van de ongeschoolden verrijken. Ze legt de schuld ook wel bij die laagopgeleiden zelf. Beseffen ze wel, dat inspanning nodig is om iets te bereiken? Maar, geeft ze toe, er zullen altijd mensen zijn, die het echt niet kunnen en die verdienen volop onze steun. Ze gaat ook in op de komst van buitenlanders, die op de arbeidsmarkt serieuze concurrenten kunnen worden en hun kinderen, die vaak in het onderwijs zeer ambitieus zijn. Hier spreekt haar ervaring in Hongkong heel duidelijk Zo kan er onder de laagontwikkelde Nederlanders een afkeer tegenover buitenlanders ontstaan als ze denken daardoor werkloos te blijven.

    Bersee wijst terecht op het enorme succes van het Nederlandse onderwijs. Toen ik in 1946 naar de HBS ging, was ik een van de 5% van de Nederlandse jeugd, die naar Gymnasium, HBS of MMS ging. Nu gaat ongeveer 50% naar Vwo en Havo en stroomt vervolgens door naar Universiteit en Hogeschool. In sommige sectoren treden tekorten op, maar die blijven beperkt door de veel grotere deelname van vrouwen aan het arbeidsproces. Maar vanaf 12 jaar hebben de Vwo- en Havoleerlingen nauwelijks contact met hun leeftijdsgenoten op het Vmbo. Vaak beoefenen ze ook andere sporten. Bersee wijst er op, dat ze vaak ook in andere wijken wonen. Zo kan er wel degelijk een tweedeling ontstaan. Men heeft geen benul van het leven van die anderen.

    Enkele problemen stipt Bersee niet aan. Er gaat nog steeds talent verloren, doordat sommige kinderen opgroeien in een milieu, waar geen studiecultuur bestaat. Ik ben er trots op 30 jaar gewerkt te hebben op een school, waar we kinderen uit zulke milieus door intensieve begeleiding wel hielpen te slagen voor hun Vwo- of Havodiploma. Maar er waren collega scholen, die hun deuren voor zulke kinderen gesloten hielden. En de adviezen van de Basisschool voor kinderen uit ‘lagere’ milieus waren en zijn nogal eens te laag. In toenemende mate vormen de kosten van verder studeren juist voor die groep studenten met financieel zwakkere ouders een probleem. Er is dus wel een zekere verantwoordelijkheid van de elite.

    Veel van die Vmboleerlingen hebben dan niet zulke studiehoofden, maar ze hebben wel gouden handjes of ze zijn juist sociaal zeer intelligent. Helaas levert werk in de techniek of in de eenvoudige zorg een niet zo hoge status op. Ouders willen voor hun kind een witte boorden baan, terwijl er in ambacht en techniek vaak tekorten optreden. Ik kijk vaak met grote bewondering naar het werk van een eerlijke ambachtsman en praat er met lof over. Dat zouden we allemaal veel meer moeten doen. De eerder geschetste tweedeling maakt dat wel moeilijker.

    De kern van de onvrede onder laagopgeleiden is de vrees, dat er steeds minder werk voor hen zal zijn. Al sinds de Tweede Wereldoorlog verdwijnt er werk. Dat komt door automatisering en robotisering en ook door verplaatsen van werkgelegenheid naar lagelonenlanden. Trump maakt zich daar erg druk over. Hij wil die productie terughalen naar de Verenigde Staten. Kennelijk weet hij niet, dat het al gebeurt. Intussen is die productie zo geautomatiseerd, dat er nog nauwelijks mensen aan te pas komen. Aan de ene kant gaan de onderdelen er in en aan de andere kant komen de pallets met in dozen verpakte producten eruit. In een moderne autofabriek zie je nauwelijks nog mensen. Als er zo weinig arbeid nodig is, kunnen de fabrieken evengoed in de Verenigde Staten of in Europa staan.

    Die sterke automatisering betekende ook een verhoging van de arbeidsproductiviteit en als het goed was hogere lonen. Dus kon men meer kopen en dat betekende weer nieuwe werkgelegenheid. We kochten auto’s, we gingen vaker uit eten, in ons huis vind je een wasmachine, een vaatwasser, een Tv, maar ook meer kunst en we gaan vaker uit en verder en vaker op vakantie. Ik doe het schilderwerk niet meer zelf en voor het onderhoud van de tuin schakelen we af en toe een hovenier in. Maar vinden we steeds weer nieuwe goederen of diensten, die we wel willen kopen? Vertalen de gestegen winsten van de ondernemingen zich ook in hogere lonen? Of geldt de inkomensstijging alleen voor de topmensen? Blijven de ondernemingen de nationale overheden pressen om de winstbelasting laag te houden of blijven ze die winstbelasting ontwijken? Want daardoor kan de overheid minder gemakkelijk werk scheppen. Is het de elite, die dit alles bepaalt? Ik vrees van wel. De top bepaalt en de mensen met de betere banen profiteren mee. Schamen ze zich daarvoor? Wel nee. Ze vinden, dat het zo hoort en dat ze anders niet meetellen tussen al die topmensen. Het is eerder de intellectuele elite, die er vraagtekens bij zet en zich ook afvraagt of er een structurele werkloosheid voor laaggeschoolden is ontstaan. Dat zie je ook in de encycliek Laudato si, waarin Paus Franciscus laat zien hoe ons economisch-technologisch systeem leidt tot armoede hier en in de Derde Wereld. Maar hij ging als aartsbisschop ook op bezoek in de krottenwijken van Buenos Aires. Hij heeft de armoede met eigen ogen gezien.

    Jaargang 9, Nr. 423.

    zaterdag, 6 augustus 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Dialoog tussen doven?

    In column van de week, bedrijven, duurzaamheid, nieuws, werk.

    De discussie over wel of geen religie leidde nog niet tot dialoog 

    De stroom van brieven in de rubriek “Opinie en Debat” van de Volkskrant over het geluk dat religie je kan geven of juist de narigheid, die religie veroorzaakt was heel boeiend. Maar wat leverde het op? Beide kampen verdedigden hun eigen standpunt en gingen over tot de orde van de dag. Men verdiepte zich nauwelijks in het standpunt van de ander en men streefde niet naar herkenning van wat wij allen gemeen hebben. Dat is jammer. We leven immers samen in dit land en de meesten van ons proberen er het beste van te maken. De stroom van brieven heeft tot nu toe nauwelijks tot een dialoog tussen religieus ingestelde mensen en seculiere medemensen geleid.

    Als ik om mij heen kijk zie ik veel mensen, die op allerlei manieren goed werk doen. Sommigen doen dat vanuit een religieuze overtuiging, maar hoe seculiere mensen er toe komen is voor mij moeilijk te achterhalen. Vinden ze het gewoon belangrijk, dat er zo min mogelijk narigheid is? Ik weet het niet. Worden ze geïnspireerd door bijzondere mensen of door bepaalde geschriften? Ik weet het niet. Zouden religieuze mensen en niet religieuze mensen elkaar nu eens kunnen vertellen hoe ze er toe komen aan een betere wereld te werken? Zou er zo meer begrip voor elkaar kunnen ontstaan en wat minder elkaar verketteren? Moge het zo zijn.

    Waarom stuurde ik bovenstaande brief naar de Volkskrant? Natuurlijk op de eerste plaats omdat de manier van reageren op elkaar in alle negativiteit mij getroffen heeft. We schieten er helemaal niets mee op. Alleen medestanders worden bevestigt in hun mening. Daarnaast is er bij mij altijd de belangstelling voor wat mensen beweegt. Wat drijft mensen? Die kennis vormt voor mij een bron van inspiratie. Goed voorbeeld doet goed volgen. Als je weet, wat mensen drijft, kun je ook beter met hen samenwerken. Je kunt beter op elkaar inspelen. Als je iets nieuws wilt beginnen of binnen een organisatie iets wilt bereiken kun je aan die kennis argumenten ontlenen.

    In een vorige column liet ik zien, dat je bij de verklaring van ruimtelijke diversiteit ook moet kijken naar de waarden van de bewoners van een gebied. Kennis van de motieven van mensen bij hun handelen heeft dus ook wetenschappelijke waarde. Bedrijven geven handenvol geld uit aan marktonderzoek. Wat drijft mensen om hun producten wel of niet te kopen? Hoe beter je je klanten kent, hoe beter je op hun verlangens kunt inspelen en hoe meer geld je verdient. Kennis van de motieven van mensen heeft daarom ook economische waarde. Ik heb genoeg politieke ervaring om te weten hoe belangrijk het is te weten met welke motieven een partij de kiezers kan overtuigen. Een krant doet regelmatig lezersonderzoek, want de redactie wil de wensen van de abonnees kennen. Als ik de achtergronden van het nieuws wil weten, dan krijg ik bij mijn krant achtergrondartikelen. Het is dus echt niet zo vreemd, dat ik als religieus geïnspireerd mens mijn seculiere medeburgers beter wil begrijpen.

    Allemaal onzin, want wij moderne mensen streven heel pragmatisch naar de beste oplossing en daarbij spelen allerlei hogere motieven geen enkele rol. We onderzoeken wat de beste oplossing is voor een probleem en die oplossing kiezen we. Wat is het geniepigheidje? De keuze van je doelstelling is niet waardenvrij. Daarbij kan eigenbelang of partijbelang of economisch belang een rol spelen. Je ziet het bij bedrijven. Ze streven naar winstmaximalisatie. Ze zouden ook kunnen streven naar continuïteit of naar tevreden werknemers of naar duurzaamheid van het product en het productieproces. De doelstelling van het bedrijf kan heel verschillend zijn en die keuze wordt beïnvloed door de opvattingen van de beslissers over wat het begrip bedrijfsbelang inhoudt. Maar staat winstmaximalisatie en een hoge beurskoers voorop dan is de kans groot, dat het belang van de werknemers in de knel komt: lage lonen, slechte arbeidsvoorwaarden, massaontslagen.

    Het is al een oude discussie. Moet je je leerlingen kritisch maken en ze goed laten zien wat er allemaal fout is in de wereld of moet je gewoon “objectief” de geografie van een land beschrijven? Nogal wat collega’s vonden het laatste. Ze beseften niet, dat je zo de bestaande situatie als “normaal” beschrijft. Zo hoort het en dat is allesbehalve objectief.

    Dus beste seculiere medeburgers leg je innerlijke roerselen eens bloot. Verschuil je niet achter de objectiviteit van het pragmatisme of achter de opvatting, dat het gewoon onmogelijk is uit te maken wat het verschil is tussen goed en kwaad. Kruip uit je schulp. Misschien heb je echt geen idee. Kom daar dan eerlijk voor uit.

    Jaargang 9, Nr. 422.

    vrijdag, 29 juli 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Je ogen sluiten voor misstanden?

    In column van de week, politiek, blog, tweede wereldoorlog, werk.

    DE MAATSCHAPPELIJKE VERANTWOORDELIJKHEID VAN DE WETENSCHAPPER

    Eens waren er kritische wetenschappers, die zich afvroegen of je als wetenschapper niet kritisch moest staan tegenover je werk. Je hoorde je af te vragen wat de consequenties van je werk zouden kunnen zijn. Ik denk, dat het meest bekende voorbeeld de vraag is naar de morele verantwoordelijkheid van de geleerden, die aan de ontwikkeling van de atoombom werkten. Zouden zij achteraf niet in gewetensnood zijn geraakt toen zij kennis namen van de gevolgen van de bommen op Hiroshima en Nagasaki? Vaak wordt er dan op gewezen, dat de atoombommen tot een sneller einde van de Tweede Wereldoorlog hebben geleid en zo ook tot minder slachtoffers.

    Spelen ethische vragen ook bij de sociale wetenschappen? Horen sociale wetenschappers niet alleen onderzoek te doen, maar ook te onderzoeken in hoeverre mensen worden benadeeld? Worden thema’s juist niet onderzocht omdat dan al die negatieve gevolgen openbaar worden? De rijksoverheid vindt dat onaangenaam en de onderzoeker vreest straks geen budget te krijgen? In een vorig blog noemde ik het hoge percentage mislukte huwelijken een probleem. Ik wees vooral op het leed. Kinderen doen een beroep op hulp van psychologen of pedagogen. De gescheiden vrouw met nog jonge kinderen wordt soms enkele jaren afhankelijk van de bijstand. Komt er geen nieuwe partner, dan betekent het een grote beroep op de woningvoorraad en dan meestal een sociale huurwoning. Het is een van de oorzaken van het tekort. Een hoog aantal echtscheidingen brengt dus maatschappelijke kosten met zich mee. Toen ik googelde op de vraag “aantal gescheiden vrouwen in de bijstand” kreeg ik NUL hits. Misschien moet je een abonnement op CBS-publicaties hebben om een antwoord te vinden. Wel werd me duidelijk, dat er flink meer vrouwen in de bijstand zitten dan mannen.

    Ik was ook nieuwsgierig naar het jaarlijkse aantal doden door fijnstof. In de hele wereld zijn het er 7 miljoen en omgerekend naar Nederland met meer fijnstof maar ook een betere gezondheidszorg zouden dat er 17.000 zijn. Het Longfonds publiceert daarover van tijd tot tijd. Ik vermoed, dat weinig automobilisten lustig toerend door Nederland zich realiseren, dat ze bijdragen aan dat aantal doden. Als ze wel over de kennis beschikken zullen ze er dan een kilometer minder om rijden of minder hard? Dat zou een mooi onderzoek kunnen opleveren voor bijvoorbeeld psychologen.

    Maar vaak zijn het juist de media of de politiek, die dit soort zaken aan de orde stellen. Dat valt toe te juichen. Onderzoeksjournalisten leggen heel wat misstanden bloot. Naar mijn oordeel ligt daar ook een taak voor de wetenschap. Misstanden bloot leggen en het oordeel overlaten aan het publiek. De maatschappij in staat stellen te reageren en te werken aan verbetering van de situatie. Daarbij kunnen wetenschappers ook een rol spelen.

    Opnieuw vraag ik mij af of de seculiere mens terug schrikt voor het oordelen over goed en kwaad. Het lijkt mij, dat iedereen de aloude stelregel onderschrijft: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.” Laten we elkaar eerlijk zeggen of we iets verkeerd vinden. Dat lijkt mij bepaald niet onwetenschappelijk. Het hoort bij de maatschappelijke verantwoordelijkheid van iedere burger of hij nu wetenschapper is of niet.

    Jaargang 9, Nr. 421.

    vrijdag, 22 juli 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Aan de Nederlanders van Turkse afkomst

    In column van de week, democratie, veiligheid, cultuur, erdogan, koerden, turkije.

    TURKSE TOESTANDEN

    Toen ik de coup en de nasleep ervan met enige spanning volgde moest ik denken aan het zogenaamde Tonkin incident. In de golf van Tonkin zouden Amerikaanse schepen door Noord Vietnamese schepen zijn aangevallen en die aanvalsdaad was voor Amerika reden om zich in de Vietnamoorlog te storten. Maar er was helemaal geen incident geweest.

    In Turkije was er wel duidelijk sprake van een coup, maar uiteindelijk verliep het allemaal zo knullig, dat ik me begon af te vragen of het geen opzetje van de regering was. Want nu ziet de regering de coup als een Godsgeschenk, een prachtige reden om af te rekenen met alle critici. Die hadden ze al zo lang willen opsluiten. De lijsten lagen kennelijk al klaar. Nu konden al die “vijanden van de staat” prachtig achter slot en grendel. Alleen is het lastig om te bewijzen, dat de regering er zelf achter zit, tenzij er flink gelekt wordt. Zouden al die Erdogan aanhangers nu echt geloven, dat een grote groep Gülen getrouwen de macht wil overnemen? Of vinden ze dat helemaal niet belangrijk? Lang niet alle ontslagen militairen waren bij de coup betrokken. De rechters en ambtenaren en leraren en professoren zijn dan misschien wel kritisch en de rechters zijn wellicht bereid mensen dicht bij Erdogan te veroordelen wegens corruptie, maar een echte reden voor ontslag is er niet. Erdogan en zijn kliek willen gewoon de absolute macht en dulden geen kritiek.

    In het Verenigd Koninkrijk spreken ze over “Heir’s Majesty most loyal opposition”. De oppositie heeft in een democratie een zeer wezenlijke taak, namelijk het beleid van de regering zo kritisch mogelijk volgen, zodat het desgewenst bijgesteld kan worden. Door goed oppositie voeren krijg je het beste beleid en als de regering geen gehoor geeft aan de wensen van de oppositie loopt ze de kans door de kiezers naar huis te worden gestuurd. Zo werkt democratie, als het goed is.

    Een ander wezenlijk punt van democratie is, dat de rechten van minderheden gegarandeerd worden. Een goede regering beschermt de minderheden. Met de wensen van minderheden wordt rekening gehouden. Een eigen taal wordt erkend. Eigen culturele gebruiken zijn toegestaan. Ze mogen de eigen feesten vieren. De Turkse minderheid in Nederland mag eigen scholen stichten, mag eigen moskeeën bouwen, mag eigen verenigingen, zelfs eigen politieke partijen oprichten, mag zich naar eigen gebruiken kleden, zo zij dat wensen. De oprichters van de politieke partij DENK waren in net huidige Turkije al lang opgepakt. In Turkije hebben aanhangers van oppositionele partijen het moeilijk, maar hebben ook andere minderheden als Alevieten, Christenen en Koerden het moeilijk. Het verbaast mij zeer, dat al die Turkse Nederlanders, die al zo lang met onze democratie hebben kennis gemaakt, kennelijk niet zien, hoe gebrekkig de Turkse democratie functioneert. In plaats van enthousiast hun aanhankelijkheid aan Erdogan te betuigen, zouden ze via hun familie in het land het wezen van democratie moeten uitleggen. Het gaat om vrijheid, gelijkheid en broederschap, de leuzen van de Franse revolutie. Het gaat om gelijke rechten ongeacht je religie, je cultuur of je politieke gezindheid. Ik besef, dat dit een reusachtige omslag in het denken inhoudt. Juist het onderlinge respect en de grote verscheidenheid binnen een land vormen een enorme kracht naar vooruitgang, verbondenheid en veiligheid. Het wordt een lange weg om te gaan.

    Jaargang 9, Nr. 420.

    zaterdag, 16 juli 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Boekbespreking Hans Boutellier: Het seculiere experiment

    In column van de week, bank, politiek, samenleving, veiligheid, zorg, schiphol, blog, milieu.

    JE WEG VINDEN IN DEZE WERELD MET OF ZONDER GOD

    Over dit onderwerp denk ik al jaren na. Ik vroeg mij af of het prudent is na de gebeurtenissen in Nice mijn blog hieraan te wijden. Maar mensen moeten elkaar begrijpen en dus ben ik er toch maar aan begonnen.

    Ik zat nog midden in mijn werkzame leven als docent aardrijkskunde. Tijdens een bijeenkomst van katholieke leraren werd ons gevraagd met onze leerlingen na te denken over ethische vragen, waarmee zij in hun leven te maken zouden krijgen. Zo zouden we kunnen bijdragen aan de identiteit van een katholieke school. Tijdens studiedagen met de collega’s van het Niels Stensencollege kregen we als opdracht een aspect van ons leraar zijn te kiezen, waaraan wij de komende jaren zouden gaan werken. Een homo collega nam zich voor te gaan werken aan meer begrip voor het verschijnsel homofilie. Ik besloot te gaan onderzoeken hoe je leerlingen kunt leren tot een gefundeerd oordeel te komen over thema’s waarmee ze in hun leven te maken krijgen. Mijn vak aardrijkskunde is daarvoor zeer geschikt, want het aardrijk, dat wij bestuderen, het door mensen ingerichte landschap is het resultaat van menselijk handelen en elke keer moeten wij bij de verdere inrichting weer beslissen. Komt die weg er en waar moet die dan komen? Komt er nog een landingsbaan bij Schiphol of laten we het vliegverkeer elders groeien? Bouwen we windmolens in onze gemeente? Waar? Hoe hoog? Als er op het scholeneiland geen ruimte meer is voor groei, breken we dan alles af en bouwen we elders een schoolgebouw met woningen erboven? Hoe financieren we dat? Het zijn vragen uit de praktijk.

    Ik merkte al studerend, dat er eerst de vraag gesteld moet worden naar de meest doelmatige oplossing. Denk maar niet, dat die, als die al gevonden wordt, ook gekozen wordt. Vaak blijkt achteraf, dat we de verkeerde keus gemaakt hebben. Het is ook niet gemakkelijk. Het zoeken naar de beste oplossing voor een ruimtelijk probleem is in de Taxonomie van Bloom de hoogste vorm van intellectuele activiteit, namelijk evaluatie. Daaraan gaan kennis en analyse en synthese vooraf. Bij veel gevallen gaat het niet alleen om doelmatigheid, maar ook om allerlei opvattingen over wat goed is en wat fout. Elke oplossing kunnen we toetsen aan onze waarden. Is het een goede zaak een weg een bijzonder fraai landschap te laten doorsnijden of kunnen we hem beter parallel laten lopen aan een bestaande spoorlijn of een kanaal, zodat er geen nieuwe doorsnijding van het landschap optreedt? In de politieke praktijk merk je, dat veel mensen een beperkt waardenapparaat bezitten. Er is in hun opvoeding iets mis gegaan.

    Toen de ontzuiling flink doorzette, begon ik mij af te vragen of iedereen wel in staat zou zijn voor zich zelf een behoorlijke set van waarden te ontwikkelen. Aan de hand van die waarden beoordeel je je eigen handelen en dat van anderen. Als je die opvattingen niet van huis uit mee krijgt en niet meer de steun hebt van je zuil, hoe kom je dan tot opvattingen over goed en kwaad? Ik merkte in mijn omgeving, maar ook in de maatschappij als geheel, dat het allemaal nogal meeviel zoals de mensen zich gedroegen. Toch waren er ook signalen, die bij mij ongerustheid veroorzaakten. Zo kreeg ik leerlingen, die gewend waren alles te krijgen, wat hun hartje begeerde en dachten, dat het met het verkrijgen van een diploma ook zo zou werken. Een leraar wordt er voor betaald en de leraar moet maar zorgen, dat ik een diploma krijg.

    Die analyse van het leerlingengedrag in de jaren tachtig en negentig werd bevestigd door een publicatie van het Bureau Motivaction, “De grenzeloze generatie en de eeuwige jeugd van hun opvoeders”. Er bleek een generatie te zijn opgegroeid, waarvan een deel van de kinderen nooit grenzen waren gesteld tijdens hun opvoeding. We kenden altijd al de collega, die er de kantjes van afloopt, maar dat type bleek plotseling een kwart van de jongeren te omvatten. Ook andere kenmerken van die jongere generatie stemden mij niet tot vreugde.

    Dus was ik heel benieuwd naar een boek van de zeer seculiere Hans Boutellier, getiteld: Het seculiere experiment. Hoe we van God los gingen samenleven”. De schrijver is heel optimistisch en ziet overal prachtige initiatieven. Mensen vinden elkaar als ze een probleem zien en gaan samen aan een oplossing werken. Ik heb het boek nu gelezen, vind er veel goeds in, maar heb ook mijn bezwaren.

    De auteur is min of meer uitgedaagd door een opmerking van zijn vader waarmee het boek begint: “Als er niemand meer in God gelooft, dan wordt het een zooitje , jongen.”. Nu vijftig jaar later wil de schrijver nagaan of het inderdaad een zooitje is geworden. Dan moet hij zich afvragen wat zijn vader bedoelde met een zooitje en vervolgens objectief moeten toetsen in hoeverre de criteria van zijn vader werkelijkheid zijn geworden. Nu juicht hij allerlei ontwikkelingen toe, die zijn vader waarschijnlijk afgewezen zou hebben.

    Boutellier kiest zijn eigen criteria om aan te tonen, dat het nogal meevalt met alle maatschappelijke ontwikkelingen. Daarbij speelt zijn eigen deskundigheid een belangrijke rol. Hij is criminoloog, directeur van het Verwey-Jonker Instituut en bijzonder hoogleraar Veiligheid en Burgerschap aan de VU. Als het een zooitje zou zijn geworden, dan zou je dat kunnen merken aan de toegenomen criminaliteit. Die is in die vijftig jaar weliswaar toegenomen, maar neemt ook weer af. Nu is criminaliteit er altijd al geweest, ook toen het Godsgeloof nog algemeen was. Geloof in God of geen geloof in God lijken me weinig met criminaliteit te maken te hebben. Kijk maar eens naar de Italiaanse maffia, hun religiositeit en hun waarschijnlijke contacten met de Bank van het Vaticaan. De recente vermindering heeft meer te maken met de vermindering van het percentage jongeren.

    De auteur ziet echter in het goed functioneren van de rechtsstaat een garantie, dat het geen zooitje wordt. Afgezien van het feit, dat het functioneren van een samenleving heel wat meer omvat dan die juridische kant zit er ook nog de vraag naar wetgeving en ethiek. Ik merk bij seculiere medeburgers vaak een enorme verabsolutering van het burgerlijk recht. Maar er was een tijd, dat slavernij juridisch geoorloofd was. En er was een plan om hulp aan illegale vreemdelingen strafbaar te maken, strijdig met internationaal recht, maar ook met wat God van ons verwacht. Vijftig jaar geleden waren er zaken verboden, die nu wettelijk zijn toegestaan. Ja, dan neemt het aantal overtredingen wel af. Hoe zou de vader oordelen over de wetten, die nu de zorg in Nederland regelen? Er zit in onze samenleving nog zo enorm veel onrecht en het neemt toe. De afbraak van ons sociaal stelsel wordt tegenwoordig progressieve politiek genoemd en krijgt vorm in verandering van de wetgeving. Belastingontwijking staat de wet toe, maar is moreel gezien gewoon diefstal van de gemeenschap.

    Een tweede criterium is de ontwikkeling van de seksualiteit. De veranderingen in de laatste vijftig jaar zijn enorm. Als wij met onze kleinkinderen erover praten krijg je vooral verbaasde blikken. Ze zijn blij met alle vrijheid op dit gebied, maar ze zien beter dan de iets ouderen, dat je met die vrijheid ook moet leren omgaan. Het is echt verbazingwekkend, dat de auteur het mislukken van een op de drie huwelijken niet als een probleem ziet, nee juist als een van de aantrekkelijke kanten van de huidige samenleving. ‘Je zit niet meer je hele leven vast aan die eerste keuze.’ In dit hoofdstuk komt het woord liefde vaak voor, maar je krijgt de indruk, dat het een leeg begrip is. De auteur zou die encycliek van Benedictus XVI, ‘Çaritas in veritate’ eens moeten lezen. Dan kan hij tegelijk merken, dat het denken in de kerken niet stil staat.

    Herhaaldelijk hoor ik mensen zeggen, dat het echt anders moet. Dan hebben ze het over de tweedeling in Nederland en de wereld als geheel, over het milieuprobleem, over het gebrek aan maatschappelijke verantwoordelijkheid, aan de individualisering met vaak de houding van ik doe waar ik zin in heb. Veel wordt diepgaand behandeld in de vorig jaar verschenen encycliek ‘Laudato si’ van paus Franciscus. De armen in de wereld en het milieu zijn beide slachtoffer van de hebzucht van de rijken. Ik heb sterk de indruk, dat die hebzucht in de laatste vijftig jaar alleen maar erger is geworden.

    Met dit commentaar doe ik het boek van Hans Boutellier geen recht. Dat kan ook niet in een blog van beperkte omvang. Ik vermoed, dat ook Hans Boutellier streeft naar een betere wereld. Ik hoop, dat we daar samen aan kunnen werken, ieder op zijn manier en vanuit zijn eigen identiteit.

    Zie ook het blog van 10 juni 2016.

    Jaargang 9, Nr. 419.

    zaterdag, 9 juli 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Schiermonnikoog om te genieten

    In column van de week, klimaat, kort, aardbevingen, schoonheid.

    WERKWEKEN EN SCHOOLKAMPEN

    Mijn Cor werd dit jaar tachtig en in het najaar zijn we 55 jaar getrouwd. Dan valt het niet mee nog een origineel cadeautje te verzinnen. Maar ze houdt van de zee en op een na hadden we alle Waddeneilanden al eens bezocht. Zo werd het een arrangement voor twee personen voor vijf dagen op Schiermonnikoog. Gisteren kwamen we terug.

    Het was geen weer om lui op het strand te liggen bakken in de zon. Daarom hebben we veel gefietst en gewandeld. En overal kwamen we groepen kinderen tegen. Soms waren ze duidelijk met veldwerk bezig en we hoorden van een lerares uit Emmen, dat allerlei vakken daarbij samenwerkten: Biologie, scheikunde en natuurkunde. Ik miste aardrijkskunde, want het eiland laat je van alles zien op fysisch-geografisch gebied en ook sociaalgeografisch zijn er interessante verschijnselen. Dat was voor mij dus voortdurend genieten. Wel jammer was, dat we het grote kweldergebied niet ver in konden gaan, want het was nog broedseizoen. In dat kwelderlandschap zag ik zandruggen met duintjes evenwijdig aan de kustduinen. Het eiland verplaatst zich naar het Oosten. Zijn het strandwallen uit een vroeger stadium? Inmiddels is het eiland over de Gronings-Friese grens gegroeid.

     Het Westen van het eiland heeft oudere duinen met duindoorn begroeid. Ik heb weinig helmgras gezien en gelukkig ook weinig hekken. Veel van het duingebied is vrij toegankelijk. Het natte strand is hier heel breed en vlak en het droge strand is begroeid. Het is overal net anders dan in de rest van Nederland. Dat natte strand werd gebruikt voor zeilkarting. Een imposant gezicht en wat een snelheden.

    Er is een opvallende verscheidenheid aan toeristische accommodaties. Je kunt er kamperen. Er zijn ook kampeerboerderijen vooral voor de schooljeugd. Er is een bungalowpark en er zijn appartementen en vakantiewoningen en er is een verscheidenheid aan hotels. En toch is het ons jaren geleden overkomen, dat we niet naar het eiland konden, want het zat vol. Toen zijn we met de Oostenwind in de rug maar naar Holwerd gefietst en hebben we ons heil gezocht op Ameland. Vroeger waren er op het eiland ook vakantiekolonies. Stadskinderen kwamen daar om aan te sterken en de gezonde zeelucht op te snuiven. Langs de Badweg zie je nog “ It Aude Kolonyhûs” voor katholieke kindertjes met de Egbertkapel er naast. In die kapel zijn op zondag vieringen en op dinsdag, woensdag en donderdag zijn er vespervieringen van de Cisterciënzers, die sinds kort weer op het eiland wonen. Ze zijn druk bezig met de voorbereidingen van de bouw van een klooster en zo draagt het eiland weer terecht de naam: oog = eiland van de schiere = grauwe monniken. Nu dragen ze een wit habijt met een zwarte band voor en achter. Ik heb één keer het laatste stukje van de completen meegemaakt, heel bijzonder op een eiland waar je in de natuur de werkende hand van de Schepper ervaart en dan in de kapel de monniken, die Gods lof zingen. Wat missen mijn seculiere landgenoten toch veel. Toch nieuwsgierig? De monniken hebben een uitstekende website met gedegen en uitvoerige informatie: http://kloosterschiermonnikoog.nl/  

    En wij? Wij hadden vijf heerlijke dagen op een eiland van rust en schone lucht en prachtige vergezichten en geurende rozen en goed eten. Wat wil je nog meer? En toch wordt al dat moois in de ogen van de Eilanders bedreigd. Er zijn plannen om bij het eiland proefboringen te gaan doen en vervolgens gas te gaan winnen. Die boortorens dragen niet bepaald bij aan de schoonheid van het eiland. Maar gaswinning kan ook leiden tot bodemdaling en aardbevingen zoals in Groningen. En daarom zie je op Schiermonnikoog bijna huis aan huis affiches hangen tegen de boortorens, die het landschap gaan ontsieren. Nog meer gas betekent ook meer CO2 in de atmosfeer, dus een warmer klimaat, dus zeespiegelstijging en dat is evenmin iets om als Eilander blij mee te zijn. Dus geen boortorens op Schiermonnikoog.

    Dan maar liever mee met een huifkartocht getrokken door twee PK, twee oude dames/merries zoals de stuurvrouw ze noemde. Het was een dag met buien, maar in een huifkar zit je hoog en droog. Dachten we! Want tijdens zo’n bui reden we recht tegen de wind in en de regen blies van voor naar achter door de huifkar heen. Dan heb je thuis wat te vertellen, zei ik tegen een Duitse familie. En zo is het maar net.

    Jaargang 9, Nr. 418.

    zaterdag, 2 juli 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Stabiliteit in Turkije hard nodig

    In column van de week, innovatie, verkeer, economie, verkiezingen, luchthaven, democratie, assad, erdogan, en meer.

    MACHTSWELLUST ERDOGAN BEDREIGT HET LAND

    Tot voor enkele jaren was Turkije een eiland van groeiende welvaart en stabiliteit in het Midden Oosten. Het toerisme bloeide. De industrie zorgde voor veel export en Turkse aannemers werkten overal en met name in Iran. De Koerden in het land hielden zich rustig en probeerden met succes langs democratische weg en door onderhandelingen een betere positie te verkrijgen. Daarnaast was er de geldstroom van Turkse werknemers in West-Europa naar hun familie in Turkije. Naast de traditionele handel in de soeks, misschien vooral gericht op toeristen, zagen we in Istanbul het moderne zakendistrict met veel hoogbouwkantoren. Er is een moderne infrastructuur van snelwegen, spoorwegen, ondergrondse en sneltrams in Istanbul met de moderne luchthaven en ook luchthavens elders, vaak voor het toerisme, maar ook voor zakelijk verkeer.

    Juist toen wij er waren in 2014 ging het mis. Toen ik hoorde over de rellen in Istanbul, waar we net waren geweest, zei ik geschrokken tegen de gids, dat een eiland van stabiliteit in het Midden Oosten toch wel heel wenselijk was. Maar Erdogan lijkt van alle onrust juist te profiteren. Zijn trouwe volgelingen stellen een sterke leider op prijs en vinden welvaart belangrijker dan mensenrechten en democratie. Dus belanden journalisten achter de tralies en worden de media aan banden gelegd.

    Toch is er geen getalsmatige meerderheid onder de bevolking, die Erdogan steunt. Dat bleek toen hij te kennen gaf te streven naar een presidentieel systeem als in Frankrijk en de USA. Veel mensen stemden op een Koerdische partij, die daardoor de kiesdrempel haalde. Een meerderheid voor een grondwetswijziging ontbrak. Erdogan liet het conflict met de Koerden weer oplaaien. Veel Turkse dienstplichtigen sneuvelden. Bij volgende verkiezingen verminderde de steun voor die Koerdische partij. De oppositie kan een grondwetswijziging niet meer tegenhouden.

    Intussen raakt het land steeds meer betrokken bij het Syrische conflict. Turkije is tegen de Koerden en tegen het Assad regime, steunt de versplinterde oppositie, maar wil van het kalifaat van IS niets weten. En zo heeft Turkije nu te maken met bomaanslagen van Koerden en van IS. Nu zijn die Koerden niet bepaald lieverdjes, maar IS is veel en veel erger. Als Erdogan werkelijk een groot staatsman is, gaat hij onderhandelen met de Koerden en zorgt voor een wapenstilstand en op den duur een zekere autonomie voor de Koerden binnen het Turkse rijk. Dan hoeven er geen jonge Turken en geen jonge Koerden meer te sneuvelen, komt er binnenlandse stabiliteit en kunnen Turken en Koerden samen IS bestrijden. Alleen in vrijheid kan een land zich op allerlei terrein ontwikkelen, kan de innovatie zorgen voor technische vooruitgang en kan de economie weer bloeien. Maak dat een machtspoliticus als Erdogan maar eens wijs.

    Jaargang 9, Nr. 417.

    vrijdag, 24 juni 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Brexit een waarschuwing

    In column van de week, burgers, oplossing, samen, werk, bonussen, europa, milieu, bedrijven, en meer.

    BREXIT OVERWINNING VOOR DE DOMHEID

    In Moskou worden vandaag heel wat wodka’s achterover geslagen. Hoe meer Europa verdeeld raakt, hoe meer Poetin zijn gang kan gaan. En zoals zo vaak, wanneer het oorlog op het continent was geworden, zullen Britse soldaten sneuvelen en komen er opnieuw oorlogsbegraafplaatsen van het Britse Gemenebest. En het zullen juist de zonen van de tegenstemmers zijn, die sneuvelen, want voor hen is er geen ander werk dan om het leger in te gaan. Want reken maar niet, dat er straks meer werk komt, ook niet als de grenzen gesloten worden. Welk bedrijf gaat zich in Groot-Brittannië vestigen als de toegang tot de gemeenschappelijke markt van de Europese Unie veel lastiger wordt? Hoeveel Britse bedrijven zullen een flink deel van hun productie naar het continent verplaatsen? Hoeveel talentvolle jonge Britten zullen voor een leven op het continent kiezen? Wat moeten ze nog op hun geïsoleerde eilandenrijk?

    Het is een klap voor de rijkste Britten en een les voor alle rijken in de wereld. Ze hebben vooral aan hun winsten, topsalarissen, fantastische pensioenuitkeringen en bonussen gedacht en er geen been in gezien de werknemers bij duizenden te ontslaan. Intussen gaven zij de schuld aan de buitenlanders en de Europese Unie. De slimsten zullen ongetwijfeld hun pond tegoeden hebben omgezet in Euro’s of dollars, maar het gaat hen en het hele Britse volk ongetwijfeld geld kosten. Het is een – nu nog – onbloedige revolutie.

    Die onvrede over de langdurige werkloosheid en de slechter wordende lonen en andere arbeidsvoorwaarden zie je wereldwijd. Wat in het Verenigd Koninkrijk gebeurd is, vormt een waarschuwing voor de gehele Europese Unie. Er moet een structurele oplossing komen voor de enorme uitstoot van arbeidskrachten door automatisering en robotisering. Het is niet voor niets dat Paus Franciscus in zijn encycliek ‘Laudato si’ waarschuwt voor de enorme hebzucht van de rijken, waarvan de armen en het milieu het slachtoffer worden.

    Aan alle politici zeg ik: Houdt op met Brussel de schuld te geven van alles wat verkeerd gaat. In het Verenigd Koninkrijk krijgt straks Londen weer de schuld. Wees open over de Europese besluitvorming en vooral over alle maatregelen waarmee wij gewoon hebben ingestemd. Werk met andere parlementen samen om Brusselse buitensporigheden – als die er al zijn – een halt toe te roepen. Schenk als pers en andere media veel meer aandacht aan de successen van het Europees Parlement en van de Europese Raad, die nu eindelijk besloten heeft echt iets te gaan doen aan de belastingontwijking, die ons burgers elk jaar weer miljarden kost. Het is legale diefstal uit mijn en uw portemonnee. Als Brexit echt tot bezinning leidt, komt er toch nog iets goeds uit voort.

    Jaargang 9, Nr. 416.

    vrijdag, 17 juni 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Actie voor kernwapenpacifist en advocaat Meindert Stelling

    In column van de week, zonder rubriek, amsterdam, burgers, publiciteit, dood, navo, oorlog.

    HIJ BEKRITISEERDE RECHTERLIJKE MACHT

    Ik ben geen uitgesproken pacifist. Een land mag zich verdedigen als het wordt aangevallen. Soms is een gewapende ingreep nodig om een eind te maken aan een burgeroorlog. Zo kun je mensen beschermen. Ik ben wel tegen het produceren van, het bezitten van, het plaats bieden aan, het dreigen met en helemaal tegen het gebruiken van kernwapens. Ik wil mijn vrijheid niet danken aan de dood van miljoenen anderen. Het gebruik van kernwapens leidt vrijwel zeker tot escalatie en zo tot een wereldwijde vernietiging. Het risico bestaat, dat zo’n kernoorlog begint door een ongeluk of een misverstand. We zijn al een aantal keren door het oog van de naald gekropen. Weinig mensen weten dat of negeren het risico. Het is immers tot nu toe steeds goed gegaan.

    In de tachtiger jaren van de vorige eeuw was dit heel actueel. De Sovjetunie plaatste SS20-raketten met kernkoppen, bedoeld voor de middellange afstand. Het NAVO-antwoord werden de kruisraketten en daartegen werd met enorme demonstraties betoogd. Ik was erbij in Amsterdam en in Den Haag. Ik hielp mee bij de “omsingeling” van de vliegbasis Soesterberg. Er waren wakes bij vliegbases en soms drongen activisten een basis binnen en gingen straaljagers met een bijl te lijf. Dan volgde natuurlijk een veroordeling en dat leverde weer publiciteit op, zodat het Nederlandse volk weer gewaarschuwd werd voor de risico’s van de aanwezige kernwapens.

    In die tijd kozen ruim duizend Nederlanders voor een Proces tegen de Staat. Ik ben een van hen. Zij wilden het recht te hulp roepen tegen de kernwapens, die zij in strijd achtten met het humanitair oorlogsrecht. In een oorlog mogen ongewapende burgers niet worden aangevallen. In een kernoorlog zijn miljoenen burgerslachtoffers niet te vermijden. Nederlandse rechters probeerden van alles om maar geen uitspraak te hoeven doen. Ze verklaarden zich bijvoorbeeld onbevoegd. Elke keer weer gingen de procesvoerders in beroep tegen een uitspraak of de weigering daarvan. Uiteindelijk kwamen ze tot de Hoge Raad, maar ook die weigerde de uitspraak te doen, dat dreigen met kernwapens strijdig is met het humanitair oorlogsrecht. Uiteindelijk deed het Internationaal Gerechtshof de uitspraak, dat kernwapens in strijd zijn met het humanitair oorlogsrecht. Helaas verzwakte het die uitspraak met een aanvullende opmerking, dat in uitzonderlijke gevallen het gebruik denkbaar is. Een aantal advocaten hebben ons bijgestaan. Het was een zee frustrerende bezigheid. Ze werden als vervelende lastposten behandeld. Redelijke en juridisch zeer verantwoorde argumenten werden terzijde geschoven. Op deze handelwijze van Nederlandse rechters is terechte kritiek mogelijk. Het is niet zo moeilijk met deze toepassing van het recht de vloer aan te vegen. Tsja en dat maakt de edelachtbare heren nog bozer. Het liefst snoer je zo’n advocaat de mond. Maar ook een advocaat is in Nederland vrij zijn mening te uiten. Nu is advocaat Meindert Stelling toch geschorst. Ik neem nu een verklaring van het actiecomité over en geef u in overweging die verklaring mede te ondertekenen.

    Steun advocaat Meindert Stelling

    • Ook advocaten hebben het volste recht op vrijheid van meningsuiting.
    • Een Orde van Advocaten, dekens en tuchtrechters mogen op basis van open normen op dit recht geen inbreuk maken
    • Een advocaat die geen blad voor de mond neemt, heeft óók het recht op een plek in en bescherming door de Orde van Advocaten.
    • Meindert Stelling is zo’n advocaat die enkele rechterlijke uitspraken op het gebied van kernbewapening, de handelwijze van een deken en uitspraken van sommige tuchtrechters van (zeer) kritisch commentaar heeft voorzien.
    • Als gevolg daarvan dreigt hij van het tableau geschrapt te worden en niet langer als advocaat werkzaam te kunnen zijn.
    • Orden van Advocaten, dekens en rechters dienen te staan voor de vrijheid van meningsuiting van advocaten en deze niet trachten in te perken op basis van open en onduidelijke normen zoals ‘of een advocaat iets al dan niet betaamt’. Dit óók wanneer het een deken van deze orde of enkele rechters zèlf zijn die in deze vrijheid van meningsuiting op de korrel worden genomen.
    • Wij ijveren voor het behoud van vrijheid van meningsuiting voor advocaten en voor handhaving van Meindert Stelling als advocaat.

     

    Namens het actiecomité,

    Erik Olof Willemijn van der Werf (voorzitter a.i. Tribunaal voor de Vrede)

    Deze verklaring kunt u mede ondertekenen op de website www.eerherstelmeindertstelling.nl  Daar vindt u ook uitgebreider informatie over deze zaak.

    Jaargang 9, Nr.415.

    vrijdag, 10 juni 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Secularisatie en kerkverlating

    In column van de week, boek, europa.

    CRISIS IN DE KERK DE OORZAAK VAN KERKVERLATING

    Ik ben bezig een boek te lezen over het feit, dat steeds minder mensen in Nederland en elders in Europa in God geloven. De auteur vraagt zich daarbij wel af of de mensen een alternatief vinden voor Gods geboden. Maar eerst beschrijft hij af en toe toch wat triomfantelijk het proces van secularisatie in West-Europa. Het triomfalisme deed me een beetje denken aan het vroegere Rijke Roomse leven, waarbij van tijd tot tijd het “Aan U o Koning der Eeuwen” werd aangeheven. Zou er al een seculier equivalent zijn?

    In mijn jeugd maakte ik nog volop het Rijke Roomse Leven mee met plechtige Heilige Missen en processies, veel kaarsen en wierook, maar ook veelvuldig biechten en elke zondag naar de kerk. In 1953 was ik in Utrecht bij de viering van “Honderd jaar Kromstaf”, de herdenking van het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in 1853. Ondanks eeuwen onderdrukking en achterstelling waren er nog heel wat katholieken in Nederland. De kerk maakte een ontzaglijke groei door en bij elke volkstelling steeg het percentage Rooms-Katholieken. Toch was er bij Kardinaal de Jong in 1953 al een zekere ongerustheid, want hij deed vanaf zijn ziekbed een oproep tot de aanwezigen in het Utrechtse stadion de eenheid te bewaren. Wat jaren later werkte ik op een Lagere School en wij als collega’s vroegen ons af, wat we in vredesnaam aan moesten met de godsdienstlessen, want op de oude manier met de catechismus in vraag- en antwoordvorm ging het niet meer.

    Toen kwam de goede paus Johannes XXIII, die het Tweede Vaticaans Concilie bijeen riep. Hij bracht daarmee de Kerk bij de tijd en er kwamen belangrijke antwoorden op de grote vragen van die tijd met een encycliek over de Vrede, Pacem in Terris en over de armoede en de onderontwikkeling in de wereld en over de verhouding met andere religies. Het zorgde vooral voor een enorm enthousiasme onder de leken, want wij waren een priesterlijk volk en hoorden een rol te spelen in het kerkgebeuren. Er gebeurde van alles. Er kwamen jongerenkoren met zogenaamde beatmissen, voettochten van Pax Christi, toespraken van Bisschop Bekkers op de Tv en voortaan mocht de pil. Tussen 1970 en 1975 daalde in Nederland het geboortecijfer pijlsnel, want ook de katholieken gingen aan geboorteregeling doen.

    En toen kwam in Rome de conservatieve reactie aan de macht. De celibaatsverplichting werd niet afgeschaft en honderden priesters traden uit het ambt en er waren nauwelijks nog priesterroepingen. Paus Paulus VI kwam met een verscherpt verbod op voorbehoedsmiddelen. Nog weer later kwamen er strenge regels wat betreft de liturgie en tenslotte kwam er in een flink aantal landen het misbruikschandaal aan het licht. Allemaal redenen om kritisch te staan tegenover de kerk. Dan zie je, dat bij de meeste mensen de vernieuwing van Vaticanum II niet is doorgedrongen. Ze blijven de Kerk zien als een hiërarchisch instituut en richten hun kritiek op de bisschoppen en willen dan niet meer bij zo een kerk horen. Als ze de lijn van het Tweede Vaticaanse Concilie hadden doorgetrokken hadden ze hun eigen verantwoordelijkheid genomen en waren ze doorgegaan met de kerk te vernieuwen. Hier wreekt zich het gebrek aan diepgaande godsdienstige kennis en het ontbreken van een traditie om je zelfstandig daarin te verdiepen. Heel veel van die katholieken kenden slechts een oppervlakkig geloof en gingen naar de kerk omdat het nu eenmaal zo hoorde.

    Zulke mensen wisten evenmin om te gaan met allerlei twijfels. Katholieken waren altijd gewend van alles voor waar aan te nemen op gezag van de paus, de bisschoppen en de priesters. Maar er kwamen steeds meer ontwikkelde mensen en die pikten dat niet meer. Intussen waren de conservatieven aan de macht gekomen en die bleven vasthouden aan de traditionele manier van geloven. Als je geluk had, dan trof je een parochiepriester, die op een intelligente manier oude waarheden op een moderne manier uitlegde. Dan klonken al die mysterieuze geloofswaarheden opeens heel aannemelijk. Het wordt tijd de overgebleven gelovigen niet langer dom te houden. De mensen serieus te nemen. De dialoog aan te gaan. Maar ik merk, dat het bij de bisdomleiding gewoonte lijkt te worden nergens meer op te reageren en zich op te sluiten in het kleine groepje traditionalisten. Al die dwalende schapen worden aan hun lot over gelaten. Het verhaal van de Goede Herder, Jezus van Nazareth wordt niet meer waar gemaakt. Dat is de crisis in de kerk.

    Jaargang 9, Nr. 414.

    zaterdag, 4 juni 2016

    John Jorna

    John Jorna

    De zee zien in Zeeland

    In column van de week.

    DRIE DAGEN SCHOUWEN DUIVELAND

    Soms verzinnen je kinderen een leuk verjaarscadeautje. Ze brachten ons weg met twee auto’s. We lunchten met z’n vijven en maakten een pracht van een strandwandeling. En zittend op het terras kregen we toch nog een buitje van een half uur. Gezien de weersverwachting viel dat hard mee. Zo met z’n vijven voelden we weer die verbondenheid van vroeger, toen ze nog thuis woonden. Een idee om na te volgen.

    De volgende dag was bepaald niet stralend. Er werd onweer verwacht. We besloten het te zoeken bij een binnen-activiteit. Op naar de Neeltje Jans. Daar was ik vroeger met school en ook wel met familie al vaker geweest. We zijn er zelfs op schoolexcursie geweest toen je nog over een tijdelijke brug naar dit werkeiland moest.

    Aan één keer in 1987 koester ik een bijzondere herinnering. Net op het moment, dat de leerlingen werden opgeroepen om de stormvloedkering van binnen te bekijken kwam er een heer op mij af. “Mag ik u iets vragen? Ik volg een Teleac-cursus Portret Tekenen.” “U hebt het goed gezien”, was mijn antwoord. En hij weer: “Ik heb u al zo vaak getekend!” . Mijn teken collega had mij gevraagd model te staan voor het hoofdstuk karikaturen. Zelfs in 2012 herkende mij iemand nog daarvan, maar die werkte zelf met het materiaal bij haar tekencursussen.

    Zo kwamen we dus bij de Neeltje Jans, maar wat was dat veranderd. De binnen-activiteiten zitten in een fors gebouw, waarvan de helft wordt ingenomen door een uitstekend restaurant. Het oude model van de Deltawerken is er nog steeds met alle dammen en met dia’s en mondelinge toelichting wordt bij elke dam uitleg gegeven. Voor een aardrijkskundeleraar is dat natuurlijk gesneden koek, net als die kaart van Nederland, waar de samenhang van de Haringvlietdam met de grote rivieren wordt uitgelegd. Die is dicht bij matige of gemiddelde afvoer. Dan gaat al het water via de Nieuwe Waterweg naar zee en wordt daar de zouttong over de bodem terug gedrongen. Bij grote rivierafvoer gaan de spuisluizen open. Het boeiendste zijn de vier zalen met films. Ocean 1, 2 en 3 laten iets zien van de Deltawerken, het zeeleven en de Stormvloedramp van 1953. Maar heel bijzonder is de Delta Experience. Je ervaart die stormnacht heel realistisch en voor mij best angstaanjagend met rondom filmprojectie, geluid, lichteffecten en steeds dat kind, dat om zijn mama roept. Alleen daarvoor is een bezoek al de moeite waard. Allerlei buitenactiviteiten waren bij dit slechte weer gesloten, maar we zagen nog wel een metersbreed aquarium met haaien en een windmachine, die ons een storm van 133 KM/uur in het gezicht blies. En je kunt nog steeds in de Stormvloedkering, waar nu een uitgebreide tentoonstelling over de Deltawerken te zien is.

    Voor de windmolenhaters nog een bijzonder bericht. Het wolkendek hing zo laag, dat de windmolens tot de wolken reikten. Bij hun hoogste stand verdwenen de wieken in de wolken. En omdat het ook nog mistig was, zag je de windmolens nauwelijks. Daar moet je als windmolenhater toch van in de wolken raken.

    Na de regen van de vorige dag was de laatste dag heerlijk zonnig. We maakten een fijne strandwandeling, lunchten weer aan het strand en na de wandeling terug ging het op huis aan.

    Tsja, en ‘s avonds ontdekte ik, dat ik toch wat was vergeten om in te pakken, maar de medewerksters van Resort Zee en Land wisten het te vinden en stuurden het op. Dat is Zeeuwse service van deze Zeeuwse Meisjes.

    Jaargang 9, Nr.413.

    vrijdag, 27 mei 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Een nieuwe president voor Oostenrijk

    In column van de week, duitsland, durven, geschiedenis, tweede wereldoorlog, milieu, vluchtelingen.

    EEN ZO ANDER LAND DAN NEDERLAND

    Al zo vaak ben ik in Oostenrijk geweest. Ik heb veel diepgaande gesprekken gevoerd en in 65 jaar zijn er heen en weer honderden brieven geschreven. Toch stelt het land je elke keer weer voor raadsels. Wat zorgde voor die vreemde uitslag van de eerste ronde van de presidentsverkiezingen? Wat bepaalde de verkiezing van Van der Bellen? Je kunt het land niet begrijpen zonder je in de geschiedenis te verdiepen.

    De dreiging van de Turken, culminerend in het beleg van Wenen zal ongetwijfeld een zekere afkeer van Moslims te weeg hebben gebracht, maar negatieve ervaringen met gastarbeiders zorgen in het moderne Oostenrijk voor een voedingsbodem voor ultrarechtse partijen als de Freiheitliche Partei Österreichs (FPÖ). De enorme toevloed van Syrische vluchtelingen werd aanvankelijk welkom geheten, maar na enige maanden bleek het een te zware opgave voor het land. In overleg met naburige landen werden de grenzen gesloten. Dat zorgde voor een versterkt gevoel van bedreigd zijn door een vloed van Moslims. Het kwam tot uiting in een sterke steun voor FPÖ-kandidaat Hofer met 35% in de eerste ronde. Je zag tegelijk al de tegenstelling tussen uiterst links en rechts groeien. De Groene kandidaat Van der Bellen kreeg in de eerste ronde 21,3%.

    Bij zulke uitslagen in Frankrijk verenigen alle partijen zich tegen het Front National. Ondanks enorme steun uit binnen- en buitenland won Van der Bellen op het nippertje. Allerlei “jeugdzonden” werden hem nagedragen. Hij was een paar jaar lid van de Communistische partij geweest. Dat komt in Oostenrijk extra hard aan door afschuwelijke ervaringen tijdens de Russische bezetting van een deel van Oostenrijk. Het is ook een zeer katholiek land. Als van de Bellen dan zegt niet in God te geloven en voorstander te zijn van vergoeding van abortus door de ziektekostenverzekering dan heeft hij het bij overtuigde katholieken verkorven. Bij arbeiders verliest hij het vertrouwen wanneer hij geen duidelijk onderscheid maakt tussen oorlogsvluchtelingen en mensen, die de armoede in de Derde Wereld ontvluchten. Die laatsten zijn in hun ogen immers gelukszoekers, die hun banen inpikken. De vroegere staatsbedrijven zijn of verdwenen of gedenationaliseerd. Zo is veel werkgelegenheid verloren gegaan, want ook daar werd en wordt geautomatiseerd en gerobotiseerd en neemt de werkgelegenheid af. Dan is het reuze gemakkelijk om die buitenlanders de schuld te geven.

    Oostenrijk heeft de Tweede Wereldoorlog nooit echt verwerkt. Het land beschouwt zich als slachtoffer, eerst van de Nazi’s en daarna van de Russen. Ze durven niet te erkennen, dat Hitler voor de overgrote meerderheid zeer welkom was. Terwijl je in Duitsland een sterke waakzaamheid tegen herlevend nationaalsocialisme ziet, ontbreekt dat in Oostenrijk. Men herkent in de FPÖ geen neonazipartij. Dat zag je al toen Waldheim president werd. Ze hadden geen idee, dat het buitenland zo afwijzend zou reageren. De man kwam toch uit een keurig nette familie. Hoe was het mogelijk, dat de Nederlandse koninklijke familie niet meer in Oostenrijk op wintersport ging?

    Het traditionele katholicisme kent weliswaar enkele tientallen zeer kritische pastores, maar een ontwikkeling in de richting van het denken van Paus Franciscus zie je er nog niet. Die wil een meer pastorale houding van barmhartigheid in plaats van het wettische katholicisme van de laatste veertig jaar. De nieuwe encycliek Laudato si over het milieu en de armoede in de wereld is de nieuwe president op het lijf geschreven, maar zoals ook de sociale encyclieken bij de katholieke elite onbekend. Het is een bekende grap, dat het best bewaarde geheim van het Vaticaan de Sociale Leer van de Kerk is.

    De scheidslijnen in Oostenrijk lopen waarschijnlijk niet tussen de kiezers op Van der Bellen en Hofer. Maar er is ook in dit land een groeiende tweedeling: tussen rijk en arm; tussen geschoold en ongeschoold, tussen georiënteerd op de wereld als geheel en gericht op de eigen omgeving, tussen macht en zwakte. Het wordt een enorme opgave voor Van der Bellen om al die werklozen en slecht betaalde Oostenrijkers hun waardigheid terug te geven. Hij kan dat niet alleen. Heel Oostenrijk moet zich daarvoor inzetten. Ik wens het land onder zijn nieuwe president alle goeds.

    Jaargang 9, Nr. 412.

    vrijdag, 20 mei 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Israël en de Palestijnen 3

    In column van de week, berlijn, oplossing, palestijnen, palestijnse, werk, blogs, rusland.

    DE GEWONE MENSEN WORDEN HET SLACHTOFFER

    Ik houd van Joden en ik houd van Palestijnen. Ik zie bij beiden hun fouten. Maar daardoor wijs ik ze niet af. Ik zou het zo graag meemaken, dat beide volken in vrede naast elkaar zouden leven. En ik besef, hoe moeilijk en ingewikkeld dat is. Eenvoudige oplossingen bestaan in dit conflict niet. Misschien is de grootste barrière naar een oplossing de gegroeide overtuiging, dat een oplossing onmogelijk is. Dat maakt het voor iedereen erg tragisch.

    Wat doet het conflict met het Joodse volk? Mensen in Israël voelen zich omringd door vijanden. Keer op keer zijn ze aangevallen en elke keer wist Israël die aanvallen te weerstaan. Uit bewondering noemden wij in 1967 onze jongste dochter naar de Bijbelse Joodse heldin Judith. De laatste jaren komen de aanvallen niet meer van de buurlanden, maar vooral van de Palestijnen. Er waren de zelfmoordaanslagen en Israël bouwde de Muur. We leerden in 2012 de Muur kennen ook aan de Palestijnse kant bij Bethlehem. De gelijkenis met de Muur in Berlijn viel me op.

    Zo komen we opnieuw bij de vraag, wat dit conflict met de bevolking van Israël doet. In de reacties op mijn twee vorige blogs komt dat duidelijk naar voren. In mijn herinnering toonde Israël in het begin vooral eendrachtige vastberadenheid. Je denkt aan fierheid en trots en intelligentie en daadkracht. Het land werd opgebouwd. Het Bijbelse beeld van het land van melk en honing doemde op. In de reacties op de herhaalde aanvallen was er aanvankelijk een beeld van beheersing en respect. Maar de reacties werden steeds feller en veel Palestijnen werden opgesloten. Soms dacht ik, dat deze wijze van optreden mij herinnerde aan de manier waarop de Duitse bezetter hier optrad. Het maakte mij verdrietig.

    Veel Israëli’s waren zich bewust van het te gewelddadige optreden. Ex-militairen vertelden over hun ervaringen in de bezette gebieden en ook andere actiegroepen maken dat bekend. Ze worden als landverraders bestempeld. De vijandschap jegens de Palestijnen kreeg steeds meer racistische trekken. Ze werden geminacht en je kon ze ook minachtend bejegenen bij bijvoorbeeld controleposten. Dat racisme richtte zich ook tegen Joden uit Ethiopië en uit Rusland en zo zien wij het Joodse volk een verdeeld volk worden. Dat schept enorme risico’s, niet alleen bij hernieuwde aanvallen op het grondgebied van Israël, maar nog veel meer bij het streven naar vrede. Vrede vraagt, dat iedereen er als één man achter staat. Vrede vraagt een sterk Israël, niet een innerlijk verdeeld land. En denk nu niet onmiddellijk, dat dit de schuld is van dat linkse tuig of andersom van die rechtse onderdrukkers. Begin niet onmiddellijk te roepen, dat de ander een antisemiet is of een landverrader of noem de ander niet een fascist of kolonialist. Het is je vriend, die jou op je fouten wijst. Besef het belang van eenheid.

    Likoed Nederland benadrukt in de reacties elke keer weer heel pessimistisch, dat er al van alles geprobeerd is en dat niets lukt. Het is eigenlijk een heel pessimistische boodschap. Het vormt een sterke tegenstelling tot het optimisme van de pioniersjaren. Toen gingen heel veel Nederlandse jongeren een jaar in een kibboets werken. In mijn reacties benadrukte ik, dat Hamas met al dat gewelddadige verzet de steun van de bevolking zal gaan verliezen. Israël moet een manier vinden om dat te ondersteunen. Juist vandaag bleek bij het Acht Uur Journaal, dat Hamas de steun van de bevolking begint te verliezen. Ze moeten de mensen dwingen. De wanhopige situatie lijdt tot steeds meer zelfmoorden. Alleen als je bij Hamas hoort krijg je werk en een inkomen. Kan Israël een perspectief bieden? Bijvoorbeeld werk in Israël, zoals mensen van de Westoever ook in Israël werken? Joodse mensen zijn zo ontzettend creatief en slim. Met Ollie B. Bommel zeg ik: Tom Poes, bedenk een list! Tjsa, in stripverhaaltjes lukt dat. Maar dromen komen soms zo maar echt uit.

    Jaargang 9, Nr. 411.

    Reacties op Israël en de Palestijnen 3

    Door: Likoed Nederland op 21 mei 2016, 11:49

    U noemt ons pessimistich. Dat is onzin. Als Joden pessimistisch waren, dan was het Joodse volk er niet meer geweest.
    Wij zijn wel realistisch ten opzichte van het moslimfundamentalisme. Uw wens dat mensen uit Gaza werken in Israel heeft al bestaan, maar is door Hamas onmogelijk gemaakt.

    Deze Jodenhaat en geweldsverheerlijking zal moeten stappen, anders zal er geen vrede kunnen zijn. Zo simpel is het. Er is geen ‘vredespartner’ als die oproept tot het uitroeien van de Joden:
    http://likud.nl/2016/05/onverminderd-islamitisch-haatzaaien-op-de-palestijnse-televisie/

    De socialistische premier Golda Meir zei dat al 50 jaar geleden: Het zal vrede worden op het moment dat de Arabieren meer van hun eigen kinderen gaan houden, als dat ze de onze haten.

    Door: John Jorna op 21 mei 2016, 17:53

    Ik bedoel pessimistisch over de mogelijkheid tot vrede te komen. Optimistisch over de mogelijkheid zich te handhaven te midden van vijanden.
    Natuurlijk heeft Hamas werken in Israël onmogelijk gemaakt. Maar laat de werkloze Gazanen weten, dat ze kunnen komen werken en een inkomen kunnen verwerven. En als Hamas het opnieuw verbiedt, laat dat dan weten. Kijk, dit heb je van Hamas te verwachten. Zet ze te kijk als wreedaards jegens hun eigen volk. Zend voortdurend vredesboodschappen uit. Biedt vredelievende Palestijnen een perspectief.

    Door: Likoed Nederland op 24 mei 2016, 21:14

    U blijft uw ogen sluiten voor het moslimfundamentalisme. Wie neemt een baan van een Jood, als dat tegen de wens van Allah in gaat?
    73% van de Palestijnen staat achter de passage in het Handvest van Hamas, dat het islamitisch gezien noodzaak is om de Joden uit te roeien.

    Door: admin op 25 mei 2016, 13:47

    In Israël wonen Nog veel Arabische Israëli’s en zij werken voor een deel in Joodse bedrijven. Op de Westbank zijn Joodse nederzettingen met bedrijven en daar werken ook Palestijnen. Tijdens ons bezoek aan Israël moesten we wachten op onze Palestijnse gids voor Bethlehem. We zagen meerdere mensen na hun werk op weg gaan naar hun grnspost om naar huis in Bethlehem te gaan. Ik vermoed, dat als de honger knaagt pricipes er niet zo veel meer toe doen.

    vrijdag, 13 mei 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Israël en de Palestijnen

    In column van de week, burgers, congres, weblog, oplossing, palestijnen.

    IN VREDE LEVEN; DAT WIL TOCH IEDEREEN

    Dat zou je denken. Want sinds de Israëlische onafhankelijkheid en ook al daarvoor zijn duizenden doden gevallen en daarbij waren ook veel burgers, onschuldige kinderen en vrouwen en bejaarden. Dat waren mensen in Israël en het waren Palestijnen en tijdens diverse oorlogen ook Jordaniërs, Syriërs, Libanezen en Egyptenaren. Zelfs vandaag nog wordt met voldoening gemeld, dat een belangrijke Hezbollah commandant is gedood, die verantwoordelijk zou zijn voor de aanslag op een Libanese minister-president. Intussen wacht ik op de wraak van Hezbollah. Wat gaat het worden? Raketten op Israëlische nederzettingen? Zo gaat het maar door. Ik beschreef het al eens op dit weblog tijdens de Gaza-oorlog in augustus 2014. Zie aldaar. Die wrede logica gaat maar door en vaak gewone mensen worden het slachtoffer.

    Israël stelt het steeds zo voor, dat het land omgeven is door vijanden. De raketten vanuit Gaza, de zelfmoordaanslagen tegen bijvoorbeeld buspassagiers, Palestijnen, die met messen steken of met een auto inrijden op Joodse mensen. Dus is de muur nodig en die helpt, want er zijn geen zelfmoordaanslagen meer. Komt dat door de muur of door de vredelievendheid van de Palestijnen van de Westoever? De Israëlische bezettingsmacht treedt maar al te vaak hardhandig op. Palestijnen laten zich desondanks niet provoceren, lijkt het. Is er een zekere welvaart aan het ontstaan? Maar intussen wordt de Palestijnen voortdurend onrecht aangedaan. Landbouwgrond wordt onteigend. Tegen allle recht in worden Joodse nederzettingen gebouwd en uitgebreid. Buitenlanders, worden deze week op het vliegveld streng ondervraagd als ze een congres over klimaatverandering willen bijwonen en sommigen worden geeneens toegelaten. Zo braaf is Israël nu ook weer niet.

    Er waren in het verleden momenten, dat vrede nabij leek en een twee staten oplossing een kans maakte. Dan weer durfde Arafat niet uit vrees voor zijn landgenoten en op een ander moment werd de Israëlische premier Rabin door een fanatieke nationalistische Israëliër vermoord. Stel, dat het nu eindelijk de goede kant uitgaat en zelfs Hamas eerlijk naar vrede lijkt te streven, maar er zijn Israëliërs, die er belang bij hebben, dat het conflict voortduurt, wat is er dan gemakkelijker om een hoge Hamasleider vanuit de lucht te elimineren? De kans op vrede is weer verkeken. De raketten gaan weer richting Israël. En de hele wereld houdt weer zijn hart vast. Iedereen is bang voor een zodanige escalatie, dat het een wereldconflict wordt. Niet alleen al die aardige Israëliërs en de even aardige Palestijnen, nee de hele wereld heeft er belang bij, dat er eindelijk echte vrede komt en alle oorlogshitsers in eigen kring in bedwang worden gehouden. Geloof in het gezonde verstand, geloof in het verdwijnen van de haat, geloof in de vrede. Vertrouw elkaar.

    Jaargang 9, Nr. 410.

    Reacties op Israël en de Palestijnen

    Door: Likoed Nederland op 14 mei 2016, 13:52

    U heeft gemist dat Hamas al honderden keren heeft verklaard dat vrede volkomen onmogelijk is: Een Joodse staat moet vernietigd op grond van de islamitische leer.

    Lees dit in hun Handvest of bijvoorbeeld hun verklaring: “Een wapenstilstand betekent in het woordenboek van de jihad: de voorbereiding op het volgende gevecht.”

    http://likud.nl/2014/07/hamas-een-wapenstilstand-kan-nooit-lang-duren/

    Door: Aaron Silberschmidt op 15 mei 2016, 08:42

    Zionisten doen alsof een staat hetzelfde is als een bevolking.

    De STAAT moet inderdaad vernietigd worden, d.w.z. de geheime dienst, de apartheidswetten, de gevangenissen waar de staat Palestijnen in laat martelen, de Apartheidsmuur die de staat bouwt, de dienstplicht in het moordende staatsleger, het arsenaal aan atoombommen van de staat, de propagandaleugens door de staat, zelfs voorgeschreven in het basisschoolcurriculum…

    Zoals ook eerder staten zijn vernietigd: de apartheidsstaat in Zuid-Afrika is vernietigd door o.a. Nelson Mandela, de Engels-imperialistische staat in India door o.a. Ghandi, de dictatoriale staat in de DDR door een opstand, de fascistische staat van Salazar in Portugal ook, etc.

    Door: Aaron Silberschmidt op 15 mei 2016, 08:55

    http://www.ifamericansknew.org/images/deathsjuly21-2014.jpg

    Deze infographics illustreren:

    1. Het is de koloniale apartheidsstaat Israel die het staakt-het-vuren breekt. Er is een continue aanval op Palestijnse burgers, continue reeks aan provocaties. Israel hoopt dan dat een groep als bijvoorbeeld Hamas wraak neemt. Dan kan die wraak tot “de aanleiding” worden verkondigd waarmee Israel een grootschalige aanval legitimeert, terwijl de werkelijkheid andersom is.

    2. De absolute aantallen slachtoffers aan beide kanten lopen totaal scheef: Israel moordt erop los.

    3. Ook kun je zien dat het percentage burgerslachtoffers onder Palestijnen 11x zo hoog is als onder Israeli’s. Israel wil de burgerbevolking een kopje kleiner maken (letterlijk), terwijl Hamas zich tegen het leger richt.

    Door: Likoed Nederland op 15 mei 2016, 15:24

    Bedankt weer voor uw antisemitische reactie, volgens de desbetreffende definitie van de EU.
    U laat zo goed zien wat de ware drijfveer is van veel zogenaamde ‘pro-Palestijnen’.

    Door: John Jorna op 17 mei 2016, 18:38

    Israél gaat uit van de idee, dat als je maar veel geweld gebruikt tegen de bevolking van de Gazastrip, dat Hamas de steun van de bevolking zal verliezen. Het lijkt erop, dat deze aanpak niet werkt, integendeel, de haat tegen Israël neemt alleen maar toe en Hamas krijgt meer steun. Dan ligt de conclusie voor de hand, dat Israël een andere manier moet zien te vinden om de steun van de bevolking van Gaza te winnen. Nu hebben de Gazanen niets te verliezen. Geef ze de kans tot welvaart te komen en zich veilig te voelen. Hamas kan dat voor ze verpesten. Misschien een mooie droom, maar mooie dromen zijn eerder uitgekomen. Joden hebben eeuwenlang vreedzaam tussen Islamieten gewoond.
    Als je de Staat Israël zou willen vernietigen, hoe wil je dan de veiligheid en het onderwijs en de medische zorg en het goed functioneren van de infrastructuur enzovoort waarborgen? Wat wil je? een staat waarin Joden en Palestijnen vreedzaam samenleven. Je uit terechte kritiek, soms wat scherp, maar wat zie je als oplossing? Dat is de vraag aan Aaron. En ook, namens wie schrijf je? Wie vormen je achterban?

    Door: Likoed Nederland op 17 mei 2016, 21:40

    Nogal simpel: als Israel de wapens neerlegt, zal het ophouden te bestaan. Als de Arabieren de wapens neerleggen, zal het vrede worden.

    Door: John Jorna op 18 mei 2016, 19:23

    Ik weet, dat het niet eenvoudig is. Ik zou willen, dat Israël zoekt naar andere oplossingen dan onmiddellijk vernietigend toeslaan. Biedt de gewone mensen perspectief op vrede en welvaart en een goede toekomst voor hun kinderen. Dat zal waarschijnlijk een enorme haat reactie van de zijde van Hamas opleveren en strenge maatregelen tegen mensen, die het initiatief van Israël verwelkomen. Kun je zo een omgekeerde vicieuze cirkel in werking stellen. Ik weet het niet. Denk eens mee in die richting. Jullie hebben bittere ervaringen, dat weet ik, maar blijven ronddraaien in die vicieuze cirkel van haat brengt nooit een oplossing. Uiteraard moet Israël zich niet willoos naar de slachtbank laten leiden. Dat heb ik niet geschreven en niet bedoeld.

    Door: Aaron Silberschmidt op 18 mei 2016, 20:13

    Ja, ik zeg het soms wat scherp, maar ik zeg het ook duidelijk. Met staat bedoel ik de onderdrukkende mechanismes – zowel fysieke onderdrukking (leger, gevangenissen, apartheidswetten, atoomwapens) als mentale onderdrukking (medialeugens, propaganda, wit-zionistisch racisme tegen zwarte Joden).

    Ziekenhuizen en scholen? Die heb je ook in Nederland of in het Zuid-Afrika van nu – beide staten zonder apartheid. Israel en het Zuid-Afrika van destijds zijn vooral betrokken bij het belemmeren of beschieten van ziekenhuizen en scholen van de inheemse bevolking – beide apartheidsstaten. De apartheidsstaat moet vervangen worden door een multiculturele samenleving met gelijkheid voor *alle* groepen.

    Israel is racistisch tot op het bot. Zoals er in Apartheid Zuid-Afrika een racistische hiërarchie was (witte Europeanen superieur, daaronder Indiërs, daaronder inferieure zwarten), zo is er ook een racistische hiërarchie in Israel (superieure Europese Joden aan de top, daaronder Slavische Joden, daaronder zwarte Joden, pas daaronder inferieure Palestijnen). Dus niet alleen Palestijnen worden gediscrimineerd. Zwarte Joden ook.

    Drie korte video’s (want ik wil je niet vermoeien, en lange in-depth reportages vind je makkelijk online)

    zionisme tegen zwarte Joden
    https://www.youtube.com/watch?v=acnEIUKI7_Y 3 min.

    zionisten tegen niet-Joodse Afrikaanse vluchtelingen
    https://www.youtube.com/watch?v=rVyCfJ5cOOA 1 min.

    zionisten tegen Joden die opkomen voor mensenrechten van zwarten
    https://www.youtube.com/watch?v=gOomBSTTzrU 4 min.

    Door: Likoed Nederland op 19 mei 2016, 22:38

    Is al geprobeerd, met de Oslo akkoorden.
    Gevolg: de zelfmoordaanslagen van Hamas begonnen ….

    vrijdag, 6 mei 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Mijn houding tegenover Israël en

    In column van de week, cultuur, europa, geschiedenis, new york, durven, handel, oplossing, palestijnen, en meer.

    ANTISEMITISME?

    De dodenherdenkingen op 4 mei en de bevrijdingsfeesten op 5 mei liggen weer achter ons. Ik was weer op Fort bij Rhijnauwen, waar meer dan vijftig Belgische en Nederlandse verzetsstrijders zijn gefusilleerd. Daarbij ook de vader van een klasgenoot van de HBS. Dat maakt het altijd realistischer. Het zijn niet alleen anonieme mensen, die daar vermoord zijn. Zij hebben hun leven gegeven voor onze vrijheid. Als je daar over nadenkt, besef je weer wat een geluk wij hebben hier in een vrij Europa te leven. Je zult maar in een land als Syrië of Irak of Jemen leven of onder een dictator in de Russische federatie of Turlije.

    Er is één volk, dat elke keer weer in de ellende terecht komt, het Joodse volk. Sommigen spreken over het Joodse ras en menen ook de typische raskenmerken van Joden te kennen. Maar er zijn heel wat Joden, die je niet als Jood zult herkennen en er zijn veel Arabieren, die gemakkelijk voor een Jood zouden kunnen doorgaan. Lang niet alle Joden beschouwen zich in religieus opzicht als Jood. Maar alle joden voelen zich Jood op grond van hun geschiedenis en hun cultuur.

    Bij Pauw zaten een aantal Joodse mensen om de tafel en spraken over hun Jood zijn. Sommige van hen worden vaak bedreigd en voelen daardoor angst. Ze durven op straat geen keppeltje meer te dragen. De vraag werd wel gesteld: Waar komt die afkeer van Joden vandaan? Maar ik hoorde geen antwoord. Zouden ze geen antwoorden kennen? Of wilden ze die antwoorden niet noemen, omdat ze die antwoorden liever niet horen? Eeuwenlang zijn de Joden gezien als een volk van Godsmoordenaars. Zij werden verantwoordelijk gehouden voor de dood van Jezus van Nazareth, Gods Zoon. De officiële kerken hebben die overtuiging na de Holocaust ingetrokken. Dat wil niet zeggen, dat daarmee die gedachten verdwenen zijn. Joden werden vaak gediscrimineerd en kwamen daardoor vaak terecht in de handel en het bankwezen. Als je dan eens een miskoop deed, was dat niet je eigen schuld, maar werd de Joodse koopman er op aangekeken. Zo worden mensen vatbaar voor verhaaltjes over een Joods wereldcomplot. Het zijn de Joden, die achter allerlei narigheid zitten: De aanval op de Twin Towers in New York of de misdaden van ISIS in Irak en Syrië. Probeer je daartegen maar eens te verweren.

    Het gezelschap was er min of meer van overtuigd, dat antisemitisme nooit zal verdwijnen en ze spraken erover of het dan niet beter zou zijn als alle Joden zouden verhuizen naar een veilig nationaal thuis, Israël. Het Joodse volk voelt zich nauw verbonden met Israël en dan wordt kritiek op Israël al snel kritiek op alle Joden en dus een vorm van antisemitisme. De critici leggen er dan weer de nadruk op, dat ze niets hebben tegen het Joodse volk op zich, maar wel tegen het Zionisme, dat leeft onder de Joden. Ze hebben er bezwaar tegen, dat Joden hun eigen staat willen vestigen in het gebied dat het Joodse volk uit de Bijbel bewoonde, ongeveer het huidige Israël en de bezette gebieden. Die claim is niet terecht.

    Er zijn heel veel mensen, ook in Nederland, die het bestaansrecht van de staat Israël, dus zonder de bezette gebieden, niet erkennen. Als je hen antisemiet noemt, kan ik me dat voorstellen.

    Als Israël door een resolutie van de VN binnen beschreven grenzen als onafhankelijke staat erkend is, wil ik het bestaansrecht van de staat Israël ook erkennen. Joodse mensen hebben na eeuwen vervolging eindelijk recht op veiligheid binnen een eigen staat. Dat geldt voor iedere wereldburger. Het geldt ook voor Palestijnen. Israëli’s en Palestijnen lijken elkaar hun eigen veilige en onafhankelijke staat niet te gunnen. Voor mij zijn ze beiden schuldig aan het voortbestaan van het conflict. Elke keer laait het weer op. De een provoceert de ander en dat om beurten.

    Ben ik nu een antisemiet? Ik ben niet tegen Israël, maar tegen het optreden van opeenvolgende Israëlische regeringen, zoals ik ook tegen het handelen van de Palestijnen ben. Is een oplossing mogelijk? Alleen als Israëli’s en Palestijnen het beiden willen en dat vraagt wederzijds vertrouwen. Komt dat er ooit? Het lijkt er niet op, maar er zijn meer van die onoplosbare conflicten geweest, die toch tot een goed einde kwamen. Ik hoop het nog mee te maken.

    Jaargang 9, Nr.409.

    Reacties op Mijn houding tegenover Israël en

    Door: Aaron Silberschmidt op 7 mei 2016, 00:51

    Ik vind het ook. In het conflict tussen een verkrachter en een slachtoffer moeten beiden elkaar leren respecteren. Waarom moet die verkracht zo nodig geweld gebruiken? Waarom moet het slachtoffer nou per sé tegenstribbelen? Wederzijds vertrouwen is het antwoord. Ik hoop het nog mee te maken.

    Door: Likoed Nederland op 7 mei 2016, 11:34

    De Palestijnen is 15 keer een staat aangeboden sinds 1937.
    Altijd hebben ze die geweigerd, en altijd om dezelfde reden:
    ze kunnen een Joodse staat niet accepteren.

    Door: Aaron Silberschmidt op 8 mei 2016, 04:10

    Likoed NL = vrienden van Wilders, leugenaars.

    Een racistische kolonie-staat is nooit acceptabel. Of die nu Joods of Nederlands of Russisch is, dat doet er verder niet toe. Israel verjaagt en vermoordt de inheemse bevolking – islamitische, christelijke en zelfs joodse Palestijnen die geen zin hadden in het zionisme. Zionisme is en blijft racisme – dat merken de zwarte joden in Israel nu ook. Die worden door witte zionisten als honden behandeld.

    Door: Aaron Silberschmidt op 8 mei 2016, 04:17

    Mijn sarcasme komt over, hoop ik. Dit is geen conflict waarbij twee partijen evenveel schuld hebben.

    Het slachtoffer verdient steun. De verkrachter moet worden aangepakt. De originele Palestijnen verdienen steun. Racistisch, oorlogszuchtig en met atoombommen bewapend Israel moet worden aangepakt.

    Door: Likoed Nederland op 8 mei 2016, 10:46

    Dank voor uw overduidelijk antisemitische reactie, volgens de betreffende definitie van de EU.
    Zo wordt mensen duidelijk waar die Israel haat vandaan komt.

    Door: John Jorna op 8 mei 2016, 19:50

    Het toelaten van de reacties wil niet zeggen, dat ik het er mee eens ben. Dat er binnen Israël en binnen het Joodse volk in de diaspora verschillend gedacht wordt blijkt weer eens. Maar of je op deze manier verder komt is de vraag. Probeer elkaar te begrijpen en het eigen standpunt te verdedigen in plaats van de ander aan te vallen.
    Ik mis een reactie van Palestijnse kant of van hun aanhangers onder de Nederlandse bevolking. Maar misschien genieten ze na de donkere winter en het koude voorjaar nu vooral van de zon.
    In een volgende column ga ik nader op de zaken in.

    vrijdag, 29 april 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Geweldige innovatie van Trouw en het FD

    In column van de week, nieuws, boeren, invloed, politiek, samen, europa, werk.

    EN EEN ENORME BLUNDER

    Solidaridad ken ik al lang als een bijzondere ontwikkelingsorganisatie. Tot voor enkele jaren regelde zij de Adventsactie van de kerken in Nederland. Voor een bepaald doel wordt dan geld ingezameld. De laatste jaren ging het bijvoorbeeld om betere arbeidsomstandigheden voor suikerrietkappers of gezonder werken voor gouddelvers of beter vakmanschap voor groente- en fruitkwekers. Het typische van Solidaridad is, dat hun projecten sterk sociaaleconomisch gekleurd zijn en daarmee in de ogen van sommigen links. Onze Rooms-katholieke bisschoppen wilden kennelijk meer invloed op de projectkeuzes. Dat maakte de gesprekken erg moeilijk. De bisschoppen hebben nu hun eigen Adventsactie met keurige projecten, maar wel vaak nauw verbonden met Rooms-katholieke organisaties in de Derde Wereld. Meestal zijn die niet politiek gekleurd al kun je dat nu er een andere paus is nooit weten. De tijden kunnen veranderen.

    Solidaridad is ook bekend door de Stichting Max Havelaar. Derde Wereldproducten worden hier tegen een eerlijke prijs verkocht en de boeren daar krijgen ook die eerlijke prijs. Ze zijn niet afhankelijk van de vaak wisselde prijzen op de wereldmarkt. Soms wordt het moeilijk als de prijzen door misoogsten in belangrijke landen erg hoog worden. Dan lokt de verleiding om via andere kanalen te verkopen tegen hogere prijzen.

    De mensen van Solidaridad werken zoveel mogelijk samen met partners in het Derde Wereldland. Uiteraard gaan er geldstromen van Europa naar de landen waar Solidaridad actief is. Werknemers moeten betaald worden, zowel de eigen mensen als de mensen van de partners. Er zijn materiaalkosten, transportkosten, organisatiekosten. Uit ervaring weet ik hoe moeilijk het is vanuit Nederland geld over te maken naar een Derde Wereldland. In sommige landen is er ook veel wantrouwen. Net als wij vraagtekens zetten bij een geldzending aan een stichting in Nederland vanuit Saoedi Arabië. Daarom richtte Solidaridad een stichting in Panama op, die het geld verdeelde over twee regionale centra en negen landenteams. Voor de oprichting van die stichting vroegen ze advies bij een juridisch adviesbureau. Dat bureau kwam in het nieuws bij de berichten over de Panama Papers. De te gemakkelijke conclusie was, dat Solidaridad nu in het verdachtenbankje thuis hoorde.

    De eerste fout tegen de journalistieke ethiek was, dat Trouw en het Financieel Dagblad geen wederhoor toepaste. Ze gingen er zondermeer vanuit, dat de waargenomen geldstromen bedoeld waren om belasting te ontwijken. Een goede doelorganisatie hoeft geen belasting te betalen over de inkomsten en evenmin over geldovermakingen. Uitgenodigd door Solidaridad hebben de beide dagbladen nog steeds niet antwoord gegeven op de vraag welke belastingen in welk land op welke datum zijn ontweken. Ze willen hun kapitale blunder kennelijk niet toegeven. Een rectificatie is tot nu toe achterwege gebleven en dat geldt ook voor alle media, die de publicaties in Trouw en het Financieel Dagblad kritiekloos hebben overgenomen.

    De beide bladen en allerlei andere kranten in de hele wereld hebben met hun publicaties over de Panama Papers uniek werk geleverd. Ze zijn ook alom geprezen. Maar wie hoog is verheven kan ook diep vallen.

    Ik zou zeggen: Wees een kerel en beken ruiterlijk je ongelijk.

    Jaargang 9, Nr. 408.

    vrijdag, 22 april 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Herlevend nationalisme

    In column van de week, algemeen, brabant, burgers, duitsland, europa, onderwijs, politiek, geschiedenis, en meer.

    EEN KWAADAARDIG GEZWEL

    Bij allerlei discussies van de laatste jaren duikt het weer op: het nationalisme. Vanmiddag heb ik het vijftigjarig bestaan van de Historische Kring Tussen Rijn en Lek mee gevierd in de Grote Kerk van Wijk bij Duurstede. Toen ik de kerk verliet, viel mijn oog op een plaquette met de zin: “Wij herdenken het verleden, omdat in het verleden de toekomst ligt”. Ja, dacht ik, als je uit het verleden weet welke ellende het nationalisme van de nationale staten heeft gebracht, dan weet je, dat je in de toekomst je verre van nationalisme moet houden.

    Nationale staten en nationalisme zijn betrekkelijk recente verschijnselen in de Europese geschiedenis. Ze duiken op in de achttiende eeuw en spelen een grote rol bij de Itali­aanse eenheid en de Duitse eenheid. Nederland als een­heidsstaat ontstaat pas in de Franse tijd met de Bataafse Republiek en het Koninkrijk Holland. Voor de Franse tijd hadden we hier de Republiek van de Zeven Verenigde Nederlanden of Zeven Verenigde Provinciën. Het was een betrekkelijk los politiek verband. De Raadspensionaris of de Stadhouder had met de Staten-Generaal alleen een taak bij de landsverdediging en de buitenlandse betrekkingen. Elke provincie regelde verder de eigen zaken. In de negentiende eeuw begon de Industriële Revolutie. Die leidde tot enorme veranderingen. Tot dan toe waren stad en ommelanden een economische eenheid met wat aanvullende handel over grotere afstand. Nu concentreerde de productie zich in Nederland bij de havens, waar de steenkool voor de stoommachines werd aangevoerd. Elders zie je de vestiging van industrie bij de kolengebieden: Ruhrgebied, Midden-Engeland, Noord-Frankrijk en Zuid-België bijvoorbeeld. Om de grondstoffen aan te voeren en de producten naar de binnen- en buitenlandse markt te vervoeren waren spoorwegen, havens, kanalen, bruggen en wegen nodig. Er moest beter onderwijs komen en dus één taal, het Algemeen Beschaafd Nederlands, het ABN. Rijksgrenzen hadden eerder nauwelijks betekenis. Aan weerszijden werd hetzelfde dialect gesproken. Er werd over en weer getrouwd. Migratie was geen probleem. Nu werden rijksgrenzen ook economische grenzen, juridische grenzen, taalgrenzen, culturele grenzen. Nederland werd een eenheidsstaat met een uitgebreide nationale wetgeving. Het is nog geen tweehonderd jaar geleden. Overal in Europa zie je dan het streven naar een nationale identiteit. Er kwam Vaderlandse Geschiedenis en in de aardrijkskundeles werden staten behandeld in plaats van grensoverschrijdende regio’s. De kunst liet het eigen roemrijke verleden zien in plaats van de gemeenschappelijke Europese geschiedenis. Nationale symbolen, de vlag, de munt, het wapen, het vorstenhuis, het volkslied moesten het gevoel van nationale eenheid versterken. De tijd, dat Brabant en Limburg als wingewesten werden beschouwd was nog maar net voorbij. In plaats van over Friezen, Groningers, Hollanders, Zeeuwen en Brabanders gingen we over Nederlanders spreken en over het Nederlandse volk. Wij waren anders dan onze buren, de Belgen, de Britten, de Duitsers en al die andere Europese volken.

    De eeuwenoude tegenstelling tussen het Westrijk, Frankrijk en het Oostrijk Duitsland werd nu versterkt door nationale gevoelens De behoefte aan grondstoffen leidde tot het kolonialisme, maar ook tot de Frans-Pruisische oorlog van 1870-1871, waarbij het Lotharingse ijzererts in Pruisische handen viel en in 1918 weer naar Frankrijk ging en in 1940 weer even naar Duitsland. Die oorlogen kostten miljoenen militairen en ook steeds meer burgers het leven. Dat alles om de economische macht en daarmee politieke macht. Macht voor het Duitse volk, voor het ras van de Edelgermanen.

    Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog zijn we in Europa tot bezinning gekomen. Dit nooit meer. Nooit meer je beter achten dan die ander, nooit meer wederzijds geweld, nooit meer je opsluiten in je eigen kleine landje en je afkeren van de ander. De lessen leren van het verleden. Het wordt tijd, dat we een groot offensief beginnen tegen dat herlevend nationalisme. Verdeeldheid in Europa kan allen maar ellende brengen.

    Jaargang 9, Nr. 407.

    vrijdag, 15 april 2016

    John Jorna

    John Jorna

    Een prachtige excursie naar Walcheren

    In column van de week, tweede wereldoorlog, zorg, ns, werk, handel, bibliotheek.

    EEN DANKBAAR GEVOEL

    Het is vandaag, 15 april precies twee jaar geleden, dat ik een zware operatie onderging. Ik lag vijf weken in het ziekenhuis, eerst het UMC Utrecht en daarna het Diakonessenhuis. Thuis gekomen was ik nog niets waard, maar een maand of vier later was ik al aardig opgeknapt. Nu zorg ik door elke dag te wandelen of te fietsen en twee keer in de week te fitnessen, dat mijn conditie op peil blijft. Zo kan ik nog veel doen. Dat geeft mij een dankbaar gevoel.

    Zo was ik afgelopen zaterdag in staat een intensieve dagexcursie van onze Historische Kring Tussen Rijn en Lek mee te maken. Die historische Kring bestaat dit jaar vijftig jaar. De kring doet goed werk. Elk jaar zijn er lezingen en kleine excursies en één grote excursie. Er wordt een tijdschrift uitgegeven, waarin leden hun onderzoeksresultaten publiceren. Er is een serie boeken uitgegeven. Er is een archeologische werkgroep actief, want vooral in de omgeving van Houten is er veel uit de Romeinse tijd te vinden, ook wel van daarvoor en daarna. Veel is tentoongesteld in het oude NS-station van Houten. Een lidmaatschap is echt de moeite waard.

    Die excursie ging eerst naar Arnemuiden. We begrepen overigens, dat ze niet veel moeten hebben van dat lied over de klok van Arnemuiden, die maar bleef luiden. Dat lied was door een Groninger gemaakt, bromde de man, die een lezing gaf. Arnemuiden heeft een klassieke scheepswerf voor houten vissersscheepjes, die hoogaars worden genoemd. Arnemuiden lag vroeger aan zee en via het Veerse Gat kon men bij de visgronden komen, waar men op garnalen viste. Het waren zeilschepen, maar bij windstil weer moest er geroeid worden. Men bleef dicht onder de kust en toch zijn er heel wat scheepjes vergaan door plotseling opstekende stormen. Er is wel geprobeerd op deze schepen motoren in te bouwen, maar door het trillen van de motor lieten de houtverbindingen los. Nu zijn er nog een aantal stalen schepen waarmee vanuit Vlissingen gevist wordt. De werf wordt nu alleen voor reparatie gebruikt. We hebben de werf uitvoerig bekeken. Onvoorstelbaar, dat men vroeger met de hand planken zaagde uit eikenstammen.

    ’s Middags bezochten we in Middelburg het Zeeuws Archief. Een oud stadspaleis biedt de medewerkers hun vaak prachtige werkplek. Het publieksdeel met bibliotheek en de archiefzalen zijn er aan vast gebouwd. Het zijn vijf kelderverdiepingen onder elkaar met een zeer zorgvudlige klimaatregeling en luchtzuivering. Het gaat vijftien meter de grond in.

    Midden in Middelburg heb je de abdij, waar nu het provinciaal bestuur zetelt. Middelburg ligt van nature al hoog op de oeverwallen van kweldergeulen, zoals de Arne. Maar door opeenvolgende bouwperioden is de stad steeds hoger komen te liggen en bleef bij de inundatie van Walcheren tijdens het slot van de Tweede Wereldoorlog droog. Middelburg is door de handel vroeger een rijke stad geweest. Dat zie je ook aan de vaak enorme herenhuizen met een grote tuin erachter. De stadswandeling onder leiding van een vrouwelijke gids werd een interessante tocht.

    We waren blij toen we nog even op een terrasje konden uitrusten. Die zijn er veel. We keken terug op een interessante dag. Fijn, dat we het nog kunnen.

    Jaargang 9, Nr. 406.

    Aantal berichten op deze pagina: 30. De berichten op deze pagina zijn niet ouder dan 4767 uur (198,6 dagen). Berichtgemiddelde: 0,2 bericht per dag, 1,1 per week.